In de literatuur is wederopstanding altijd denkbaar

Schrijvers verdwijnen makkelijk uit het geheugen, ziet Arjan Peters. Gelukkig is wederopstanding altijd mogelijk.

Beeld Io Cooman en Eva Roefs

Aan de lopende band worden schrijvers vergeten, zonder annonce of rouwdienst, vergeleken daarbij is de Eenzame Uitvaart een feestje. Maar de stilte heeft niet het laatste woord; religie en literatuur komen hierin overeen, dat een wederopstanding altijd denkbaar is.

De herrijzenissen grijpen zelfs volop plaats, meestal buiten de schijnwerpers van de literaire arena. Veertig jaar nadat Jotie T'Hooft zelfmoord pleegde in Brugge op zijn 21ste, is de bundel Junkieverdriet opnieuw verschenen (De Bezige Bij; euro 17,99): 'Nog ben ik jong,/ Maar ik ben oud. Al wat ik bezong/ Verschrompelt vlug, wat ik bemin/ Bestaat, hoewel ik het verzin/ En door mijn woorden waadt het einde/ Nader, duidelijker dan het begin.'

Ook Verrukking ziet na een eeuw het licht, een gedicht van Theo van Doesburg (1883-1931) dat in handschrift vier jaar geleden opdook bij antiquariaat De Slegte in Antwerpen. Aan een vriend schreef hij op 25 oktober 1915 dat het een lied is, op zijn eigen adem geïnspireerd. 'Ik heb iets in mijn hart... O!.../ Zacht.../ Ik heb iets in mijn hart.../ Ha!.../ Kracht.../ Ik heb iets in mijn hart.../ Ah!.../ Pracht...', en waarschijnlijk scheelt het veel als we die klanken verrukt reciteren (Hinderickx & Winderickx/ De Slegte; euro 18).

Voor een exquise uitgever maakte Jan Paul Hinrichs een keuze uit de dagboeken 1934-1943 van wellicht onze allersomberste schrijver, J. van Oudshoorn, die droomt van de uitvinding van een bril 'waardoor men in het duister even duidelijk zag als bij daglicht', en vaststelt dat de dood een gedachte is die betrokken is op het leven: 'Het zich zelf weersprekende daarvan komt overeen met de tegenspraak, dat de doodsgedachte een levend wezen behoeft om er in op te komen. De doodsgedachte, kan men zeggen, is niet datgene, waarvoor zij zich uitgeeft', een citaat dat nog geen reden geeft om lebensbejahend aan de lamp te gaan hangen, maar dat toch opgewekter is dan we van hem konden verwachten (Statenhofpers; euro 90).

Van de innemende Jan Paul Bresser (1941-2015), toneelcriticus en oud-chef kunst van de Volkskrant, komen twee jaar na zijn dood de verzamelde gedichten uit: 'Vlak voor de kleine wandeling/ de straat door naar de tram/ staan ze in de kamer bij elkaar/ en kust zij hem/ en kust hij haar een ogenblik van eeuwen/ onderling/ en buiten sneeuwt het meeuwen.' (Liverse; euro 24,95).

Stilte heeft het laatste woord, heet het boek. Toch hoor ik het hem zeggen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden