Bellen metArnout Brouwers

‘In een oorlog is het aantal burgerdoden natuurlijk moeilijk vast te stellen, maar doen alsof er niets is gebeurd kan niet’

Minister Bijleveld (Defensie) moet donderdag in de Tweede Kamer andermaal verantwoording afleggen voor het bombardement in de Irakese stad Hawija waarbij 70 burgerdoden vielen. De kernvraag deze keer, aldus verslaggever Arnout Brouwers: waarom werd de Kamer jarenlang zo schamel geïnformeerd?

Ank Bijleveld, minister van Defensie op weg naar een eerder debat in de Tweede Kamer over het bombardement in Hawija.Beeld Freek van den Bergh

Is het nu het vierde of vijfde debat met minister Bijleveld over het Nederlandse bombardement in Hawija?

‘Het begint een leitmotiv te worden in dit dossier: mensen raken de draad kwijt. Dit wordt het vierde debat. Omdat deze affaire nu al zo lang loopt, merk je in de publieke opinie dat mensen telkens opnieuw verontwaardigd raken over dezelfde feiten. Er wordt wel steeds iets nieuws toegevoegd, maar er zijn maar heel weinig mensen die dat precies begrijpen, is mijn indruk.

‘Het risico daarvan is dat de kern van de zaak uit het zicht raakt, namelijk de informatievoorziening van voormalig minister Hennis en haar opvolger, minister Bijleveld, aan de Tweede Kamer over wat er gebeurd is in Hawija. Nog belangrijker is de kwestie rond de rechtmatigheid van de aanval op de bommenfabriek van IS, maar die wordt door bijna niemand in de Kamer betwist. Daar heerst meer de sfeer: het is een oorlog, daar kunnen onbedoeld hele nare dingen gebeuren, maar dan willen we dat wel weten als Kamer, want wij zijn daarvoor medeverantwoordelijk.

‘Sinds het vorige debat met Bijleveld is er nieuwe informatie aan het licht gekomen, onder andere doordat de Amerikanen recentelijk op verzoek van NRC en de NOS nieuwe documenten hebben vrijgegeven. Daarin gaat het over het ‘targeting-proces’, de voorbereiding van de aanval. Daarover is weer verontwaardiging ontstaan omdat het informatie betrof die de Kamer niet heeft gekregen. Ter verdediging van Bijleveld moet ik daar wel bij zeggen dat het geheime Amerikaanse documenten zijn. Het lag niet in haar competentie om daarover uit de school te klappen, die informatie moesten de Amerikanen zelf vrijgeven, wat ze hebben gedaan na een zogeheten Freedom of Information-verzoek.’

Uit die documenten bleek dat het om een aanval in de hoogste risicocategorie ging.

‘Ja, er stonden details in uit het planningsproces van het bombardement, waaruit eens te meer bleek dat er echt een poging is gedaan om ervoor te zorgen dat er nul burgerslachtoffers zouden vallen. Dat was ook de eis van alle landen die deelnamen aan de coalitie tegen IS: bij de aanvallen mochten geen burgerdoden vallen.

‘In dat planningsproces is het risico van de aanval wel aangemerkt als categorie vijf, de hoogste categorie qua risico, oplopend van 1 tot 5. In dit geval werd het risico ingeschat als ‘5 low’. Wat dat in de praktijk betekent, is dat het sowieso een gevoelige aanval was, omdat er een woonwijk vlak naast de fabriek lag.

‘Maar het was wel ‘low’, wat betekent dat de Amerikanen, die de aanval planden, erin waren geslaagd om ervoor te zorgen dat er geen burgerslachtoffers zouden vallen. Volgens hun eigen modellen dan. Dat deden ze bijvoorbeeld door het bombardement ’s nachts te laten plaatsvinden, door kleinere munitie te gebruiken en door allerlei andere tweaks in de wijze van aanvallen. 

‘De Amerikanen beseften wel dat er een onzekere factor was, omdat er eerder secundaire explosies waren opgetreden bij aanvallen op faciliteiten waar explosieven lagen opgeslagen. Met die onzekerheid hebben ze rekening gehouden door te kijken naar soortgelijke aanvallen, maar ze wisten nu eenmaal niet hoeveel explosieven er precies in die fabriek lagen. Achteraf gezien ging het daar helemaal fout, omdat er veel meer bleken te liggen dan ze verwacht hadden.’

Is het nu duidelijk hoeveel burgerslachtoffers precies bij de aanval zijn gevallen? Soms hoor je 70, soms wel 170.

‘Dat vind ik een van de wrangste aspecten van de hele kwestie, en dat raakt ook in zekere zin wel de kern van de zaak. Want de vraag is waarom heeft de minister van Defensie destijds niet aan de bel getrokken, al was het maar binnen het kabinet zelf? Het is door Defensie allemaal op een heel bureaucratische manier gepresenteerd aan andere ministeries, waardoor die er niet echt op aansloegen. Het excuus was bij Defensie dat het dodental nog onduidelijk was en ze op nader Amerikaans onderzoek wachtten dat uitsluitsel moest geven; tot die tijd konden ze niet zoveel doen.

‘Maar dat is een wel heel bureaucratische manier van omgaan met de werkelijkheid. Het wrange feit was dat het een oorlog was, een aanval op vijandelijk gebied, waarin de Amerikanen wel wat inlichtingenbronnen hadden, maar meer ook niet. Je kon daar niet op de grond gaan kijken. Ook al zijn er naderhand van het Rode Kruis schattingen gekomen over het aantal slachtoffers, het precieze dodental kon nooit echt worden vastgesteld. 

‘Wel verscheen er vlak na de aanval een Reuters-bericht, waaruit je kon opmaken dat er tientallen doden waren gevallen, met een fors aantal burgerslachtoffers. Dan houd je als Defensie wel heel erg de bureaucratische lijn aan door rustig af te wachten hoeveel slachtoffers er precies zijn gevallen. Die verdedigingslinie van het kabinet vond de Tweede Kamer ook heel zwak, en het is niet voor niets dat Bijleveld bij een van de eerdere debatten ternauwernood een motie van wantrouwen overleefde.’

Hoe zwaar gaat de minister het dit keer krijgen?

‘De nieuwe informatie is zeer interessant als het gaat om hoe de voorbereiding van de aanval precies in z’n werk is gegaan. Maar het feit is wel dat Bijleveld daar niet eerder zomaar over uit de school kon klappen. Natuurlijk zijn er wel allerlei losse eindjes waar de oppositie haar mee om de oren zal slaan. Maar zoals ik al zei: je loopt het risico dat mensen door de bomen het bos niet meer zien. De kernvraag is: waarom heeft Defensie zich verscholen achter de bureaucratische werkelijkheid en nooit iets met de informatie over de burgerslachtoffers van het bombardement gedaan? Natuurlijk wordt in een oorlog niet altijd duidelijk hoeveel doden er vallen, maar dat betekent niet dat je kunt doen alsof er niets is gebeurd.

Uit die Amerikaanse documenten blijkt ook dat de coalitie wel degelijk lessen heeft getrokken uit deze aanval. De Amerikaanse commandant heeft gezegd: als wij zo’n faciliteit met explosieven in het vizier hebben, dan moeten we voortaan eerst extra maatregelen nemen voordat we zo’n aanval kunnen uitvoeren.’

Hoe groot was de afstand tussen de bommenfabriek en de woonwijk?

‘Niet ver, iets van 150 meter. We hebben het hier natuurlijk wel over precisiebombardementen en je kunt op zich heel nauwkeurig berekenen hoe groot de straal is van de schade die een explosie aanricht. Het wordt moeilijker als er secundaire explosies voorkomen. Maar ook daarvan kun je, op grond van eerdere ervaringen, enigszins een inschatting maken. Alleen bleek er iets van 18.000 kilo explosieven in de fabriek te liggen, vele malen meer dan bij vergelijkbare aanvallen, waardoor de secundaire explosies veel zwaarder waren.’

Er zijn wel eens bewindspersonen afgetreden om minder zware zaken dan bombardementen met veel burgerslachtoffers.

‘Absoluut. Maar dan treed je af omdat je zelf je werk richting Tweede Kamer niet goed gedaan hebt, niet vanwege een aanval op IS die volgens het OM conform het oorlogsrecht was. Ik heb net militair jurist Paul Ducheine geïnterviewd over deze kwestie. Zijn conclusie is: in de publieke opinie kijkt men vooral naar wat er achteraf is gebeurd. Maar als jurist en ook als rechter kijk je naar de rechtmatigheid van het proces tot aan de aanval. En daarin is tot nu toe niets gebleken van een onrechtmatige aanval. Het hele proces dat de coalitie in het leven had geroepen om burgerslachtoffers uit te sluiten, was gewoon goed doorlopen. Alleen bleek de werkelijkheid anders te zijn dan gedacht.

We moeten ook niet de context uit het oog verliezen: het ging hier om een breed gedragen oorlog tegen IS. Het was de tijd van de genocide op de Jezidi’s en het levend in brand steken van die gekooide Jordaanse piloot. Een onderdeel van die context is ook dat Nederland in de coalitie-luchtoorlog tegen IS meer dan 1.800 keer wapens heeft ingezet, niet alleen via sorties van vliegtuigen maar ook via beschietingen. En van die ruim 1.800 keer was er maar drie keer onderzoek naar mogelijke burgerslachtoffers door het Openbaar Ministerie nodig. Dit praat natuurlijk allerminst goed wat er gebeurd is, maar het geeft ook aan wat een schokkende uitzondering het bombardement in Hawija eigenlijk was. En dat is des te meer reden om je af te vragen: wat lette Defensie nou jarenlang om die informatie met de Kamer te delen?’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden