column

In de ogen van jongere recruiters ben ik eerder rijp voor Naturalis dan voor een schoolklas

Merel van Vroonhoven artikel Column Beeld .
Merel van Vroonhoven artikel ColumnBeeld .

‘Is bij jou het glas altijd halfvol? Dan zoeken wij jou...!’ ‘Leerkracht worden op een school voor pioniers en verhalenvertellers? Solliciteer!’ ‘Ben jij onze nieuwe leraar voor groep 4?’

Een onophoudelijke stroom vacatures trekt aan mijn oog voorbij. Sociale media lijken wel ontploft. Advertenties vol fonkelende foto’s en wervende woorden, promotiefilmpjes met lachende kinderogen, die elk onderwijzershart doen smelten. Het wervingsseizoen in onderwijsland is geopend. De schoolbezetting van volgend schooljaar moet rond. Geen sinecure, gezien het nog altijd groeiende lerarentekort. Dus worden alle registers opengetrokken.

Ook voor mij breekt de tijd aan dat ik mijn studentenstatus ga verruilen voor die van werknemer. Met gemengde gevoelens, ik geef het toe. Niet omdat mijn keuze voor het onderwijs tegenvalt. In tegendeel, elke stagedag voor de klas is weer een hoogtepunt. Het is meer het besef dat mijn tweede studentenleven op zijn einde loopt. Nieuwe dingen leren, mijn tijd flexibel indelen, midden op de dag met een laptop op het strand, in plaats van in een bedompt klaslokaal; het maakt zelfs het schrijven van de tsunami aan reflectieverslagen nog een feest.

‘Er komt een plek vrij bij ons op school,’ zei mijn stagebegeleider Inge onlangs, ‘iets voor jou?’ Leerkracht groep 6 in het speciaal onderwijs. Mijn droombaan! Solliciteren dus.

Vertwijfeld bekijk ik mijn cv. Pagina’s vol werkervaring, maar wat heeft mijn jarenlange werk als leidinggevende bij ING en de NS met didactische kwaliteiten op het vlak van taal en rekenen te maken? Misschien kan ik een parallel vinden tussen mijn ervaring bij de AFM, met toezicht op banken en accountants, en het klassenmanagement van groep 6? Of is het beter als ik mij beperk tot de pabo-stages van de afgelopen twee jaar? Met pijn in het hart verdwijnt mijn vorige werkende leven in de prullenbak.

Als 50-plusser sta je 1-0 achter bij een sollicitatie, waarschuwt een website als ik ter voorbereiding op mijn sollicitatiegesprek het internet afstruin. In de ogen van de veelal jongere recruiters ben ik eerder rijp voor Naturalis dan dat ik enige kans van overleving zou hebben in de jungle van het moderne leven. Ik ben vastgeroest en niet flexibel, zo heet het. Ik ben duur en kan niet omgaan met de nieuwste digitale tools. En last but not least, ik wil niet hard werken en denk al aan mijn pensioen.

Wie had gedacht dat ik nog eens bij de generatie ‘afgeschreven’ zou horen?

Ik denk terug aan dertien jaar geleden. Ik was pas gescheiden. ‘Waarom schrijf je je niet in bij een relatiebemiddelingsbureau?’ opperde een vriendin. Dus trok ik de stoute schoenen aan en meldde me aan. Tot mijn verbijstering zei de man van het bureau: ‘Ik wil u wel helpen met het vinden van een nieuwe levenspartner, maar enkel met de disclaimer dat ik succes niet kan garanderen. U bent al 40, en vrouwen op die leeftijd zijn nu eenmaal lastig bemiddelbaar.’

Zouden ze op mijn school ook zo naar mij kijken?, vraag ik mij licht bezorgd af als ik naar mijn gesprek met de sollicitatiecommissie fiets. Maar een dinosaurus voor de klas is toch altijd beter dan helemaal niemand voor de klas? Voor het eerst denk ik, heel even: dat lerarentekort is zo slecht nog niet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden