In de wieg gelegd om de Verenigde Naties te leiden

Hij was de eerste uit wat toen nog de Derde Wereld heette, die aan het hoofd van de Verenigde Naties kwam. De VS gunden hem geen tweede termijn.

Boutros Boutros-Ghali in 1991, vlak voor zijn benoeming tot secretaris-generaal van de VN Beeld epa

'De eerste Egyptenaar, de eerste Arabier, de eerste Afrikaan', kopte de Egyptische krant Al Ahram bij zijn aantreden. Groot was de euforie dat een man uit wat toen nog de Derde Wereld heette aan het hoofd kwam te staan van de Verenigde Naties. Dat was toen, 1992.

Dinsdag overleed Boutros Boutros-Ghali, 93 jaar oud, in een ziekenhuis in zijn geboorteplaats Caïro, waar hij was opgenomen vanwege een gebroken bekken. In de VN-veiligheidsraad was het gisteren een minuut lang stil.

Boutros-Ghali, geboren in een koptisch gezin in 1922, was voorbestemd voor de politiek. Zijn grootvader was premier van Egypte geweest, zijn vader minister van Financiën. Toch duurde het tot zijn 55ste voor de gewezen hoogleraar internationaal recht door de Egyptische president Sadat gevraagd werd minister van Buitenlandse zaken te worden.

Het was Boutros-Ghali, getrouwd met een joodse (geen kinderen), die op de achtergrond een cruciale rol speelde in de totstandkoming van het Camp David-vredesakkoord (1979) tussen Egypte en Israël.

Maar de eigenzinnige Boutros-Ghali wilde meer. Hij was in de wieg gelegd om secretaris-generaal van de VN te worden, sprak hij zelfverzekerd. Toen begin jaren negentig de post vrijkwam, was hij de logische keus. De Koude Oorlog was voorbij en men verlangde naar een onafhankelijke geest die nee kon zeggen tegen de Amerikanen. Met zijn kennis van het Frans - hij studeerde aan de Parijse Sorbonne - had hij bij Frankrijk een streepje voor.

Precies dat nee tegen de Verenigde Staten zou hem duur komen te staan. Boutros-Ghali zag zichzelf als een intellectueel uit de zich ontwikkelende wereld die de Amerikanen hun plek zou wijzen op het mondiale toneel. Maar juist in de crises in achtereenvolgens Somalië (1993), Rwanda (1994) en Srebrenica (1996), waarbij de VN pijnlijk afwezig was of faalde, had hij die Amerikaanse stem in de veiligheidsraad goed kunnen gebruiken.

Boutros-Ghali - meer generaal dan secretaris - kreeg bij zijn personeel de bijnaam 'de Farao', vanwege zijn onprotocollaire gedrag en het hoge tempo waarin hij personeel ontsloeg. Een ontmoeting met de Jamaicaanse ambassadeur beëindigde hij ooit na 45 seconden.

Boutros Boutros-Ghali op 2 mei 1996 met Palestijnse leider Yasser Arafat Beeld afp

Grootste fout

Het niet kunnen stoppen van de genocide in Rwanda, waarbij naar schatting 800 duizend Tutsi's omkwamen, noemde hij later zijn grootste fout. Een door Afrikaanse landen voorgestelde tweede termijn werd door de Amerikanen gedwarsboomd, waarna de Ghanees Kofi Annan hem in 1997 opvolgde.

Het falen van de VN in de jaren negentig, zou Boutros Ghali later schrijven, was vooral de schuld van de Clinton-regering geweest. Die had geprobeerd hem alles voor te schrijven: met wie hij mocht praten, waarheen hij mocht reizen, wat hij moest zeggen. Hij schreef: 'Het Romeinse Rijk had geen diplomatie nodig. Hetzelfde geldt voor de Verenigde Staten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden