In Kinshasa heerst het ongeregeld tuig

Op de Boulevard van de Zege, naast het Stadion der Martelaren, oefent de nieuwe volksmilitie van Laurent Kabila. Jongens en meisjes, meest tieners en twintigers, leren geestdriftig de eerste militaire passen en bevelen....

Van onze correspondent

Hans Moleman

KINSHASA

De commandant, gehuld in camouflagepak, goudgerande zonnebril op de neus, komt aanrijden op een crossbrommer. Hoeveel nieuwe troepen hij wel heeft, mon commandant? Hij wijst trots naar de zandvlakte, waar op het blote oog enkele duizenden jongeren ronddrentelen. 'We hebben in drie dagen tijd vijftig compagnieën gevormd van ieder 150 vrijwilligers. Binnenkort zijn ze klaar om ons leger te helpen het land te zuiveren van de vijand.'

De Forces Armées Congolaises kunnen de verse menskracht goed gebruiken. Het regeringsleger van de Democratische Republiek Congo leed bijna twee weken geleden een gevoelig verlies toen president Kabila zijn Rwandese hulptroepen naar huis stuurde, de soldaten die hem veertien maanden geleden aan de macht hielpen. Diezelfde Rwandese Tutsi-soldaten zijn nu de grote vijand, omdat ze vorige week de Kivu-provincie in het oosten van het land bezetten.

Maar volgens Kinshasa zijn de kansen aan het keren. 'Ons glorieuze leger heeft sinds gisteravond de stad Bukavu weer in handen', meldt de minister van informatie dinsdagochtend trots in de hoofdstad. Bukavu is een van de strategische plaatsen in het oosten van het land, op tweeduizend kilometer van Kinshasa.

Ook dichterbij de hoofdstad, aan de Atlantische kust waar sinds vorige week enkele honderden Tutsi-rebellen dankzij een luchtbruggetje met drie gekaapte transportvliegtuigen de strategische monding van de majestueuze Congo-rivier beheersen, zou het regeringsleger in de tegenaanval zijn. Volgens onbevestigde berichten zijn de rebellen teruggedrongen tot de olieraffinaderij.

Dat Congo theoretisch in staat moet zijn de aanvallers uit te schakelen, lijkt aannemelijk voor wie slechts naar de getallen kijkt. Het grote Congo heeft ruim veertig miljoen inwoners, het in verhouding piepkleine Rwanda vijf miljoen. Maar het Rwandese leger is wel een ervaren, goed geleide gevechtsmachine, waartegen een amateurische volksmilitie weinig kans maakt. En als Uganda inderdaad het strijdperk betreedt, wordt het alleen maar erger.

De vrees bij buitenlandse waarnemers in Kinshasa is dan ook dat de vrijwilligerspelotons van het Stadion der Martelaren vooral zullen worden ingezet in de hoofdstad. De paar duizend reguliere regeringssoldaten die Kinshasa nu bewaken kunnen dan worden ingezet in het westen en het oosten van de Congo.

De verwachting is dat de regering zal proberen de bezette olieraffinaderij aan de Atlantische kust driehonderd kilometer van Kinshasa te heroveren. Strategisch is dit van wezenlijk belang, omdat de hoofdstad anders binnen een week zonder brandstof zit.

Voor de strijd in het oosten rekent Kinshasa volgens lokale kranten op de steun van Hutu-milities in de regio. Het waren juist deze gewapende bendes die de Tutsi's van Rwanda deden besluiten het oosten van Congo als 'bufferzone' in te nemen. Rwanda wil de garantie hebben dat de Hutu-rebellen geen aanvallen meer op zijn grondgebied kunnen uitvoeren.

Over de discipline van de strijders mogen geen illusies worden gekoesterd, na de klopjacht die het Congolese leger in Kinshasa opende op de Tutsi-minderheid, plus de melding van regeringszijde dat de Tutsi's in het bezette oosten met de 'uitroeiing' van de Congolezen zijn begonnen. Wie met vrijwilligers van de nieuwe volksmilitie praat, hoort louter etnische haatkreten, de echo van de propagandacampagne die de regering-Kabila tegen de Tutsi's is begonnen.

In Kinshasa lopen al jongens van amper veertien jaar met Kalasjnikov-geweren op straat. 'Heb je bier voor me', vraagt een regeringssoldaat 's ochtends als hij onze auto aanhoudt bij een wegversperring. 'Dit soort ongeregeld tuig heeft het nu voor het zeggen', zucht een waarnemer. 'Er is geen enkele discipline, ze denken dat ze met een wapen in de hand kunnen doen wat ze willen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden