In Ilovajsk verloor Kiev het Oosten

De nederlaag bij de slag om Ilovajsk in Oost-Oekraïne gaf bij de Oekraïense regering de doorslag om zelfbestuur aan te bieden aan de separatisten. De stad krabbelt op.

Inwoners van Ilovajsk die door de pro-Russische separatisten zijn opgepakt, verzamelen aluminium en koper uit uitgebrande treinstellen. Beeld Foto Maria Tuchenkova

Het hondje van Nadezjda Konstantinovna draait zich nog een keer om. De kleine krater in het asfalt dient voor het beest als mand. Van auto's geen last, de wegen in Ilovajsk zijn dusdanig gehavend dat bijna iedereen stapvoets rijdt. Er klinken een paar luide knallen, maar daar kijkt niemand meer van op - ook het hondje niet.

'Als ik naar het huis van mijn buurvrouw kijk, springen de tranen me in de ogen', zegt Nadezjda Konstantinovna, hand voor haar mond. Bijna alle huizen in het kleine straatje zijn gehavend. Soms zijn ze met de grond gelijk gemaakt, soms is er alleen schade van bomscherven. Nergens zijn de ramen intact. 'Ik heb alleen dat ding in mijn dak zitten', verzucht ze. Dat ding is een blindganger, een raket die niet is afgegaan. 'Ik ben op tijd uit deze heksenketel gevlucht, te voet. Ik weet niet meer hoe lang ik heb gelopen, net zo lang tot ik hier weg was.' Op hakken loopt de vrouw van middelbare leeftijd nu door wat eens haar tuin was. Ze stut de kozijnen, raapt het glas op en is de hele dag in de weer om cement te kopen.

Drieëntwintig dagen lang is het kleine Ilovajsk bestookt geweest door zowel het Oekraïense leger als de rebellen. Ingesloten en omsingeld vochten de pro-Oekraïense bataljons tegen de opstandelingen. Er kwam hulp, maar de hulp kwam te laat. Ilovajsk is een slachting geworden. De verloren slag om de stad is de belangrijkste reden dat de Oekraïense regering concessies heeft gedaan en het leger zich terugtrekt. Kiev heeft de rebellen een vorm van zelfbestuur aangeboden voor de regio's Donetsk en Loehansk. De tegenstander is te sterk. Zelfs een politiek bedongen vrije doorgang voor de achtergebleven soldaten werd gesaboteerd. Vlak buiten de stad liggen de pantservoertuigen, vrachtwagens en tanks als schroot in de berm. Honderden kwamen er bij de slag om Ilovajsk om het leven. 'Niks honderden, het waren er 3.500', lacht Givi, de rebellencommendant die in een auto met zijn geuzennaam als kenteken rondrijdt. Voor de oprit van zijn basis staan jonge jongens in militaire pakken. Kinderen, al zeggen ze netjes dat ze 19 jaar oud zijn. Givi is zelfverzekerd. Op de binnenplaats van het pand dat de rebellen bezet hebben sleutelen mechanici aan een raketinstallatie.

Sterker

'De stad komt langzaam weer tot leven', legt Givi uit. 'Sommige delen hebben weer stroom, ook het water komt terug. De telefoonlijnen doen het nog niet, maar daar werken we aan.' Aan de toezeggingen van president Petro Porosjenko en de belofte dat de regio's de komende drie jaar autonoom blijven, heeft hij lak. 'Wat wil dat zeggen, dat wij onze eigen grond een tijdje mogen huren? Porosjenko ziet het verkeerd. Oekraïne is als land verloren. Morsdood. Dit is ons land, wij hebben er eervol voor gevochten', legt hij uit. 'Iedereen die anders denkt, is debiel, schrijf dat maar op.' Zijn kabinet hangt vol landkaarten, wie er binnenstapt moet de voeten vegen aan een Oekraïense vlag. 'Die Oekraïners hebben al hun materiaal op ons afgeschoten, ze hebben al hun bataljons hier losgelaten die zo graag superman wilden spelen. Debielen! Wij zijn simpelweg sterker.'

Als scheidslijn loopt een drukke spoorroute dwars door Ilovajsk. Aan de ene kant van het spoor zijn de kleine, zelfgebouwde huisjes, aan de andere kant de flats voor de arbeiders van het enorme treindepot. De bewoners hebben uit wanhoop witte lintjes aan hun deuren geknoopt.

Bijna alle huizen in de buurt van de school aan de Lomonosovstraat liggen in puin. Het schoolpand was de basis van het pro-Oekraïense bataljon Donbas. De ramen en deuren zijn gebarricadeerd met kinderstoeltjes. De gymzaal diende als ziekenboeg, de naalden en verdovingsmiddelen liggen er nog, de springkussens als operatiebedden. Drie onderwijzers lopen met stoffer en blik door het pand, zonder echt te weten waarom.

Het pand is voor de winter niet meer te redden. 'Het is nu al koud', zegt Viktoria. 'Maar we gaan gewoon maar naar school, zoals het hoort', zegt ze. De kleine nerveuze Viktoria is de schoolpsychologe. Ze wijst naar de munitiekisten en de graven in de speeltuin. Of de afgelopen maand zwaar was voor de kinderen durft ze niet te zeggen. 'Ik heb 23 dagen in deze hel doorgebracht, en ik weet niet eens of ik zelf nog wel in orde ben.' In een ander klaslokaal laat Viktoria de boodschappen zien die de strijders van het bataljon hebben achtergelaten. 'Drie spelfouten', zegt een van de onderwijzeressen streng.

Ook het enorme treindepot is onder vuur gekomen. Het lijkt nog het meest op een apocalyptische scène uit een videospel. Aan alle kanten is het pand beschoten, grote locomotieven staan uitgebrand op de rails. Het dak is kapot, het metaal is verwrongen. Vrijwilligers strippen de treinen en locomotieven van koperdraad. 'Zo zamelen we geld in om het ziekenhuis op te knappen', zegt een jongens.

Hij liegt. Zijn kameraden verderop leggen uit dat ze door de rebellen worden gedwongen. 'Ik wilde mijn dochter hier ophalen, maar ik had geen documenten. En ik heb geen geld. Ze hebben me gevangengezet, nu zit ik hier', vertelt Alexander. Het gruis zit tot diep in zijn oren. 'Mijn dochter is elf. Ik denk dat ze is geëvacueerd, maar ze hebben ook mijn telefoon afgepakt', zegt hij. Anderen hebben tijdens de belegering te veel gedronken of zijn de avondklok vergeten. Nu strippen ze treinen. Voor straf, al zitten ze daar niet erg mee. 'Alles beter dan de dagelijkse bommenregen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.