Nieuws

In verscheurd Jemen blijft regeren ‘dansen op de hoofden van slangen’

Er wordt hevig gevochten om het laatste bolwerk van de Jemenitische regering-Hadi en het lijkt erop dat de Houthi-rebellen gaan winnen. Maar de minister van Buitenlandse Zaken, Ahmed bin Mubarak, reist onverminderd optimistisch de wereld rond om te voorkomen dat deze zich vermoeid afdraait van zijn door burgeroorlog verwoeste land Jemen.

De Jemenitische minister van Buitenlandse Zaken Ahmad Awad bin Mubarak bij de Verenigde Naties.  Beeld Reuters
De Jemenitische minister van Buitenlandse Zaken Ahmad Awad bin Mubarak bij de Verenigde Naties.Beeld Reuters

Tijdens al zijn ontmoetingen vraagt Bin Mubarak of de internationale gemeenschap af en toe met de vuist op tafel wil slaan, en de grootste tegenstander van zijn regering onder druk wil zetten om te gaan onderhandelen. Maar dat zijn de Houthi’s, en die hebben helemaal geen zin om te praten. ‘Zij denken de hele taart te kunnen krijgen’, verzucht Bin Mubarak tijdens een recent bezoek aan de Jemenitische ambassade in Den Haag. ‘Waarom zouden ze dan genoegen nemen met een stukje?’

De tijd dringt echter voor de regering-Hadi, waar Bin Mubarak deel van uitmaakt. Er wordt al maanden hevig gevochten in het ruige woestijngebied van de provincie Marib, en regeringssoldaten incasseren verlies na verlies. Marib dreigt binnen afzienbare tijd in handen van de Houthi’s te vallen, en als dat gebeurt, zou het een grote klap voor Hadi zijn: onder het zand bevinden zich diepe oliebronnen, en de regio is bovendien het laatste bastion van de internationaal erkende regering-Hadi.

Daar wil Bin Mubarak niet van horen. Het zou een ramp zijn, erkent hij, als Marib zou vallen. Een humanitaire ramp, omdat meer dan een miljoen mensen de oorlog in andere delen van het land zijn ontvlucht en zich nu in Marib bevinden. ‘Maar het is niet ons laatste bastion: de regering-Hadi heeft in totaal 70 procent van het land in handen.’

Daar valt iets op af te dingen. Als je elke partij die een deel van Jemen beheerst een eigen kleurtje geeft, ziet de kaart van het land eruit als een bonte lappendeken. En inderdaad, de kleur van Hadi bestrijkt verreweg het grootste deel, maar daarbij gaat het vooral om onbewoonde stukken woestijn, zonder olie, gas of andere natuurlijke bronnen.

‘Dansen op de hoofden van slangen’

Wie de burgeroorlog in Jemen wil begrijpen, moet terug naar Ali Abdallah Saleh, de man die regeren over dit tribale land ooit vergeleek met ‘dansen op de hoofden van slangen’. Hij kwam in 1978 aan de macht en heeft Jemen dertig jaar lang met harde hand geleid. Pas in 2011, toen de Arabische Lente ook Jemen bereikte, werd hij gedwongen af te treden.

Er werd een overgangsregering gevormd, geleid door Abd Rabbuh Mansur Hadi, maar niet iedereen stond te juichen. Zuidelijke separatisten zagen niets in deze regering, en ook de noordelijke sjiitische Houthi’s voelden zich gepasseerd. En hoewel Saleh deze Houthi’s als president altijd heeft verwaarloosd, rook hij zijn kans toen ze in 2014 optrokken tegen de regering-Hadi. De opportunistische Saleh sloot zich bij hen aan en in 2015 wisten ze samen het presidentiële paleis in Sanaa te veroveren. Het werd echter geen gelukkig huwelijk: in 2017 werd Saleh door de Houthi’s vermoord.

Ondertussen kreeg Hadi, die naar het buitenland was gevlucht, hulp van een internationale coalitie onder leiding van Saoedi-Arabië. Deze soennitische landen moesten niets hebben van de sjiitische Houthi’s, die bovendien gesteund werden door aartsrivaal Iran, en dachten de rebellen wel even terug te dringen met hun militaire overmacht.

Dat bleek niet het geval en sindsdien zijn tienduizenden Jemenieten om het leven gekomen en miljoenen mensen op de vlucht geslagen: voor de Houthi’s, voor de Saoedische bombardementen, voor zuidelijke opstandelingen of voor organisaties als Al Qaida en Islamitische Staat, die ook stukjes van de taart afsnoepen. Ondertussen komen voedsel- en medicijntransporten het land nauwelijks binnen omdat de Saoedi’s havens en vliegvelden blokkeren (in de hoop wapenleveranties aan de Houthi’s tegen te houden). De Verenigde Naties waarschuwen regelmatig dat de hongersnood miljoenen Jemenieten bedreigt – enkele weken geleden werd de noodklok wederom geluid.

Ontvoerd door de Houthi’s

De afgelopen jaren zijn er aan de onderhandelingstafel talloze pogingen gedaan om tot een vredesregeling, of in elk geval een staakt-het-vuren te komen, maar die zijn allemaal mislukt. Dit tot grote frustratie van Bin Mubarak, die bij al deze gesprekken was betrokken. Dat maakt hem ook tot een doelwit van de Houthi’s: in 2015 werd hij ontvoerd en tien dagen lang vastgehouden. ‘Ik werd vrijgelaten op voorwaarde dat ik Jemen zou verlaten, en sindsdien ben ik niet meer teruggeweest in Sanaa, de stad waar ik vandaan kom. Toen de Houthi’s me een paar maanden later in Genève zagen, als lid van een delegatie, stuurden ze me foto’s van mijn slaapkamer, om te laten zien dat er nu iemand anders slaapt.’

Bin Mubarak is niet de enige die aan het dode paard probeert te trekken. Joe Biden zei bij zijn aantreden als president dat hij een einde aan deze oorlog wil maken en enkele weken geleden is er een nieuwe gezant van de Verenigde Naties aangetreden die probeert de onderhandelingen nieuw leven in te blazen. Ook Saoedi-Arabië is het zat en hoopt op een oplossing.

Maar waarom zouden de Houthi’s? Zij hebben het noorden en midden van het land al stevig in handen, en lijken met geweld nog meer binnen te kunnen halen. In februari openden zij het offensief om Marib, en zijn daar aan de winnende hand.

Desondanks blijft Bin Mubarak geloven in een politieke oplossing. ‘Je moet nooit hoop verliezen’, zegt hij met een opvallend zonnige glimlach. ‘In Jemen moet je altijd optimistisch zijn.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden