In Holambra juichen de nazaten van de Hulshofjes voor Oranje

Het is een bijzonder stukje Nederland in Brazilië. Holambra, de stad van Nederlandse emigranten, is niet alleen nu rood-wit-blauw gekleurd.

HOLAMBRA - Als Memphis Depay de 3-2 tegen Australië binnenschiet, draait de bierfiets een extra rondje onder een dak van rood-wit-blauwe vlaggen. Drie cameraploegen posteren zich tussen de oranje menigte in Holambra, die een bezienswaardigheid op zich is. De Nederlandse gemeenschap in de stad viert feest. En de Brazilianen dansen mee.


Het is een bijzonder stukje Nederland dat schuilgaat in Brazilië, op twee uur rijden van de miljoenenstad São Paulo. Holambra is opgeruimd, veilig en schoon. De straten dragen namen als Rua Flipsen, Rua Groningen en Rua Wagemaker. De ene bakkerszaak heet Zoet en Zout, de andere Martin Holandesa.


Verder verdienen de 11 duizend inwoners vooral aan de sierbloementeelt, die 60 procent van de binnenlandse markt voor zijn rekening neemt. Jacob Swart bijvoorbeeld handelt in gladiolen. Hij is met zijn zoon Ronald naar de wedstrijd komen kijken, net als zo'n paar honderd anderen. Nederlands spreekt hij nog maar met moeite. Zijn zoon zelfs helemaal niet.


Swart werd geboren in Holambra, waar zijn ouders naartoe verhuisden en trouwden. Ze waren door Nederland gestimuleerd om na de Tweede Wereldoorlog hun land te verlaten. Velen gingen naar Australië en Canada, maar het gezin Swart belandde in Brazilië. Dat stelde in 1948 ruimhartig zijn grenzen open voor vijfhonderd Brabantse immigranten, die er hun veebedrijf wilden voortzetten of er juist een konden beginnen. Als katholieken kwamen ze het nationale geloof van Brazilië overeen.


Annemie van de Groes, op haar 2de meeverhuisd, kent de verhalen van haar vader nog wel. 'Hij wilde dat zijn kinderen geen oorlog hoefden mee te maken, zoals hij. Wij woonden in de gemeente Cuijk. Vlakbij ons braken de Duitsers door de Maaslinie.'


Ze kwamen terecht op wat, na de koop van de boederijgrond van Riberão, Holambra is gaan heten, een samentrekking van Holland, Amerika en Brazilië. Het was sappelen in dat verre, vreemde, warme oord, begreep Van de Groes van haar vader. De Nederlanders spraken geen Portugees en de omstandigheden waarin ze terechtkwamen, waren ronduit armoedig. Kinderen in Holambra hoefden niet meer te worden gedoopt, werd er destijds gezegd: in de huizen lekte het namelijk voortdurend.

Uitgemergeld

Veel van het Nederlandse melkvee bezweek door de lange boottocht en door ziekten, of kwam uitgemergeld in Holambra aan. De Nederlanders stichtten nog veel meer gemeenschappen: Holambra II bijvoorbeeld ontstond door inwoners van Holambra die niet meer van de coöperatie afhankelijk wilden zijn. In de staat Paraná liggen Castrolanda, Carambei en Arapoti. Não-Me-Toque bevindt zich helemaal in het zuiden, in Rio Grande do Sul.


De immigranten van Holambra legden zich vanaf de jaren vijftig toe op de bloementeelt, die zelfs heeft geresulteerd in een bloemenveiling, Veiling geheten. De Brazilianen in de stad spreken de naam inmiddels probleemloos uit, wat niet van alle achternamen kan worden gezegd waarmee het telefoonboek volstaat: Hendrikx, Hulshof, Schoenmaker, Van Rooijen.


Toch heten er nog meer mensen Santos en Silva, want Holambra is meer Braziliaans dan Nederlands. Portugees is er de voertaal - alleen de oudere inwoners spreken er nog de taal van de immigranten. Van de Groes is vloeiend in beide. Haar zoon Alessandro Schoenmaker ook, maar dat komt vooral doordat hij als trainer werkte bij FC Utrecht en FC Twente.


Hij leidt rond over de Rua Rota dos Imigrantes. Daar blijft het oog vanzelf hangen bij de Amsterdams aandoende gevel boven de drogist, de lunchroom en het hotel dat een tulp in zijn logo voert. Je ziet ze overal in Holambra, die karakteristieke stenen bouwwerken. Inwoners en winkeliers konden ooit subsidie krijgen als ze de gevels op hun huis of winkel lieten aanbrengen, zo blijkt.


Door heel de stad - dat werd Holambra pas in 1991 na een referendum - hangen de vlaggen van Brazilië en Nederland gebroederlijk naast elkaar. De molen ligt al van verre in de zon te pronken. De toenmalige burgemeester vond het oorspronkelijke ontwerp wat aan de magere kant en hoogde de bouw op: sindsdien mag de stad pronken met de grootste molen van Zuid-Amerika.


Schoenmaker interesseert zich vandaag meer voor het voetbal. Hij is nog vol van het gelijkspel van het Braziliaanse elftal tegen de uitblinkende Mexicaanse keeper Ochoa, dinsdag. Vandaag supportert hij in zijn Nederland-shirt ook Oranje, dat vuurwerk in Holambra ontlokt als de overwinning gevierd kan worden. De bierfiets is inmiddels niet meer te stuiten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden