In de fuik van moeders pappot

Column Aleid Truijens

Studenten blijven weer knus bij pappie en mammie wonen. Sinds de invoering van het leenstelsel in het hoger onderwijs in 2015 is het aantal eerstejaars dat op kamers gaat gedaald, van 28 naar 13 procent. De student uithangen is onbetaalbaar geworden. Studentenkamers kosten tussen de 300 en 500 euro (het gemiddelde in de Randstad) per maand, en dan moet je ook nog eten en je collegegeld betalen. De 'sociale' lening kan dan lelijk oplopen.

Sinds de invoering van het leenstelsel in het hoger onderwijs in 2015 is het aantal eerstejaars dat op kamers gaat gedaald, van 28 naar 13 procent. Foto Thinkstock

Dus blijven de meesten lekker goedkoop op hun oude kinderkamer, terwijl ze ernaar snakken om eindelijk eens op eigen benen te staan en verantwoordelijkheid te dragen. Zo gaat de lol van het studentenleven er behoorlijk af. Wie dagelijks na college braaf met de trein teruggaat naar moeders pappot maakt van die gezelligheid - en de teleurstellingen, miskleunen en eenzaamheid die bij het volwassen worden horen - weinig mee. Dat is jammer.

Vooral omdat het thuis blijven wonen sociaal bepaald is. Het aantal eerstejaars daalde door het afschaffen van de stufi al met 6,8 procent, maar onder kinderen van laagopgeleide ouders was die daling 15 procent. Wie wel gaat studeren, zonder ouderlijke steun, zal thuis blijven wonen. Studentenkroegen zullen gevuld zijn met studenten die wél in de stad wonen en genoeg geld van hun ouders krijgen om onbezorgd te zuipen, zooien en brallen, of die een studie hebben gekozen die leidt tot een inkomen waarvan ze straks makkelijk een lening van een halve ton kunnen terugbetalen.

Studentenvereniging floreren nog steeds, ondanks het groeiende aantal thuiswoners. Onlangs werden de studentenverenigingen tot cultureel erfgoed bestempeld. Erfgoed: passende term. Welkom terug in de 19de eeuw, bij de elitekinderen die een paar jaar onbespied en onbestraft de beest uit konden hangen en net zolang voor gezagsdrager konden spelen tot ze er zelf een waren.

Kansenongelijkheid in het onderwijs, het thema is populair in de (concept)verkiezingsprogramma's en standpuntenlijstjes. De VVD wil dat 'iedereen het beste uit zichzelf haalt'. Het CDA wil nog steeds de studiefinanciering terug, net als de SP.

Alleen de PVV rept in het ene A4'tje 'Nederland weer van ons!' met geen woord over onderwijs. Ik neem aan dat de oude programmapunten - buitenlanders moeten hun eigen schoolkosten betalen; elke ochtend zingen we het volkslied bij de Nederlandse vlag - overeind blijven.

De PvdA broedt op een programma, of zit zich stilletjes te schamen omdat het kabinet met een PvdA-onderwijsminister liefst drie beslissingen nam die aantoonbaar nadelig uitpakten voor kinderen uit 'lagere strata' en die de sociale kloof in Nederland vergrootten: het afschaffen van de studiebeurs, het toestaan van talloze nieuwe categorale scholen en het minder belangrijk maken van de Cito-toets: leerkrachten blijken kinderen van hogeropgeleiden hoger aan te slaan, ontdekte de Inspectie van het Onderwijs. Het kwam ons op een berisping van de OESO te staan.

Vooral GroenLinks en D66 hebben de mond vol van beter onderwijs en gelijke kansen. Jesse Klaver maakt er bij elk optreden een nummer van. Het valt niet mee om hem serieus te nemen nadat hij vakkundig door Zondag met Lubach (11-9-2016) is ontmaskerd als Obama-imitator, maar vooruit: hij is, net als D66, vóór meer mogelijkheid tot stapelen en doorstromen, en daar valt veel voor te zeggen. Maar hij is dan weer tegen de 'afreken- en toetscultuur' in het onderwijs - net als de SP. Beide linkse partijen begrijpen niet dat een objectieve toets een kind meer kansen biedt dan een bevooroordeelde leerkracht. Klaver is - alweer met de SP - tegen de 'sluipende privatisering' en 'economisering' van het onderwijs, maar geen van beide partijen heeft een goed alternatief voor de lumpsum-financiering, die de publieke ondernemer alle vrijheid laat.

Het raarste programmapunt van Klaver: gratis bijles voor alle leerlingen. Hijzelf heeft daar vroeger veel aan gehad (Klaver haalt graag overal zijn levensverhaal bij). Naschoolse lessen? Kinderen zitten bij ons al te veel uren op school; juist in de best presterende landen kunnen ze met minder toe. De enorme smak geld die bijles zou kosten kun je beter besteden aan bevoegde leraren en het verkleinen van hun lestaak. Dat laatste stelt D66 voor - goed plan. En wie zou die bijles moeten geven? Studenten die werken bij commerciële bureaus? Het zou ze helpen om hun kamerhuur te betalen. Maar het is natuurlijk een slecht idee.

Aleid Truijens is schrijfster, literatuurrecensente en biografe. Reageren? opinie@volkskrant.nl

Meer over