In het brein van een depressieve dader

Door de crisis verliest Johan zijn baan. Hij raakt in een depressie. Een psychiater schrijft hem een antidepressivum voor: clomipramine. Nog geen twee weken later doodt Johan zijn vrouw. Het komt door die pillen, zegt hij.

Beeld Illustratie: APA

Het is midden in de nacht en Johan ligt wakker. Naast hem, in een mandje op de grond, liggen een hamer en een mes. Verstopt onder een boek. Ze liggen er al de hele nacht en Johan kan aan niets anders denken.

Het is 31 maart 2014. Een keurige slaapkamer in een keurig huis in Brabant.

Met zijn rechterhand pakt Johan de hamer uit het mandje en draait zich naar zijn vrouw Nicole. Die slaapt. Johan kijkt naar haar en houdt de hamer hoog boven haar hoofd. Klaar om te slaan.

Dan verslapt hij. 'Dit is te absurd', denkt Johan en hij legt de hamer terug in het mandje.

Een moment later is de paniek terug. In alle hevigheid.

De hamer gaat uit het mandje. In het mandje. Eruit, erin. Telkens hangt hij met de hamer boven Nicole. En telkens denkt hij: nee, ik doe het niet. Misschien wel dertig keer die nacht. 'Ik ben zo gek', denkt hij. 'Ik moet 112 bellen om me te laten opsluiten.'

Veranderd

Een humoristisch, vrolijk en attent persoon. Een goede echtgenoot en vader. Zo omschrijft Johan (41) zichzelf. Zo ziet hij zichzelf voordat zijn leven voorgoed verandert op 5 december 2013.

Op die dag ontvangt hij een e-mail met het bericht dat hij per direct wordt ontslagen als vertegenwoordiger bij een uitgeverij. Vanaf dat moment slaat de paniek toe. Collega's van andere uitgeverijen bevestigen wat hij al denkt: door de economische crisis kan hij een nieuwe baan in de branche wel vergeten.

'Het komt nooit meer goed', denkt Johan steeds. 'Het komt nóóit meer goed. Ik krijg nooit meer een baan en daarom ben ik een slechte echtgenoot en een slechte vader.'

Die gedachte is in mijn hoofd gekomen, zal hij later zeggen, 'en is nooit meer weggegaan'.

In slechts een paar weken tijd verandert Johan in een andere man. Hij slaapt nauwelijks, is paniekerig en heeft angstaanvallen. Hij is depressief. Door het verlies van zijn baan is de grond onder zijn voeten weggeslagen. Johan voelt zich afgedaan. Eigenlijk denkt hij continu aan de dood.

'Papa', vraagt zijn 10-jarige zoontje tijdens de kerstvakantie. 'Waarom lach je nooit meer?'

'Ik stap eruit', denkt Johan alleen maar.

Jurisprudentie

Nederlandse advocaten leggen in rechtszaken steeds vaker verband tussen ernstig gewelddadig gedrag en het slikken van antidepressiva. Ze doen dit in navolging van de VS, waar al langer wordt gesproken van Prozac killings: moorden door daders die antidepressiva slikken en plotseling 'door het lint gaan'.

Grietje S. werd begin dit jaar door de rechtbank van Assen niet veroordeeld tot een celstraf maar tot een jaar in een psychiatrisch ziekenhuis. In 2012 wurgde ze haar 2-jarige zoontje en reed ze met haar 7-jarige dochtertje het water in. Volgens een forensisch arts zouden de bijwerkingen van de antidepressiva haar hiertoe hebben aangezet.

De vrouw zou een relatief vaak voorkomend genetisch defect hebben waardoor medicijnen langzamer afbreken en zich ophopen.

Ook voormalig stewardess Elzelien K. werd na de moord op haar dochter en echtgenoot verminderd toerekeningsvatbaar verklaard en door het gerechtshof van Amsterdam veroordeeld tot 7 jaar cel. Ze slikte paroxetine. Na het raadplegen van zeven deskundigen oordeelde de rechtbank dat het middel ontremmend werkt, wat bij de moorden 'een zekere rol' zou hebben gespeeld.

In 2008 schoot een Friese man zijn ex-vrouw, haar nieuwe partner en diens ex-vrouw neer. Hij slikte antidepressiva. De Radboud Universiteit onderzocht de man en stelde vast dat hij onder invloed van deze pillen stemmingsstoornissen, boosheid en ontremd gedrag vertoonde. Toch nam de rechter dit niet mee in het oordeel: de man kreeg 24 jaar.

Ook Johan heeft bij het doden van zijn vrouw Nicole volgens zijn advocaat Bart Visser gehandeld onder invloed van antidepressiva. Hij zegt aanwijzingen te hebben dat ook Johan een genetische afwijking heeft waardoor hij anders reageert op de pillen.

Slapeloze nachten

Begin januari gaat hij naar de huisarts en vertelt hij over zijn depressieve gevoelens en slapeloze nachten. De huisarts schrijft hem slaappillen voor: oxazepam.

Een paar weken later gaat het mis: Johan slikt alle pillen die hij heeft gekregen in en trekt een plastic zak over zijn hoofd, die hij met tape vastplakt. Op internet heeft hij gelezen dat hij zo een eind kan maken aan kan zijn leven. Maar zijn plan mislukt: in paniek trekt hij de zak van zijn hoofd.

Later biecht hij de zelfmoordpoging op aan Nicole. Ze schrikt. 'Ik ga je helpen en we komen hier samen uit', zegt ze.

'Het spijt me dat ik zo diep weg zak', zegt Johan in die tijd diverse keren tegen haar. Ze zijn al 25 jaar samen. 'Nicole is het mooiste wat me ooit is overkomen', vindt hij. Hij omschrijft zijn vrouw als 'in en in lief en goed'.

Johan wordt twee keer kort opgenomen door de ggz. Daar constateert een psychiater dat hij een persoonlijkheidsstoornis heeft met obsessief-compulsieve trekken. Dat uit zich bij hem bijvoorbeeld in obsessief veel werken, maar eigenlijk is de stoornis iets wat tot dan toe nooit echt is opgevallen.

Volgens deskundigen kan zo'n stoornis lang onder de radar blijven als iemand zich in gunstige, stabiele omstandigheden bevindt. 'Door zijn huwelijkssituatie en zijn werk waarin hij veel naar zijn eigen inzichten kon doen, verkeerde Johan in een voor hem veilige omgeving waarin de aspecten van zijn persoonlijkheidsstoornis niet op de voorgrond traden', aldus deskundigen.

Op 19 maart schrijft een psychiater hem vanwege zijn klachten een antidepressivum voor: clomipramine

'Bent u te vertrouwen met die pillen?', vraagt de psychiater.

'Nee', zegt Johan.

Ze spreken af dat Nicole de pillen zal beheren.

Zodra hij begint met slikken, wordt Johan overvallen door bijwerkingen. Dorst, impotentie, slapeloosheid, paniek, irritatie. De klachten die hij heeft, worden alleen maar erger. Hij is alleen nog maar bezig met één vraag: hoe kan hij zichzelf van het leven beroven?

Volhouden

Omdat zijn klachten maar blijven toenemen, neemt hij contact op met zijn psychiater. Tot twee keer toe. Maar die zegt dat het normaal is dat dit in het begin gebeurt en dat hij gewoon moet volhouden. Sterker, hij moet de dosering verhogen.

Toch is zelfmoord niet het enige waaraan Johan in die dagen denkt. Er is een tweede scenario. Een plan dat al sinds begin januari door zijn hoofd spookt. Johan denkt erover Nicole en hun zoon met zich mee te nemen in de dood. Hij vindt het onverdraaglijk dat ze achter zullen blijven met zo veel verdriet. Dat kan hij hen niet aandoen.

'Ze mogen niet lijden', denkt hij. 'Ik moet hen dat leed besparen.'

Zondag 30 maart lijkt een dag als alle andere. Zijn zoon speelt bij een vriendje en zijn vrouw is werken. Daardoor is Johan de hele dag alleen thuis. Vroeger zou hij een boek hebben gelezen. Klusjes hebben gedaan. Maar nu komt hij tot niets. En daar zijn de gedachten weer.

Johan loopt naar de schuur en pakt een hamer. Uit de keukenla een mes. Samen legt hij ze in het mandje in de slaapkamer. Johan wil de mogelijkheid hebben om zijn plan uit te voeren. Al hoopt hij ergens dat hij hier op het cruciale moment niet toe in staat zal zijn.

Maar als hij die nacht diverse malen met de hamer boven Nicole hangt, is dat gevoel maar vaag aanwezig. 'Als ik het idee had dat ik gek werd, écht gek, dan is het die nacht geweest', zegt Johan.

Zal hij?

Zal hij niet?

De nacht is bijna ten einde. Johan ligt gespannen in bed. Urenlang heeft hij geworsteld met de gedachte om zijn vrouw te doden. Eerst zijn vrouw, dan zijn zoontje, dan zichzelf. En dan, een paar minuten voor zeven, weet Johan het ineens zeker: hij gaat het doen.

Onder het dekbed legt hij het mes en de hamer klaar. Zijn vrouw slaapt nog.

Zeven uur.

De wekker.

Nicole wordt wakker en kijkt hem aan. Ze gaat bij hem liggen, slaat een arm om hem heen. 'Is het een slechte nacht geweest?', vraagt ze.

Het verrast hem. 'Nicole is zo lief', denkt hij. 'Ze is zo'n goede moeder. En ons zoontje is zo'n goeie jongen.' Ze moeten blijven, schiet het door hem heen. Nicole heeft de kracht om met hulp van vrienden en familie zonder hem verder te gaan.

'Voor mij was de beslissing toen genomen', zegt Johan. 'Ik ga alleen.'

Als Nicole even later uit bed stapt om thee te zetten, blijft hij liggen. Dit is zijn moment. Het enige ogenblik op de dag dat Nicole zijn pillen onbeheerd achterlaat in haar handtas. Johan weet dat. Hij heeft erop gerekend.

Snel pakt hij de twee doosjes uit Nicoles tas, en grist de strips met meer dan 50 tabletten clomipramine eruit. De doosjes stopt hij leeg terug. In razend tempo slikt Johan alles in. 'Ik nam ze met vier, vijf tegelijk.' Met water uit een grote colafles spoelt hij ze weg, samen met een paar tabletten oxazepam. Dan gaat hij met zijn hoofd onder het dekbed liggen.

'Het was klaar', zegt hij. 'Ik had eindelijk rust. Het was goed zo.'

Dan komt Nicole de kamer binnen. Ze pakt haar handtas en doet het licht aan. 'Waar zijn de pillen?', vraagt ze.

'Die zitten in mij', zegt Johan.

Maar als ze weg wil lopen, staat hij ineens voor haar. Aan het voeteneind van het bed komen ze elkaar tegen.

'Wat ga je doen?', vraagt hij.

'Een ambulance bellen', zegt ze. 'Je maag moet worden leeggepompt.'

'Toen knapte er iets in mijn hoofd', zal hij later zeggen. 'Ik voelde paniek. Woede. Razernij.'

Pillen

Johan pakt Nicole vast en gooit haar op bed. Daarna volgen een gewelddadige worsteling en een steekpartij - met hamer en mes. Naar eigen zeggen vraagt Johan zich geen enkel moment af waar hij mee bezig is. 'Ik was in een roes.'

Ruim 50 pillen heeft hij in zijn lijf. 'Toen dacht ik ineens: ik ben stervende, Nicole is stervende, ik kan het onze zoon niet aandoen dat hij geen ouders meer heeft. Dat verdriet mag hij niet hebben.'

Hij snelt de trap af. Zijn zoon staat in de woonkamer. Johan steekt hem meermaals met het mes. 'De buurvrouw had me al gehoord, dus het moest snel', zegt hij later. Dan breekt het mes. Buiten staat de buurvrouw te schreeuwen en op de deur te bonzen.

Johan pakt de telefoon, belt 112 en doet de deur open. Het mes gaat de prullenbak in. Hij wast uitgebreid zijn handen. Dan doet hij niets meer. Hij onderneemt geen poging zijn eigen leven te beëindigen. 'Toen pas drong de absurditeit tot me door', verklaart hij later.

Als de politie arriveert, loopt Johan naar buiten. 'Ik ben de dader', zegt hij.

Nicole overlijdt in het ziekenhuis aan haar verwondingen. Hun zoontje overleeft het.

Deze week zat Johan huilend voor de rechter. Hij zegt dat hij kapot is van schuld en schaamte over wat hij iedereen heeft aangedaan. Zijn leven noemt hij uitzichtloos en nutteloos. Het enige waarvoor hij zou willen blijven leven is zijn zoon, mocht die hem ooit willen vragen naar alles wat er is gebeurd.

Met het slikken van clomipramine is Johan gestopt. In de bijsluiter staat dat deze antidepressiva agressie en toename van suïcidale gedachten kunnen veroorzaken.

Deskundigen stellen dat Johan tijdens zijn daad sterk verminderd toerekeningsvatbaar was. Waarschijnlijk door een combinatie van de depressie, zijn persoonlijkheidsstoornis en de bijwerkingen van de antidepressiva, aldus een psychiater van het NFI. Hij durft geen uitspraken te doen over het effect van de overdosis.

'Dat de medicijnen mij ver weg hebben geduwd, staat voor mij als een paal boven water', zegt Johan.

'Ik heb er heel veel spijt van', zegt hij. 'Maar dat zijn loze woorden. Op 31 maart had er één iemand moeten overlijden. En dat was ik.'

Deze reconstructie is gebaseerd op de strafzaak waarin Johan een volledige bekentenis heeft afgelegd. De naam van hun zoontje wordt om privacyredenen niet vermeld.

Uitspraak: 20 januari.

Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden