In de race tegen de klok toont Zülle zijn kracht

Ontmoeting in hotel Bos en Ven, Oisterwijk. Patrick Jonker feliciteert zijn kopman in Australisch-Nederlands. Het antwoord volgt in Zwitsers-Nederlands en luidt ongeveer zo: 'Ik kwam bij de eerste bocht helemaal niet uit....

BART JUNGMANN

Van onze verslaggever

Bart Jungmann

DEN BOSCH

Omringd door de Brabantse familie van moederskant vierde Alex Zülle zaterdagavond op ingetogen wijze zijn overwinning. Twee keer werd hij tweede in het inleidende tijdritje van de Tour de France, vorig jaar viel hij in het noodweer van Saint-Brieuc. Nu was de 28-jarige Zülle de snelste van de renners die overeind bleven op de guurste zomerdag van 1996.

Veel zegt dat niet over het eindklassement, ook al bleek in een kwart van de laatste twintig Tours de eerste gele-truidrager ook de laatste gele-truidrager te zijn. Drie keer was Bernard Hinault de eerste de beste, Miguel Indurain was het twee keer.

In alle gevallen ging het dus om een echte patroon die de opening op zijn naam schreef. Daarom moeten aan Zülles zege niet al te boude voorspellingen worden opgehangen.

Indurain, die in Den Bosch met het zesde geel voor ogen van start is gegaan, kneep in zijn remmen bij het naderen van de bochten die door de regenval verraderlijk waren. Hij nam genoegen met een zevende plaats en twaalf seconden verlies op Zülles winnende tijd van 10.53 minuten.

De nummer laatst van het wielrennersalfabet reed daarmee een gemiddelde van 51,755 kilometer per uur, terwijl de bedenkers van het 9,4 kilometer lange parkoers rekenden op een record-gemiddelde.

Met zijn weinige bochten en vele rechte stukken zou op het parkoers harder dan 56 kilometer in het uur mogelijk zijn, zo luidde veler verwachting. Boardmans record van twee jaar geleden in Lille (55,152 km/u) had zijn langste tijd gehad.

De regen viel echter onophoudelijk, dus daarvan kon geen sprake zijn, wel van een serieuze krachtmeting. Vorig jaar behaagde het de hemel haar overtollig water te lozen toen de mindere goden al binnen waren. Jacky Durand was van hen de snelste. Nu was hij daarvoor een halve minuut te langzaam.

De uitslag van de proloog 1996 was wel een goede afspiegeling van de krachtsverhoudingen. Boardman, Berzin, Rominger en Riis klasseerden zich nog net voor Indurain, Jalabert bleef er vlak achter. Alleen de Let Pjotr Oegroemov moet sinds zaterdag 31 seconden op Indurain goedmaken.

Van de Nederlanders klasseerde Erik Dekker, sinds woensdag Nederlands kampioen tijdrijden, zich als veertiende met een tijd van 11.19 minuten. 'En eigenlijk had ik nog wel harder kunnen rijden, maar na de valpartijen van Nelissen en Van Bon heb ik minder risico's genomen.'

Danny Nelissen voelde zijn achterwiel wegglijden bij de Lambooybrug, maar was zo snel weer overeind dat hij toch nog een acceptabele tijd kon rijden. Dat gold ook voor Leon van Bon.

Overeind blijven was voor de tien Nederlanders het parool bij de start. Bart Voskamp: 'Ik zeilde bij de eerste bochten naar buiten. Daarna heb ik het wat voorzichtiger aan gedaan.' Servais Knaven: 'Vooral de afrit bij de Lambooybrug was gevaarlijk.' Erik Breukink: 'Ik ben niet zo'n bochtenman.'

De aard en de staat van het parkoers geven wel een indicatie van de krachten die Zülle de komende weken ten toon kan spreiden. Op de rechte stukken besliste hij de strijd in zijn voordeel en daarmee onderstreept hij de vorm waarmee hij in Den Bosch is gearriveerd. Vooral in de individuele race tegen de klok is hij dit seizoen ijzersterk gebleken.

Eind mei was Zülle in de tijdrit van de Bicicleta Vasca een paar seconden sneller dan Indurain en vorige maand verdeelde en heerste hij in de Ronde van Catalonië. Zülle werd er eerste in de proloog, in twee tijdritten en in het eindklassement. Ploegmaat Jonker gunde hij als dank voor bewezen diensten de winst in een bergetappe.

In Catalonië oefende Zülle met een nieuwe fiets voor het tijdrijden, die volgens ploegleider Saiz beter past bij het 1,84 meter lange lichaam. Met gestrekte armen duikt hij er als het ware op naar voren, hetgeen de aerodynamica ten goede komt.

De koerscommissarissen keken vreemd op van Zülles vinding, maar die kon uiteindelijk toch de toets van hun kritiek doorstaan. Zondagavond kwamen ze echter tot de conclusie dat het niet alleen een nieuw ontwerp, maar ook een technische vernieuwing is. De fiets moet daarom de rest van de Tour op stal blijven.

In een land met weinig actuele wielerhelden werd Zülle, geboren en getogen in Zwitserland, zaterdag als een verloren zoon toegejuicht. Hij spreekt behoorlijk Nederlands waarin hij na zijn zege duidelijk maakte blij te zijn juist in Brabant gewonnen te hebben. 'Na deze zege zal ik wel weer meer als Nederlander worden beschouwd.' Dat was al zo bij zijn stormachtige entree in het profpeloton begin jaren negentig, maar daarna stagneerde zijn ontwikkeling en vergat het 'tweede' vaderland hem.

Zülles grote probleem is altijd geweest dat hij zijn zenuwen niet altijd in bedwang kan houden. Maar hij lijkt nu beter met de druk te kunnen omgaan, ook al omdat de aandacht voor ploegmaat Laurent Jalabert hem een beetje in de schaduw zet.

Hij is mentaal al sterk genoeg zich tot de favorieten voor de eindzege te durven rekenen en met een tweede plaats in 1995 kan hij ook nauwelijks anders.

De festiviteiten werden zaterdag dan ook op een laag pitje gehouden, zondag was er weer een dag om over alle daaropvolgende dagen maar te zwijgen. De rest van de familie mocht deze Brabantse nacht lang maken, maar op de stoel van neef Alex zat vanaf half elf het gele leeuwtje waarmee etappewinnaars altijd zwaaien ten behoeve van een sponsor.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden