In Uruzgan heerst gespannen rust

Willekeurige burgers doorzeefd met kogels, vermoord door mannen op een brommertje op de centrale rotonde van de stad, op drie achtereenvolgende dagen. De exacte identiteit van de daders is onbekend, maar waarschijnlijk gaat het om een criminele bende die de burgerbevolking wil laten weten: wij zijn hier de baas.

DEN HAAG/KABUL - Dit gebeurde twee maanden geleden nog in Tarin Kowt, zegt de enige Nederlander die er nog woont. Lou Cuypers helpt in de hoofdstad van Uruzgan al jarenlang boeren bij het verbouwen van saffraan. Hier vochten Nederlanders tussen 2006 en 2010 tegen de Taliban en probeerden ze de sympathie van de bevolking te winnen met wederopbouwprojecten.


Inmiddels heeft politiechef Matiullah Khan paal en perk gesteld aan het willekeurige geweld in de provinciehoofdstad. 'Het is niet langer toegestaan om met twee man op een brommertje te rijden. Het is een lapmiddel, maar het helpt wel', zegt Cuypers.


Eind deze maand houdt de Nederlandse militaire bemoeienis in ook die andere Afghaanse provincie, Kunduz, op. Daarmee komt een eind aan de inzet van Nederlanders op de grond in Afghanistan. Uit de provincie Uruzgan vertrokken de laatste Nederlandse militairen drie jaar geleden al. Hoe is het die provincie sindsdien vergaan?


'Er worden inmiddels minder vaak geweldsdoden naar het ziekenhuis gebracht', zegt een 38-jarige Afghaanse arts, die niet met zijn naam in de krant wil. Hij wil maar zeggen: sinds het vertrek van de Nederlanders is het misschien zelfs wel iets veiliger geworden in Uruzgan. Maar: 'Als álle buitenlanders weggaan, ook de Australiërs en de Amerikanen, dan zal de veiligheidssituatie zeker verslechteren.'


Dat schetst ook hulpverlener Lou Cuypers: 'We hebben net een periode achter de rug van twee of drie bomaanslagen per week. Er is een machtsvacuüm aan het ontstaan omdat de Amerikaanse en Australische militairen minder naar buiten gaan. Dus voor de Taliban wordt het makkelijker om aanslagen te plegen.' De jihadisten slaagden er vorige week nog in om bij een politiepost een bermbom te plaatsen.


Als in november de laatste westerse militairen uit Uruzgan vertrekken zullen gevechten onder Afghanen onderling toenemen, denkt Cuypers. 'Dan worden de kaarten opnieuw geschud. Wie wordt de machthebber in het gebied? Er gaan flinke klappen vallen.'


Hoe gaat het met het opbouwwerk in Uruzgan? De kwaliteit van de ziekenhuizen, scholen en infrastructuur is verbeterd sinds de bemoeienis van westerlingen, vinden de Afghanen. 'De ziekenhuizen zijn nu beter', zegt benzineverkoper Samtullah (24) uit Tarin Kowt per telefoon. De asfaltweg van Tarin Kowt naar Chora, aangelegd met Nederlands geld, is 'veilig', zegt de 19-jarige scholier Abdul Basir. 'Soms ga ik picknicken met vrienden en dan neem ik die weg.' Er gingen in het afgelopen jaar wel een paar bermbommen af.


Afghanen laten per telefoon weten tussen hoop en vrees te leven. 'De Taliban zijn de stad Tarin Kowt redelijk dicht genaderd', zegt Cuypers, die in het militaire kamp bij de Australiërs woont. Dat ze terugkomen, staat voor hem als 'een paal boven water'.


Maar een terugkeer van de Taliban betekent niet dat het opbouwwerk voor niets is geweest, zeggen Cuypers en de Afghanen. De Taliban zijn niet tegen goede gezondheidszorg, wegen of scholen. Maar de meisjesscholen gaan vrijwel zeker dicht, schatten ze in.


Er zal druk ontstaan, vooral op Afghanen die hebben gewerkt met de buitenlanders. 'Bouwvakkers verliezen hun baan', denkt de Afghaanse arts. 'Afghanen die hebben gewerkt op het kamp krijgen problemen met de Taliban', zegt leraar Sanaullah Nuri (25).


Ook voor Cuypers wordt het er niet gemakkelijker op. 'Na het verdwijnen van de militaire basis moeten we op onszelf in stad gaan wonen. Dan moet je partij kiezen: van wie ga je een huis huren? Bij wie huur je bewaking in? Het wordt er niet makkelijker op.' Cuypers zal eind van dit jaar vermoedelijk stoppen met zijn werk als saffraanboer en zal zich gaan concentreren op de Afghaanse hoofdstad Kabul.


Wat er straks overblijft van de Nederlandse stempel in Uruzgan? Cuypers: 'Het gaat vast niet allemaal in elkaar klappen. Ik denk dat 60 tot 70 procent van het opbouwwerk overeind blijft. Er is veel vooruitgang geboekt sinds 2007. Maar we zullen nu wel weer achteruit gaan. De vraag is: hoeveel stappen?'


De Nederlandse ambassadeur Han Peters wijst erop dat Afghanistan een van de armste landen ter wereld is. 'Je kunt niet in een paar jaar een heel land veranderen. Ontwikkeling is per definitie kwestie van lange adem.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden