In Seoul gaat het leven na de nucleaire tests gewoon door, alsof er niets is gebeurd

We spreken erover met een Zuid-Koreaanse grootmoeder en haar kleinzoon

Het is slechts enkele uren nadat Noord-Korea voor de zesde keer een nucleaire test heeft uitgevoerd, maar in de populaire winkelstraat Gyeongridan in het centrum van Seoul is daar niks van te merken. In het barbecuerestaurant 'Welbevinden' roosteren de klanten hun varkensvlees alsof er niets is gebeurd. Twee tienermeisjes vergapen zich voor dierenwinkel Premium aan de jonge katjes die achter het raam worden aangeboden.

Portret van de Zuid-Koreaanse grootmoeder en kleinzoon Kim Okhee (82) en Jeon Yongwon (29) op het dak van hun appartement aan de Han-rivier in Seoul, Zuid-Korea. Foto Jun Michael Park

Het is voor buitenstaanders een terugkerende verbazing in Seoul: het regime van Kim Jong-un vuurt de ene na de andere testraket af en dreigt regelmatig de stad in een 'zee van vuur' te veranderen, maar de gemiddelde inwoner slaapt er geen minuut minder om.

'Eerlijk gezegd ben ik met andere dingen bezig. Ik krijg het natuurlijk wel mee, maar ik besteed er geen aandacht aan.'

Aan het woord is de 29-jarige programmeur Jeon Yongwon. Naast hem zit zijn oma Kim Okhee, 82 jaar oud. We spreken hen aan de andere kant van het centrum, in een koffietentje op een steenworp van de Hyundai-flat waar ze samen met de ouders van Yongwon wonen. Onderwerp van gesprek: de dreiging uit Noord-Korea. Zijn de Zuid-Koreanen dan toch niet een beetje bang voor de oorlogstaal uit het noorden? En hoe denkt oma Okhee, die 17 was toen de Koreaanse oorlog uitbrak, erover? Denken de generaties er verschillend over?

Okhee, die warrig zwartgrijs haar en pretoogjes heeft, praat veel over die 'vreselijke' oorlog, waarbij miljoenen slachtoffers vielen. 'Het was een en al lijden. Ik kan er wel een boek over volschrijven.' Okhee zag de Noord-Koreaanse troepen op 25 juni 1950 Seoul binnenmarcheren, vluchtte met haar familie honderden kilometers naar de meest zuidelijke provincie en vond drie jaar later de stad inclusief het ouderlijk huis totaal verwoest terug. Vooral de vlucht uit Seoul maakte indruk. 'Er lagen overal spullen die mensen onderweg hadden moeten achterlaten. Soms moesten we een heel stuk kruipen vanwege het gevaar van bombardementen. Overal langs de weg lagen doden en hoorde je het huilen van kinderen.'

Na de oorlog werd Okhee door de plaatselijke apotheker, die bijverdiende door jonge mensen aan elkaar te koppelen, voorgesteld aan haar toekomstige echtgenoot: een jongen uit het noorden. 'Hij was al jaren hier, had voor de oorlog in Seoul gewerkt als politierechercheur. Alleen een oom van hem was ook hier, de rest van zijn familie was overleden of nog in Noord-Korea. Hij heeft niemand van hen ooit weer gezien of gesproken.'

Op dit punt interrumpeert de wat verlegen Yongwon. 'Ik hoor dit ook allemaal voor het eerst hoor', zegt hij, terwijl hij aan zijn beker grapefruitijssiroop frummelt. Dat zijn opa uit Noord-Korea afkomstig was, heeft hij al die tijd nooit geweten. Als Yongwon even later buiten een sigaretje rookt, vragen we oma waarom ze haar kleinzoon haar geschiedenis nog nooit heeft verteld. 'Ach, hij zou toch niet luisteren', antwoordt Okhee. 'Hij is niet geïnteresseerd in dat soort dingen.'

Yongwon, die computerwetenschappen studeerde en deze week aan zijn eerste baan begint bij een softwarebedrijf, vertelt dat hij weliswaar 'nooit zoveel nadacht over Noord-Korea', maar dat er thuis ook nooit over werd gesproken. 'Oma vertelt nooit over dit soort dingen. Het enige wat ze altijd zegt is: je moet hard studeren.'

Geen zorgen

Pas toen Yongwon in 2010 voor dik twee jaar in militaire dienst moest, ging het conflict een beetje voor hem leven. Vlak na zijn aankomst werd een Zuid-Koreaans oorlogschip, de Cheonan, met een torpedo geraakt en tot zinken gebracht; 46 soldaten kwamen om het leven. Volgens Zuid-Korea moest de torpedo door een Noord-Koreaanse onderzeeër zijn afgevuurd. 'Het voelde alsof de oorlog elk moment kon uitbreken. Onze rugtas stond altijd gepakt klaar zodat we elke minuut zouden kunnen vertrekken. Soms liet de commandant ons naar huis bellen om afscheid te nemen. Toen was ik wel bang, ik had die dreiging nog nooit zo gevoeld.'

Die ervaring heeft er niet toe geleid dat Yongwon zich nu meer zorgen maakt over Noord-Korea. 'Eerlijk gezegd is het gevoel na mijn diensttijd weer weggeëbd. Nu ben ik weer met andere dingen bezig.'

Opmerkelijk, omdat de politieke spanningen op het Koreaanse schiereiland zijn toegenomen sinds Kim Jong-un in 2012 aan de macht kwam in Noord-Korea. Vorig jaar vuurde het regime 23 testraketten af en werden maar liefst twee nucleair tests uitgevoerd. Dit jaar vuurde het regime voor het eerst met succes een intercontinentale raket af die Amerika zou kunnen bereiken. Vorige maand dreigde de Amerikaanse president Donald Trump Noord-Korea met 'woede en vuur' als het iets tegen de Verenigde Staten zou ondernemen. Eerder zei hij dat een preventieve aanval tegen Noord-Korea tot de mogelijkheden behoort. Experts verwachten dat Noord-Korea in een wraakactie dan als eerste Seoul onder vuur zal nemen. Doet dit dan niets met de Zuid-Koreanen?

'Helemaal niets', zegt Yongwon resoluut. 'De woorden betekenen niks voor ons. Pas als er echt iets gebeurt, gaan we ons zorgen maken.'
'Nee, totaal niet', aldus Okhee. 'Ik heb al zo veel over de spanningen en de dreiging gehoord. Eerlijk gezegd ben ik er na al die jaren wel klaar mee.'

Hamsteren heeft geen zin

Vooral in de eerste twee decennia na de wapenstilstand - die tot op de dag van vandaag geldt - bleven de Koreanen angstig voor een nieuwe confrontatie, vertelt Okhee. 'We kregen regelmatig de waarschuwing dat we genoeg rijst en noodles moesten hamsteren. Dat deed wel wat. Ik had jonge kinderen en maakte me zorgen over waar ik naartoe zou moeten als het weer oorlog zou worden.'

Tegenwoordig, nu Noord-Korea massavernietigingswapens in handen heeft, voelt het anders, zegt ze. 'We zijn nu op een moment aangekomen dat we eigenlijk niks kunnen doen als Noord-Korea aanvalt. Het heeft geen zin om eten op te slaan, want als ze ons bombarderen, zijn we allemaal verloren.'

Hoewel Okhee en Yongwon zich dus allebei weinig zorgen zeggen te maken, verschillen ze wel van mening over de waarschijnlijkheid van zo'n oorlog. Volgens de kleinzoon is de kans heel klein dat het daadwerkelijk tot een gewapend treffen komt. 'Kim Jong-un is alleen geïnteresseerd in het behoud van zijn macht. Hij heeft het meeste te verliezen, dus zal hij nooit echt op een oorlog aansturen. Er moet echt iets heel bijzonders gebeuren, wil het zover komen.'

Zijn oma is bang dat de jonge generatie op dit punt soms wat te zorgeloos is. 'Mensen denken al snel dat de oorlog nooit zal uitbreken. Ze zeggen: 'Oh, het is al zo lang geleden'. Maar het kan natuurlijk wel. Dat is niet erg voor mij, ik ben al oud, maar voor mijn kleinkinderen ligt dat anders. Daar maak ik me wel zorgen over.' Ook na de jongste nucleaire test gaat het leven door. Yongwon is zenuwachtiger over zijn eerste werkdag dan over de test, ook al noemt hij het diplomatiek 'een ernstige situatie'. 'Ik hoop dat Trump en onze president Moon Jae-in een diplomatieke doorbraak kunnen forceren.'

Okhee is vandaag naar de kerk gegaan - waar ze heeft gebeden voor een vreedzame hereniging tussen de beide Korea's. Daarna was ze in het seniorencentrum, waar ze 'keer op keer' hoorde over de nucleaire test. Ze had het toch wel eng gevonden, zegt ze. 'Als zo'n bom op de stad valt, kan iedereen sterven. Dat mag nooit gebeuren.'