In de appconomy stroomt geld niet vanzelf binnen

Door Wouter Keuning

Al in 2002 wist Ralph Cohen het: mobiel internet wordt het belangrijkste medium in het dagelijks leven van mensen. Zo zeker was hij van zijn zaak dat hij IceMobile oprichtte, een bedrijf dat zich louter zou richten op mobiel internet. Het duurde een paar jaar en mobiele internetflops als wap en i-mode moesten eerst worden overleefd, maar inmiddels is de voorspelling van Cohen uitgekomen. De belofte van mobiel internet is eindelijk ingelost.


Het in Amsterdam gevestigde IceMobile telt 75 werknemers en is daarmee een van de grootste, zo niet de grootste in de branche in Nederland. Het bedrijf ontwikkelt louter apps voor mobiele telefoons en tabletcomputers. Vrijwel uitsluitend jonge, hippe twintigers en dertigers bevolken de werkvloer. Op de designafdeling tekent een ontwerper een slangachtig wezen op zijn computerscherm, zijn collega bladert ter inspiratie door tijdschriften als FRAME en Wallpaper.


Met name de afgelopen twee jaar hebben veel mensen het voorbeeld van Cohen en een aantal andere ondernemers gevolgd. Bedrijven die hun geld (voornamelijk) verdienen met het ontwikkelen van apps voor mobiele telefoons schieten sinds 2008 als paddestoelen uit de grond. De 'appconomy' is ook in de polder een feit.


'En we zitten pas aan het begin', zegt Tjeerd Romijn, oprichter van het eveneens in Amsterdam gehuisveste Phonecast Solutions. Al in 2004 richtte Romijn het bedrijf op, maar het kantoor ziet er uit als dat van een start-up. Een grote vierkante vergadertafel met daarop bijna antieke smartphones en hun verpakkingen staat er te midden van vier bureaus in een grote, verder kale, open ruimte. Achter een zwart gordijn de kapstok, koelkast en het koffiezetapparaat, op de muur in grote letters de bedrijfsnaam.


Nederlandse branchespecifieke gegevens zijn niet bekend maar uit onderzoek van de Volkskrant blijkt dat in Nederland momenteel zo'n veertig bedrijven in de branche actief zijn (eenpitters en studenten die ook een keer een app hebben ontwikkeld, niet meegerekend). Bij die bedrijven (de meeste hebben tussen de 2 en 6 werknemers in dienst, bij de drie grootste werken bij elkaar bijna 200 man) zijn in totaal rond de 400 ontwikkelaars actief. Gezamenlijk hebben ze jaarlijks een omzet die ligt tussen de 18 en 23 miljoen euro. Wanjo Temkov van het bedrijf Mobilaria uit Enschede schat dat de branche in zijn geheel nog wel wat groter kan zijn. 'Het is een industrie die sterk in ontwikkeling is. Dan gebeurt dus ook veel wat niet zichtbaar is.' Anderen wijzen er op dat bovendien heel wat bedrijven in eigen beheer apps ontwikkelen.


Tjeerd Romijn van Phonecast omschrijft de branche als een typische jonge bedrijfstak waar, zoals veel vaker in ontluikende industrieën, ook een hoop gelukzoekers en cowboys hun kansen proberen te grijpen. Begrijpelijk, want er is geen roze bril voor nodig om tot de conclusie komen dat in deze industrie geld te verdienen valt.


Zoals ondernemers die naar China trekken zichzelf lekker maken met het idee dat ook een marktaandeel van slechts 1 procent al zeer lucratief is, motiveren ook nieuwe app-ondernemers zichzelf met de duizelingwekkende cijfers over de enorme groeimarkt die bovendien potentieel wereldomvattend is; onderzoeksbureau Gartner berekende onlangs dat in 2010 wereldwijd 1,6 miljard smartphones werden verkocht, al 31 procent meer dan in 2009.


De markt voor tabletpc's is met 55 miljoen verkochte exemplaren in 2010 aanzienlijk kleiner, maar ook hier wordt forse groei verwacht. In 2014 zullen volgens Gartner ruim 200 miljoen van dergelijke apparaten worden verkocht. Mobiel internet zal volgens meerdere analisten dit jaar voor het eerst bovendien groter worden dan 'vast' internet. Ook aanlokkelijke voorbeelden waarvan beginnende ondernemers dollartekens in de ogen krijgen, zijn veelvuldig voorhanden. Neem het wereldwijd zeer succesvolle Angrybirds. Het eenvoudige spelletje, gemaakt door het kleine Finse Rovio, zorgde in een jaar tijd voor een geschatte omzet van 15 miljoen euro. Een ongelooflijk bedrag als je beseft dat het spel 79 cent kost in de appstore en een deel van dat geld aan de strijkstok van Apple blijft hangen.


Toch is het lang niet zo gemakkelijk geld te verdienen in deze markt als op het eerste gezicht lijkt, stelt Romijn. 'Het ontwikkelen van applicaties is kostbaar en technisch lastig. Het is softwareontwikkeling. Dat is heel wat lastiger dan het bouwen van een website', stelt hij. Bovendien: 'Je moet behoorlijke investeringen doen die zich niet altijd direct terugverdienen.'


Ook de concurrentie is hevig: 'Het is echt een vechtmarkt. Opdrachtgevers nodigen voor pitches (korte presentaties, red.) makkelijk acht bedrijven uit.' Nog een lastig verschijnsel op de markt: 'Het is een nieuwe tak van sport. Veel bedrijven weten wel dat ze iets willen met mobiele applicaties, maar als het even tegenzit, zijn het ook de eerste projecten die worden stopgezet.'


Vincent Hoogsteder van het Nederlandse bedrijf Distimo, dat als enige Nederlandse bedrijf structureel de ontwikkelingen in de wereldwijde appconomy in kaart brengt, voegt daaraan toe: 'Omdat het om de ontwikkeling van software gaat, is een product nooit af. Je maakt iets, maar moet er daarna constant aan blijven sleutelen en verbeteren. Dat kost ook veel tijd en geld. En als iets aanslaat, moet je het eigenlijk ook voor meerdere platforms maken (iOs van Apple, Android van Google, Symbian van Nokia, etc, red.). Dat kost allemaal geld.'


Ook de enorme groei van ondernemers in de branche maakt haar tot een lastige, zegt Vincent Verweij van de Amsterdamse app-ontwikkelaar Makayama. In zijn woorden: 'De appbusiness zit nu op de bodem van de varkenscyclus. Wij ontwikkelaars zijn de boeren en de apps zijn de varkens. Er zijn te veel boeren bij gekomen de laatste twee jaar. Daardoor is een enorm overschot aan varkens ontstaan, waardoor de prijzen belachelijk laag zijn. Dat is prettig voor de consument, maar dodelijk voor de ontwikkelaars.'


Het mag dan allemaal niet vanzelf gaan, geld wordt er wel degelijk verdiend. Welk verdienmodel het best werkt, is nog onderwerp van discussie. Uit een enquête onder vijfendertig ondernemers in deze branche blijkt dat ze vrijwel allemaal het meeste geld verdienen als zij in opdracht van derden, met name bedrijven, apps ontwikkelen tegen een vast uurtarief. Eventuele inkomsten uit de verkoop van apps via bijvoorbeeld de appstore of androidsmarktplaats gaan naar de opdrachtgever, die na betaling van de factuur ook eigenaar is van de applicatie.


De lekker makende voorbeelden van goed verkopende apps zoals Angrybirds zijn dus zeker niet illustratief voor de manier waarop geld wordt verdiend in de sector.


Edward Hölsken van Mediabunker: 'Het lanceren van een eigen idee is leuk, maar het is niet zo makkelijk om dé superapp te verzinnen, te exploiteren en te verkopen, en er dan ook nog geld aan te verdienen. Dat lukt enkele geluksvogels af en toe. Maar om daar een bedrijf op te bouwen is naar mijn idee nogal riskant.'


Hij verwoordt daarmee een idee dat breed leeft in de branche: het voor eigen risico ontwikkelen van apps doe je er af en toe voor de lol bij, maar de inkomsten zijn zo onzeker dat niet één Nederlands app-bedrijf primair op die manier zijn geld wil verdienen. 'Je moet heel veel mazzel hebben dat één app toevallig zo goed aanslaat', aldus Cohen van IceMobile.


Een andere, veel zekerder bron van inkomsten bestaat uit advieswerk, weet hij. Cohen ziet op dat vlak veel kansen voor zijn eigen bedrijf en voor anderen in de branche. 'Vooral veel multinationals weten dat ze iets met mobiel internet willen en moeten, maar ze zitten in hun maag met de vraag hoe ze dat in hun organisatie moeten inpassen en wat ze precies nodig hebben. De raad van bestuur wil dat er snel iets wordt beslist en wil dat het zo goedkoop mogelijk gebeurt. In dat soort situaties kunnen wij prima advies geven.'


Hoogsteder van Distimo neemt de laatste maanden nog een andere verschuiving waar in de manier waarop bedrijven in deze industrie hun geld verdienen. 'We zien steeds vaker dat inkomsten komen uit zogenaamde in-app- verkopen en advertenties.' Daarbij worden consumenten bijvoorbeeld 'gelokt' met gratis apps en wordt vervolgens geld aan hen verdiend door ze via reclames in de app door te sluizen naar bepaalde sites of door ze, eenmaal in de app, bepaalde diensten te verkopen.


Als voorbeeld noemt Hoogsteder spelletjes waarin je virtuele valuta kunt kopen om er in dat spel iets mee te doen. 'Je koopt in de appstore voor een paar dollar bijvoorbeeld 3.000 punten waarmee je in dat spel aan de slag gaat.'


Een ander voorbeeld: spelers die in Angrybirds een bepaald level niet kunnen uitspelen, worden in het spel doorverwezen naar de appstore waar ze wezens kunnen kopen die het uitspelen van dat level vergemakkelijken.


De vele manieren waarop geld kan worden verdiend, en met name de onderliggende trends, maken dat de voorman van Icemobile zeer positief is over de nabije toekomst. 'Zoals je vroeger de telefoon nou eenmaal opnam in de gang omdat daar de kabel van de PTT binnenkwam, zijn mensen de afgelopen jaren gewend geraakt aan het feit dat je internet gebruikt dicht bij de plek waar de internetkabel je huis in komt. Maar zoals je inmiddels overal kunt bellen waar je wilt, kun je nu ook mobiel internetten waar je wilt.'


Tjeerd Romijn van Phonecast wijst erop dat Nederland in de ontwikkelingen voorloopt op continentaal Europa. 'Kijk je naar de ontwikkeling van apps dan kan je gewoon de lancering van de iPhone volgen. De VS en Groot-Brittannië zijn de koplopers, daarna komt Nederland. Duitsland loopt mijlenver achter op ons. Italië en Spanje nog meer.'


Zie vk.nl voor een overzicht van de bedrijven die hebben meegewerkt aan de enquête waarop dit artikel mede is gebaseerd.


Vincent Verweij CEO App-ontwikkelaar Makayama


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden