In strijd met de goede smaak

Bewering:

'Smaaklessen laten kinderen beter en gezonder eten.'


'Het lesprogramma Smaaklessen helpt kinderen bij de ontwikkeling van een verantwoord eetpatroon. Dat blijkt uit een studie van Wageningen UR onder circa 1.200 leerlingen van groep 5 t/m 8 van de basisschool. Hoe meer Smaaklessen kinderen volgen, hoe meer ze er op gaan letten of ze gezond en gevarieerd eten. De uitkomsten pleiten voor een volledige inzet van het lesprogramma.'


Aldus de eerste alinea van het persbericht van de universiteit Wageningen. Het is woordelijk overgenomen uit de samenvatting van het onderzoeksrapport Evaluatie van Smaaklessen, uitgevoerd door Marieke Battjes-Fries, Ellen van Dongen en Annemien Haveman-Nies van de universiteit, die het onderzoek uitvoerden in opdracht van het ministerie van Economische Zaken. Voordat de overheid besluit tot volledige inzet van het lesprogramma, is het wellicht verstandig iets verder dan de eerste alinea te kijken.


Smaaklessen werd in 2006 ontwikkeld door Wageningen UR om basisschoolleerlingen 'op speelse wijze in contact te brengen met gezonde en duurzame voeding'. Welke smaken zijn er? Hoort ontbijtkoek thuis in de Schijf van Vijf? Hoe wordt sinaasappelsap gemaakt? Zou je dit product (nog eens) willen proeven?


Aan het onderzoek namen ruim 1.100 leerlingen in de bovenbouw van 21 basisscholen deel. In de ene helft van de scholen werd Smaaklessen gegeven (de 'interventiegroep'), in de andere helft niet (de 'controlegroep'). De bedoeling was, uiteraard, dat er vooraf niet te veel verschil tussen de groepen was, maar dat is niet helemaal gelukt: in de interventiegroep zaten tweemaal zoveel allochtone kinderen (33 tegen 17 procent), minder openbare scholen (30 tegen 74 procent) en weinig grote scholen (0 tegen 34 procent). Aan het begin van het schooljaar, aan het eind, en aan het begin van het volgende schooljaar moesten de kinderen steeds vragenlijsten invullen.


Het enthousiasme voor het lesprogramma daalde zo te zien snel onder de leerkrachten. In de eerste lessen lieten zij zowat de helft van de bijgeleverde opdrachten uitvoeren, aan het eind werd amper nog een opdracht uitgevoerd. De leerlingen vonden het wel leuk, zij waardeerden het lesprogramma met een 8-min.


En het scheelde in kennis over eten. Die ging in de interventiegroep van een 5,8 naar een 6,9, in de controlegroep van een 6,5 naar een 7. Inderdaad iets beter, maar niet dat je zegt een sterk effect. Ook het bewustzijn over gezond eten ('Als ik iets ga eten, kijk ik of het er lekker uitziet') nam wat meer toe: de interventiegroep ging van 5,5 naar 5,8, de controlegroep van 5,6 naar 5,7. Jammer genoeg was de winst na de vakantie verdampt en zakte de interventiegroep terug naar 5,5, de controlegroep weer naar 5,6. De interesse om iets onbekends te proeven - ook een belangrijk oogmerk van Smaaklessen - nam niet toe of af, die bleef overal steeds rond de 6,7. Goede voornemens waren er genoeg: met Smaaklessen was de intentie om iets nieuws te proberen na een jaar toegenomen van 7,2 naar 7,4, in de controlegroep zelfs van 7,3 naar 7,7.


Maar het sterkste zwakke effect wist helaas zijn weg naar de samenvatting en het persbericht niet te vinden. De 'emotie' (met vragen als: 'Onbekende producten proeven vind ik leuk') nam in de groep kinderen die Smaaklessen kregen, beduidend meer af dan in de niet-blootgestelde groep: van 5,3 naar 5,1 tegen 4,8 naar 4,7. Na de vakantie was het enthousiasme in de interventiegroep nog iets verder getaand, daar werd nu gemiddeld nog maar een 4,8 gescoord, terwijl de controlegroep weer terugging naar 4,8. De Smaaklessen leidden er uiteindelijk dus toe dat kinderen het significant nog minder leuk en stoer vonden om eens wat nieuws te proeven. Dat kan toch niet de bedoeling zijn, noch van de overheid, noch van de leerkrachten, noch van de ouders. Die volledige inzet moet misschien maar even wachten tot iedereen het hele rapport heeft gelezen.


Oordeel:

Jammer genoeg is het na de vakantie weer oude koek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden