Weblog

In de iHub opent zich de nieuwe wereld

Gretig grijpen Afrikaanse jongeren de kans aan om via internet een bestaan op te bouwen. Hubs zoals de nieuwe mediatheek in Benguela bieden de snelle verbinding die zij nodig hebben.

Beeld iHub

Verreweg de prettigste plek in Benguela, een oude stad aan de kust van Angola, is de nieuwe mediatheek. Een gloednieuw gebouw, met een tuin eromheen, veel wanden van getint glas en airconditioning met een eigen generator voor als de elektriciteit in de stad uitvalt. Het kan heet worden in Benguela, ondanks de zee. Zand en stof dwarrelen over de straten. De mediatheek is niet alleen koel, er is toegang tot snel internet. Dat trekt de jongeren uit de stad als een magneet.

Jonge internetondernemers
João da Silva heeft hier een droombaan als een van de assistenten, vindt hij. Dit is de plek waar de nieuwe wereld zich voor de Benguelezen zal openen. Hier kunnen jonge ondernemers een internetbedrijf beginnen. Hij kan advies geven en technische ondersteuning. Voor nog geen 8 euro per jaar ben je al lid. Dat is zelfs voor de armen nog wel te doen. In augustus 2012 kwam de president van Angola de mediateca openen, een paar maanden later waren er al achthonderd leden. Elke dag komen er zeker vierhonderd bezoekers langs in de mediatheek, zegt Da Silva.

Het is een spannende trend in veel Afrikaanse landen: gretig grijpen vooral jongeren hun kans om via mobiele telefonie en internet een bestaan op te bouwen. Overheden wedijveren met elkaar bij het zo snel mogelijk aanleggen van de benodigde infrastructuur.

De internetrevolutie verandert het onderwijs ingrijpend. Da Silva toont in de mediatheek van Benguela de kinderafdeling: een hoek met kinderboeken, iPads en eenvoudige computers. Hele schoolklassen komen hier langs voor onderricht. Er is een audiovisuele ruimte en ook een traditionele bibliotheekhoek met een rijke collectie Afrikaanse romans.

Luie zitmeubels voor cybervolkje
Er is niet op een dubbeltje gekeken bij de inrichting van de mediatheek, terwijl nogal wat van de koloniale gebouwen in de prachtige stad in staat van verloedering verkeren. In de grote zaal staan tafels met computers, aan de wanden hangen flatscreens, bij de buitenramen staan luie zitmeubels voor het jonge cybervolk met laptops. Je kunt je even in de openbare bieb van Amsterdam wanen.

De komst van goedkope Chinese apparatuur van Huawei heeft de trend versneld. In een restaurant in Benguela zitten twee Chinese medewerkers van Huawei: ze leggen een verbinding aan van de hoofdstad Luanda naar Benguela. Veel Engels of Portugees spreken ze niet, maar dat ze hier goede zaken doen, weten ze wel duidelijk te maken.

Chinese bedrijven zijn ook actief bij de aanleg van het glasvezelnetwerk dat zich in Afrika snel uitbreidt. Facebook zoekt de internet-Afrikanen met een plan drones boven het continent te laten vliegen.

De mediatheek van Benguela is een bescheiden activiteit. De belangrijke 'hubs' lijken minder op een bieb en meer op een uit zijn voegen gegroeid cybercafé. Hier werkt de crème de la crème van de creatievelingen, die steeds met nieuwe uitvindingen en initiatieven op de proppen komen.

Nairobi belangrijkste hub
De allerbelangrijkste is waarschijnlijk de iHub in Nairobi, door internetgoeroe Erik Hersman (een Amerikaan die opgroeide in Kenia en Soedan)en een groep Keniaanse whizzkids opgezet in 2008. Uit deze groep komen vernieuwingen als het mobiel bankieren van m-Pesa voort.

Jessica Colaço is een van de drijvende krachten van iHub Kenya. Ze hield vorige week een lezing van het SID op de VU in Amsterdam. Jongeren tussen de 18 en de 35 kunnen zich aanmelden als lid bij de iHub (innovatiehub). Het zijn ambitieuze jongeren, webdesigners, programmeurs, bloggers, zegt Colaço. Ze moeten al een lopend project hebben willen ze worden aangenomen, een half jaar op proef dan een jaar vol aan de slag. Ze krijgen steun, feedback en training. Er heerst een opwindende sfeer van alles is mogelijk.

Het zijn vooral 'techies', zegt Colaço, die de neiging hebben helemaal op te gaan in hun computerwerk. In de iHub leren ze hoe ze hun slimme vondsten ten nutte kunnen maken voor de gemeenschap en als ondernemers.

Ze vertelt ter inspiratie over de onderneming van de iHub-stagiaires Jamila en Susan: de M-Farm. Die gingen eerst op zoek naar een behoefte bij een doelgroep: boeren in een streek buiten Nairobi die de tussenhandelaren wilden omzeilen. Ze vonden een oplossing in de nieuwe media: verzamel prijsgegevens op de afslag in de stad en maak die beschikbaar via de mobiele telefoon. Nu hebben de twee 30 medewerkers in dienst, van wie er 17 op de werkvloer bij de veilingen en de groothandel gegevens verzamelen. Op een speciaal ontworpen website hebben ze een markt geschapen waarop boeren direct kunnen verkopen aan groothandelaren of andere ondernemers. De boeren betalen een kleine contributie.

Digitale banen
Zo komen er elk jaar zeker tien nieuwe initiatieven van de grond in de iHub, zegt Colaço. De mislukkingsgraad is wel hoog, maar dat vindt zij niet zo erg: mislukkingen worden gevolgd door verbeteringen. Het is een dynamisch leerproces. Het doel is 'digitale banen' te scheppen. Wat dat precies zijn en hoe groot de mogelijkheden voor de Afrikaanse jongeren zijn, is nog ongewis.

Colaço noemt de digitalisering van vluchtelingengegevens, een opdracht van hulporganisaties. Ook zoeken bedrijven digitale oplossingen om de consument te bereiken; daar liggen kansen. Op het internet zijn bovendien opdrachten uit de hele wereld te vinden, daar zoeken de ambitieuze Kenianen ook naar inkomen. Het is een hype op het continent, zegt ze. Er zijn al twintig hubs in Nairobi en vijf in de provincie. Ze kent zo honderd internet-hubs in Afrika, waarvan ze er echter tachtig tamelijk leeg vindt.

Het succes kan ook te groot zijn. In de Angolese hoofdstad Luanda kocht een zzp'er die werkt voor de media na een bezoek aan de mediatheek meteen een lidmaatschapskaart, anderhalf jaar geleden. Maar het is er nu zo verschrikkelijk druk met jongeren die de hele tijd op sociale media in de weer zijn dat er geen computer vrij is, mailt hij, en er is te veel rumoer om op je eigen laptop te werken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.