Interview

In Eindhoven zijn de vluchtelingen al aan het werk

Dodelijke verveling in een asielzoekerscentrum? Niet in Eindhoven. Het eerste halfjaar van de asielprocedure mogen vluchtelingen officieel niet werken. Maar een groepje Syrische en een Irakese vluchtelingen heeft een manier gevonden om toch bezig te zijn.

Nael Shami: 'Ik ben hier nu 25 dagen in Eindhoven.' Beeld Cigdem Yuksel

'Bij mij op de vleugel weet iedereen inmiddels wel dat ik masseur ben. Ik ben hier nu 25 dagen in Eindhoven, ik heb al tien mensen onder behandeling. Ik weet niet wat er gaat gebeuren als het hele kamp het weet.

Als iemand ergens last van heeft, kloppen ze op mijn deur. Ze wijzen dan aan waar ze last van hebben. Ik ben geen professional, maar ik wil helpen. En bezig zijn. Als iemand zijn spieren vastzitten probeer ik de knoop eruit te halen.

Op 14-jarige leeftijd moest ik noodgedwongen stoppen met school. Ik wilde graag fysiotherapeut worden, maar studeren zat er voorlopig niet in. Ik hoop hier ooit alsnog aan de studie fysiotherapie te beginnen om uiteindelijk een praktijk te kunnen openen.' 'Ik heb in Aleppo van een arts geleerde hoe ik de lichte verwondingen moest behandelen, want de artsen kwam uitsluitend in noodgevallen. Bij betogingen ging ik op zoek naar gewonden. Die moesten naar een veilige plek om te worden behandeld. Een ziekenhuisbezoek was te gevaarlijk. Als het Syrische regime je te pakken kreeg, verdween je. Niemand was zijn leven meer zeker. Mensen waren bang.

Nael Shami, roepnaam Taim

Leeftijd: 19 jaar
Geboorteland: Syrië (Seif Al-Dawla, Aleppo)
Beroep: masseur
Aangekomen in Nederland: eind september

Noaberschap

Op deze 'Marktplaats' voor vluchtelingen presenteren burgers, organisaties en bedrijven hun initiatieven voor nieuwkomers. Lees hier meer.

'Stilzitten vind ik toch maar niks'

Ik was in eerste instantie hulpverlener. Toen delen van Aleppo in handen vielen van het Vrije Syrische leger, werd het regime gek. Het regime begon gebieden die in handen van rebellen te bombarderen. Er waren toen nog maar weinig mensen gevlucht. Samen met mijn team vervoerde ik twee jaar lang gewonden in deze gebieden. Soms wel 30 per uur.

Later ben ik begonnen met masseren. Toen de orthopeed mij bezig zag, adviseerde hij mij om me op fysiotherapeutische behandelingen te richten. Hij gaf me een stoomcursus. Na vele tips en trainingen begon ik zijn lessen in de praktijk te brengen. Dit ging zo door tot eind augustus van dit jaar. Ik dacht dat ik mijn geliefde Syrië nooit zou verlaten. Begin september besloot ik toch te vertrekken.

In het begin hopte ik in Nederland van kamp naar kamp, maar sinds vijfentwintig dagen is Eindhoven mijn voorlopige eindstation. Ik heb daar gewoon mijn hulp aangeboden toen bleek dat er mensen echt lichamelijke klachten hadden. Stilzitten vind ik toch maar niks. Een van mijn eerste patiënten was Mohannad. Zijn nek zat helemaal vast. Hij had hulp nodig. Ik begon hem te behandelen. Oefeningen, massages en rekoefeningen. We deden wel vijftien sessies van een uur. Het hielp. Toch bleef hij last hebben. Hij heeft meer dan massages en oefeningen nodig. Ik heb gedaan wat ik kon doen.

Ik gebruik massagegel en tijgerbalsem. Die koop ik zelf. Ik krijg niets betaald voor wat ik doe. Wie ik behandel bewijst mij een wederdienst. Ik kreeg laatst Nederlandse taalboeken van Mohannad. Zo kan ik vast een begin maken met het leren van de Nederlandse taal.'

'Ik krijg geen geld, wel waardering'

'Toen de vrouwen hier in het azc hoorden dat ik in Syrië dameskapper was, vroegen ze me al snel om tips over modellen en haarkleur. Ik adviseer dan welke haarkleur het beste bij ze past. We krijgen hier maar een wekelijks salaris van 57 euro. Veel geld aan een kappersbehandeling kunnen ze niet uitgeven. Het is onmogelijk om jezelf te verwennen met een goede kappersbehandeling. Het geld is genoeg om te eten en drinken.

We hebben er wel een goede oplossing op gevonden. Ik ben samen met een van de vrouwen die haar haar wilde verven de stad ingegaan om haarverf te kopen. De beste zijn het duurst, maar die kan zij niet betalen. Voor een paar euro kocht ze een paar tubes haarverf.

Op mijn kamer maakte ik het mengsel klaar. Wel wennen hoor, want normaal namen mijn klanten plaats in een luxe kappersstoel. Zij zat op een blauwe plastic eettafelstoel. Maar het resultaat was fantastisch. Ze was er hartstikke blij mee. Haar vriendin wilde ook meteen een haarbehandeling. Zo kreeg ik steeds meer vrouwen aan de deur. De een wilde geknipt worden, andere een nieuwe kleur.

(Tekst gaat verder onder foto)

Gabi Nalband

Leeftijd: 48 jaar
Geboorteland: Syrië (Aleppo)
Beroep: kapper
Aangekomen in Nederland: eind september

Gabi Nalband: 'Ik behoorde tot de tien beste haarstylisten van Aleppo.' Beeld Cigdem Yuksel

Ik behoorde tot de tien beste haarstylisten van Aleppo. Herinner me alsjeblieft niet aan die tijd. Ik had het zo goed. Het is nu om te huilen. Hartverscheurend allemaal. Kijk waar we waren en kijk waar we nu zijn. Ik heb bijna vijf jaar geduld gehad. Ik dacht er nooit om Aleppo te verlaten. Steeds meer bekenden vertrokken. Het begon te kriebelen. Mijn zoon en dochter hebben hier geen toekomst, wat moest ik nou?

Sinds de jaren 90 had ik mijn eigen haarsalon. Voor de oorlog hadden we een heel goed leven. Mijn vrouw zorgde voor de kinderen en het huis. Ik zorgde voor geld. Mijn financiële situatie was goed. Mijn zaak behoorde tot de beste tien haarsalons van Aleppo. Dat is niet niets. Te bedenken dat Aleppo zeker drieduizend haarstylisten telde. Ik was gespecialiseerd in het knippen, verven en het in model brengen van kapsels. Ik had elf mensen voor me werken. Niet allemaal kappers. Iedereen had zijn specialiteit. Toen de oorlog heviger werd, ontvluchtten ze een voor een Aleppo. Spijtig. Ik stond soms helemaal alleen voor. Maar het werk ging door.

Ik hou van mijn vak. Als ik mijn vak niet uitoefen, ga ik erop achteruit. Straks verleer ik het. Het is als een soort kunst. Ik word er gelukkig van om bezig te zijn. Stil zitten wil ik niet. Geld levert het niet op, maar wel waardering. Ze bewijzen mij dan een tegendienst.

De vrouwen die ik knip helpen mij met het voorbereiden van mijn avondeten. Ik ben van nature geen chef-kok. Mijn vrouw wel, maar die zit nog in Aleppo. De een bereidt het vlees en de ander maakt een salade klaar. Soms staat een van de vrouwen die ik eerder in de week heb behandeld plotseling voor de deur met een cadeautje. Een flesje parfum voor alle moeite. Op deze manier weten we ons toch te vermaken. We komen elkaar tegemoet.

Ik wil niet leven van een uitkering. Ik kan toch gewoon werken? Ik wil het allemaal zelf doen. Mijn eigen geld verdienen. Voortzetten wat ik ooit in Aleppo ben begonnen, een haarsalon.'

'Verveling is echt dodelijk'

'Ik ben na aankomst in Ter Apel eigenlijk meteen aan de gang gegaan als vrijwilliger. Ik ben begonnen als tolk, ter ondersteuning van de COA-medewerkers. In Irak heb ik na mijn bachelor nog een half jaar Engels gestudeerd aan een Amerikaanse instituut. Als je Engels spreekt, maak je meer kans op een baan.

Daarna ben ik nieuwe vluchtelingen gaan begeleiden. Ik deed vertaalwerk en deelde spullen uit, zoals dekens, eten en kleding. In Budel ben ik meer klussen gaan doen. Ik kreeg een baantje bij de infobalie en in de keuken. Als waardering voor mijn werk, kreeg ik van vluchtelingenwerk een certificaat. Dat voelt goed. Ik voelde me gewaardeerd.

Ik ben gewend om te werken. Ik wil altijd bezig zijn. Iets doen. Verveling is echt dodelijk. Het is ook moeilijk voor een man om thuis te zitten en niets te doen. Ik schaam me dan tegenover mijn vrouw. Ik ben tenslotte de heer des huizes.

(Tekst gaat verder onder foto)

Mohammad Abdelkarim Al-Mashhadi

Leeftijd: 28 jaar
Geboorteland: Irak
Beroep: Fietsenmaker en tolk
Aangekomen in Nederland: zomer 2014

Mohammad Abdelkarim Al-Mashhadi: 'Er zijn wat mensen die denken dat ik een knecht ben.' Beeld Cigdem Yuksel

We zijn medio vorig jaar gevlucht. Ik had geen andere keuze. Ik ben al een keer ontvoerd geweest. Mensen van onze zogenoemde regering ontvoerde me toen ik op weg was van Bagdad naar Diyala. Mijn familie wist niet waar ik was. Ze kregen een telefoontje met de mededeling dat ze tienduizend dollar moesten betalen om me vrij te kopen. Deden ze dat niet, dan zou ik worden vermoord. Mijn familie betaalde. Ik heb geluk gehad.

Hier in Eindhoven kwam ik een oude Syrische vriend tegen. We kende elkaar al van een ander kamp. Hij vertelde me dat hij fietsen opkocht, repareerde en doorverkocht met minimale winst. Ik rolde er zo in. Als iemand een lekke band had, dan plakten wij die. Aan het begin kochten we alleen kapotte fietsen die wij weer opknapten, later werden dat goede fietsen die een kleine onderhoudsbeurt nodig hadden. We kochten onderdelen bij de Action. Ik heb ondertussen een tas vol met gereedschap. Die heeft mijn Syrische vriend voor mij achtergelaten. Hij is naar Duitsland vertrokken. Ik mis hem.

Nadat hij vertrok, had ik minder werk. Ik combineerde het met vertalen. Bewoners van het kamp zochten spullen voor hun nieuwe huis. We speurden samen Marktplaats af, maakten een afspraak en gingen kijken. Laatst heb ik nog een telefoon voor iemand gekocht. Ik heb nog kunnen afdingen. Ik heb ook naaimachines geregeld.

Het is soms wel vermoeiend hoor. Er zijn wat mensen die denken dat ik een knecht ben. Ze proberen me te commanderen. Ik blijf geduldig. Ik ben blij dat ik bezig ben. Het COA vraagt nog vaak om mijn hulp. Soms ga ik met iemand mee naar een doktersbezoek. Ik vraag geen geld voor mijn diensten. Soms wilt iemand me belonen, maar dat sla ik af. Niemand heeft het breed. Dat mensen waardering hebben voor mijn werk is belangrijker.

Ik wil graag Nederlands leren. Mezelf ontwikkelen. Ik neem geen genoegen met een uitkering. Er zijn mensen die het wel best vinden. Ik ben het type dat niet graag stil zit. Mijn doel nu is om te studeren. Eerst de taal, dan de rest. Ik spreek inmiddels een klein beetje Nederlands, maar dat kan nog veel beter.'

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden