In de voetsporen van Pantani

Volgens zijn ploegleider lijkt geletruidrager Vincenzo Nibali op zijn overleden landgenoot Marco Pantani. Dat geldt ook voor associaties met doping.

BESANÇON - Dit verhaal over Vincenzo Nibali begint op een kamer in hotel Le Rose in Rimini. Daar waar op 14 februari 2004 Marco Pantani dood werd gevonden, ten onder gegaan aan zijn drugsgebruik. Pantani is de laatste Italiaanse winnaar van de Tour de France. Pantani is de laatste ronderenner die in Italië tot de verbeelding sprak.


Tien jaar later zit Vincenzo Nibali achter een tafel op de parkeerplaats van het Kyriad Hotel in Besançon. Dit is hoe het wielrennen de geletruidrager aan de wereld presenteert. Achter hem waait het sponsorbord voortdurend om. Het is goed dat het er staat, want het verschaft Nibali een beetje schaduw op deze warme zomerdag.


De woordvoerder van Astana dirigeert streng. De vragenstellers kiest hij zelf gedecideerd uit. Precies een kwartier duurt het kat-en-muisspel.


Nibali praat - bij gebrek aan een microfoon - voortdurend met stemverheffing, opdat ook de journalisten achteraan hem kunnen horen. Alleen als het over Pantani gaat, fluistert hij bijna. Hij verklapt dat hij van diens moeder ooit een gele trui kreeg uit de Tour van 1998. 'Ik weet wat Marco voor het Italiaanse wielrennen heeft betekend.'


'Vinci' wordt Nibali bij Astana liefkozend genoemd. Niet toevallig is vincere het Italiaanse woord voor winnen. De Siciliaan lijkt hard op weg naar zijn derde zege in een grote ronde. In 2010 won hij de Ronde van Spanje, in 2013 die van Italië en dit jaar is hij veruit de sterkste in Frankrijk. Twee jaar geleden stond hij al eens als nummer drie op het podium van de Tour.


Nibali houdt bijna in zijn eentje het Italiaanse wielrennen boven water. Twee Italiaanse ploegen zijn er deze Tour van start gegaan zonder Italiaanse kopman. Nibali is sowieso de enige Italiaan bij wie het laatste cijfer van het rugnummer een 1 is, wat staat voor het leiderschap binnen een ploeg.


In Italië is het laatste decennium serieus werk gemaakt van de strijd tegen doping in de sport. Dat laat zich voelen in het wielrennen. Nibali week in 2013 uit naar de wielerploeg van Astana, waar hij jaarlijks een vorstelijk salaris opstrijkt, maar niet bepaald rijdt een ploeg met een onbevlekt verleden.


In Besançon wordt Nibali achter de tafel geflankeerd door manager Alexandre Vinokoerov, ploegleider Giuseppe Martinelli en knecht Michele Scarponi. De laatste biechtte in 2007 op klant geweest te zijn van dopingdokter Eufemiano Fuentes. Vinokoerov werd in 2007 betrapt op bloeddoping en moest met Astana de Tour verlaten. Hij werd voor twee jaar geschorst.


Tegenwoordig is Vinokoerov manager van de wielerploeg die wordt gefinancierd door enkele Kazachse staatsbedrijven en is vernoemd naar de hoofdstad van de voormalige Sovjetrepubliek. Het is op eigen verzoek. Vinokoerov, die deel uitmaakt van de elitetroepen van president Noersoeltan Nazarbajev, had ook parlementslid kunnen worden. Dat aanbod wimpelde hij af. In de wielersport hadden velen het liever anders gezien.


Gevraagd naar zijn dopingverleden zegt Vinokoerov dat hij die verhalen niet meer wil herbeleven: 'Ik heb niets meer te verbergen. Voordat ik werd geschorst, heb ik gewonnen zonder doping. Erna ook. Dat heb ik bewezen. Ik heb de bladzijde omgeslagen en ben een nieuw verhaal begonnen.'


Nibali spreekt zich niet uit over de reputatie van zijn manager. Zijn geloofwaardigheid is volgens hem niet in het geding. Eén keer raakte Nibali verzeild in een dopingverhaal, toen hij in 2009 in Sankt Moritz tijdens een training gezien zou zijn met dopingdokter en trainer Michele Ferrari. Nibali ontkende ferm en de storm waaide over.


Op de rustdag zegt de 29-jarige kopman van Astana dat hij het verleden van zijn sport niet vergeet en dat hij zijn klassiekers kent. 'Ik kan jullie vertellen over Gino Bartali en Fausto Coppi, maar ook over Bernard Hinault of Louison Bobet.'


Ploegleider Martinelli is de brug tussen Pantani en Nibali. Hij won als ploegleider de Ronde van Italië vijf keer, met Stephen Roche (Carrera), Pantani (Mercatone), Gilberto Simoni (Saeco), Damiano Cunego (Saeco) en Nibali (Astana).


In 1998 leidde hij Pantani naar diens Tourzege. Een jaar later was hij tevens present toen die met een te hoge hematocrietwaarde als rozetruidrager uit de Giro verdween.


In de Franse sportkrant L'Équipe noemt hij Pantani dinsdag een slachtoffer van zijn tijd. In elk ander tijdperk zou de kleine klimmer volgens hem worden gezien als een held. 'Hij was de Charly Gaul van zijn generatie, een acteur, een artiest die helaas fietste in het slechte epo-tijdperk.'


Nibali en Pantani, ze lijken op elkaar, zei hij vorig jaar na de Girowinst van de eerste. 'Ze zijn allebei creatief en kunnen de koers lezen. Vincenzo doet het net als Marco op zijn eigen manier.'


Of Nibali voor hem Pantani kan doen vergeten? 'Een eindzege van Vincenzo verandert niets aan het lot van Pantani. Als hij de Tour wint, zal ik gewoonweg blij voor hem zijn, en voor Astana.'


Nibali zelf wil op de eerste rustdag niet zo ver vooruitkijken. Met zeven dagen in de gele trui heeft hij Pantani al overtroffen. Die moest het met zes dagen in de leiderstrui van de Tour doen. 'Het zou een eer zijn in de voetsporen van Pantani te treden.'


Als het lukt, zal hij een bezoek brengen aan Cesenatico, de voormalige woonplaats van de laatste Italiaanse Tourwinnaar. 'Ik heb zijn moeder een gele trui beloofd als ik win.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden