In Oeteldonk vragen ze: hedde ge zin?

De ‘buitenlui’ mogen best canaval komen vieren in Oetel-donk. ‘Als ze zich maar aan de spelregels houden.’..

Als Rob van de Laar carnavalsvierders onderscheidt in ‘zomaars’ en ‘bewusten’, is na een paar zinnen al duidelijk aan welke kant hij staat. Groter bewustzijn wordt niet vertoond beneden de grote rivieren. Van de Laar weet zo veel van de geschiedenis dat hij zichzelf carnavalshistoricus mag noemen. Maar bovenal is hij een Oeteldonker.

Bosschenaar Van der Laar is een telg uit een middenstandsgezin waarvoor dialect destijds uit den boze was. Maar halverwege februari wordt niets anders van hem verwacht. Dus als iemand hedde d’r zin in tegen Van de Laar zegt, antwoordt hij wat denkte gij.

Het dialoogje-van-twee-vragen-die-geen-antwoord-behoeven wordt opgetekend in het Oeteldonks Gemintemuzejum. Sinds vijf jaar vertelt dit poortgebouw de geschiedenis van het wereldwijde carnaval en dat van Oeteldonk in het bijzonder, zoals Den Bosch dezer dagen heet.

De gemeente heeft de stichting van het museum mogelijk gemaakt en die geste maakt volgens Van de Laar duidelijk welk belang het carnaval vertegenwoordigt. ‘Onlangs heeft het college van Den Bosch ons feest uitgeroepen tot een van de culturele hoogtepunten van het jaar.’

Daarom zal Van de Laar geen eenduidig antwoord geven op de vraag of de viering minder wordt. Natuurlijk, de welvaart die wintersportvakantie heet, doet het carnaval geen goed. Natuurlijk, het aantal ‘zomaars’ overstijgt in steeds ruimere mate het aantal ‘bewusten’. Maar dankzij het carnaval heeft de gemeenschapszin ook wortel geschoten in Den Bosch.

Hijzelf heeft daarin een grote rol gespeeld. Ruim tien jaar geleden trad Van de Laar aan als voorzitter van de verantwoordelijke Oetel-donksche Club van 1882, met de bedoeling er weer ‘een stijlvolle viering’ van te maken. Een jaar voor zijn aftreden kan hij vaststellen dat dat is gelukt.

De geschiedenis van zijn genootschap gaat terug tot 1882, toen de bisschop een stokje voor het carnaval wilde steken. Monseigneur Goldschalk ergerde zich ‘bij het zien en horen van zo veel ontstichting’.

Een aantal Bosschenaren van aanzien, verenigd in de Oetel- donksche Club, keerde zich tegen de bisschop en bedacht een spel om het drankgelag weer cachet te geven. Daarin verandert Den Bosch drie dagen lang in het dorp Oeteldonk met zijn burgemeester Peer van den Muggenheuvel, met zijn veldwachter Driek Pakaon, met zijn boertjes en boerinnetjes als inwoners, en met zijn hooggeëerde gast, carnavalsprins Amadeiro.

Rob van de Laar wilde dat spel nieuwe impulsen geven. ‘Doordat je een eigen verhaal te vertellen hebt, komt carnaval veel meer tot leven.’ Wie in Den Bosch uit eten gaat, krijgt de geschiedenis via placemats opgediend. De Oeteldonksche Club maakte er zelfs een onderwijsproject van.

Van de Laar gelooft niet dat carnaval ooit nog zo intensief wordt gevierd als in de jaren zestig, maar het heeft weer wortel geschoten in alle lagen van de gemeenschap. ‘Mensen komen naar ons toe omdat ze graag een steentje willen bijdragen, maar we kunnen ze niet kwijt. Alle commissies zitten overvol. Ook allerlei aanverwante feesten, zoals het carnaval voor 55-plussers, zijn veel meer in trek dan een paar jaar geleden.’

Als het carnaval ergens onder druk staat, is het in de omliggende gemeenten. ‘In de dorpen is het een probleem om goede bestuurders te vinden. De mensen die je wilt hebben, ontbreekt het aan tijd. Bovendien speelt de grote mobiliteit de dorpen parten. Iedereen trekt naar de grote stad.’

De buitenlui zijn van harte welkom als ze maar beseffen dat carnaval geen evenement is en Oeteldonk geen toeristisch curiosum als Volendam. ‘Het is ons feest en je mag gerust komen, maar je moet je wel aan onze spelregels houden.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden