In Luxemburg hoor je rosé te drinken

Gaan we nog weg deze zomer, of blijven we thuis? Na lezing van Kort verhaal nummer 2 wordt de tweede optie steeds aanlokkelijker.


In 'Christus met barbecuesaus' van Charles Bukowski krijgt de jonge hippie Bruce een lift van een stel Amerikanen dat dol zegt te zijn op hippies. 'Tot waar gaan jullie', vraagt Bruce. Antwoord: 'Tot het einde, knul, en we brengen je er helemaal heen.' Waarna de chauffeur het op een angstwekkend lachen zet. Maar het is voor Bruce al te laat om uit te stappen.


Dan is daar ook het stel op Sicilië uit 'Lascia' van Judith Hermann. Zij maken met de Roemeense chauffeur Francesco een tochtje naar de Etna. De auto is een wrak, de man rijdt levensgevaarlijk en draait cassettes met vreselijke Roemeense muziek. 'De kraterrand was niet breder dan een voetpad, ik was duizelig, de wind benam me de adem, ik voelde me koortsig.'


En dan is er de verteller uit 'Gelukkig in Luxemburg' van Robert Menasse, die lang moet wachten op zijn vliegtuig naar Wenen. 'Ik dronk rosé. De enige persoon die ik in Luxemburg kende dronk altijd rosé. Ik dacht, dat doen ze hier zo. De tijd verstreek niet. Ik moest iets doen. Ik ging naar een ander café.'


De andere verhalen bewaar ik voor onderweg, anders kom ik mijn huis deze hele zomer niet meer uit.


Kort verhaal nummer 3. ****


Mouria; 160 pagina's; € 10,-. ISSN 2210-4259.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden