Reportage 24-uursopvang

In de 24-uursopvang: ‘Nu heb ik weer hoop dat ik uit mijn dakloosheid kom’

Bezoekers van de Sleep Inn in Utrecht. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

De Nationale Ombudsman en de Kinderombudsman roepen het kabinet op het daklozenprobleem snel aan te pakken. Een nieuwe 24-uursopvang in Utrecht moet de vicieuze cirkel doorbreken waarin veel daklozen verkeren.

In de binnentuin van de Utrechtse Sleep Inn rookt een 36-jarige man met netjes gekamd sluik haar een sigaretje na het ontbijt. Hij oogt wat pips. Maar aan zijn verzorgde voorkomen is verder niet af te zien dat de voormalige grafisch vormgever de afgelopen twee jaar geregeld in deze nachtopvang voor daklozen heeft geslapen. ‘Mijn bewindvoerder betaalde de huur van mijn kamer in Overvecht niet. Zo kwam ik op straat’, vertelt hij – uit schaamte voor zijn situatie wil hij niet met zijn naam in de krant.

‘Twee jaar in de nachtopvang, zonder uitzicht op iets, dat moet toch niet kunnen?’, reageert medewerker Harry Troost van de organisatie De Tussenvoorziening. Troost weet waar hij over praat. In 2003 was hij zelf enige tijd dakloos met zijn gezin, na hun terugkeer uit het buitenland. ‘Mensen zouden niet langer dan drie maanden in een nachtopvang moeten verblijven. Dan glijden ze alleen maar verder af, in drank en drugs bijvoorbeeld. Ze moeten sneller woonruimte krijgen.’

Dat is waar Utrecht en een reeks andere gemeenten nu aan werken. Zij bouwen bijvoorbeeld locaties voor de nachtopvang van daklozen om tot voorzieningen voor 24-uursopvang. Met de bedoeling dat daklozen daar na een paar maanden verblijf met begeleiding kunnen doorstromen naar permanente huisvesting.

De Sleep Inn in het centrum van Utrecht is hiervoor de afgelopen zomer deels verbouwd. De slaapzalen met stapelbedden op de zolderetage hebben plaatsgemaakt voor twaalf eenpersoonskamers. Die hebben vanaf deze maand nieuwe bewoners. Vanaf april 2020 biedt de Sleep Inn alleen nog maar dergelijke 24-uursopvang. Daar kunnen ze dan de hele dag verblijven. Anders dan de nachtopvang waarbij de bezoekers om 10 uur ’s ochtends het pand moeten verlaten en de dag op straat moeten zien door te komen.

De slaapzaal van de Utrechtse nachtopvang. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Kleine kamer 

‘Het lijken kleine kamers, maar dit is een enorme stap’, zegt bestuurder Guusta van der Zwaart van De Tussenvoorziening tijdens de rondleiding over de vernieuwde zolderetage. Veel meer dan een eenpersoonsbed en kast past er niet in. Maar met deze sobere ruimtes moet de vicieuze cirkel doorbroken worden waarin veel daklozen verkeren. ‘In de nachtopvang missen de gebruikers een eigen plek om hun zaken te regelen om weer een stap vooruit te kunnen zetten.’

‘Nu heb ik weer goede hoop dat ik uit mijn dakloosheid kom’, zegt David (37), die er twee weken geleden een kamer betrok. De goedgemutste Utrechtse huisschilder behoort tot de eerste lichting bewoners van deze 24-uursopvang. Eerder dit jaar werd hij dakloos, nadat zijn moeder overleed. Hij was bij haar ingetrokken om voor haar te zorgen toen ze ziek werd. Door zijn schulden kon hij bovendien de huur van zijn laatste huis niet langer betalen.

In een periode van maximaal drie maanden krijgen de tijdelijke bewoners onder meer hulp bij het aflossen van hun schulden en het zoeken naar werk. Doel is deze groep zo snel mogelijk weer zelfstandig onder dak te krijgen. Daar worden ze ook nog een tijdje begeleid, om de kans op een terugval te verkleinen.

24-uursopvang

De grote steden en een aantal andere gemeenten zijn bezig met het organiseren van 24-uursopvang voor daklozen. Dit nadat de rekenkamers van die steden eerder constateerden dat de hulp aan daklozen te kort schoot en dat deze doelgroep niet geholpen is met alleen nachtopvang. Het aantal daklozen is volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek de afgelopen tien jaar verdubbeld, van 18 duizend in 2009 naar bijna 40 duizend dit jaar.

Den Haag is vorig jaar al begonnen met deze vorm van hulp. Amsterdam komt vanaf volgend voorjaar met een permanente 24-uursopvang voor 104 dak- en thuislozen. De bedoeling is dat daklozen uitzicht krijgen op woonruimte en hulp krijgen bij bijvoorbeeld het aanvragen van een uitkering, een postadres en een zorgverzekering.

Een gigantische omwenteling moet het worden, hoopt Van der Zwaart. ‘Van dakloosheid als een staat van zijn naar iets wat we gaan oplossen. Wie in een nachtopvang verkeert, komt bijvoorbeeld ook veel lastiger aan een baan.’

David heeft in elk geval al werk. Maar zijn schulden zijn problematisch. En hij zou minder willen blowen. ‘Dit is een hele goede kans om een nieuwe start te kunnen maken’, zegt hij. ‘De kamertjes hier zijn klein, maar ik heb mijn ogen dicht als ik slaap.’

Voor zichzelf is David overtuigd van een goede afloop. ‘Ik ga mijn best doen, dan komt het voor elkaar.’ Hij ziet dat de begeleiders nog een beetje zoekende zijn, soms stellen ze in zijn ogen iets te veel regels. ‘Maar dat hoort ook bij het proefkonijn zijn, zij moeten uitvinden wat het best werkt.’

De huisregels van de Sleep Inn. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Brandbrief

De aanpak valt of staat bij de woonplekken die de gemeente voor deze groep organiseert, op een al uiterst krappe woningmarkt. Die schaarste aan woningen in Nederland is een van de grootste knelpunten bij het oplossen en voorkomen van dakloosheid. In een brandbrief verzochten de vier grote steden vorige maand het kabinet om meer betaalbare woonruimte te regelen. Ook willen zij extra geld voor de ondersteuning van de groeiende groep daklozen. Utrecht heeft in elk geval beloofd jaarlijks 110 woningen extra beschikbaar te stellen.

Het zal niet altijd meevallen deze groep te begeleiden naar een georganiseerd leven, zegt Van der Zwaart. ‘We hebben geen toverstaf.’ Een meerderheid van de daklozen heeft psychische problemen, een deel van hen is depressief geworden door de dakloosheid. Ongeveer 40 procent is licht verstandelijk beperkt.

Troost: ‘Mensen kunnen alcoholist worden tijdens hun dakloosheid. Dan gaan ze overdag hangen in het park met lotgenoten. De eerste dag zeggen ze nog nee tegen een aangeboden biertje, maar dat houdt niet iedereen eeuwig vol. Dat moet deze nieuwe aanpak in elk geval voorkomen.’

Tegen tienen ’s ochtends, als de gebruikers van de nachtopvang bijna de straat op moeten, is een aantal van hen nog bezig met het smeren van wat boterhammen voor de lunch. Ook de grafisch vormgever vertrekt. Overdag hangt hij vooral in de bibliotheek, vertelt hij, ‘om een beetje te dagdromen’. De nieuwe aanpak met een 24-uurs-plek lijkt hem aanlokkelijk. ‘Maar ik heb ook de hoop nog niet verloren dat ik zelf mijn situatie kan oplossen.’

De eenpersoonskamer in de nieuwe 24-uursopvang. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

LEES OOK: 

Het aantal daklozen is in tien jaar tijd meer dan verdubbeld naar 39 duizend. In werkelijkheid is het daklozenprobleem nog veel groter. Thuislozen – mensen die permanent in daklozenopvang wonen – mocht het CBS van het opdrachtgevende ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport niet meerekenen.

De Nationale ombudsman en de Kinderombudsman roepen 4 december het kabinet op om verantwoordelijkheid te nemen in de huisvestings- en daklozenproblematiek. Dat doen de ombudsmannen in een brief aan premier Mark Rutte.

Daklozenactivist Frank van der Linde wilde een camping beginnen in het Vondelpark. Burgemeester Femke Halsema stak daar een stokje voor.

In Rotterdam zet de particuliere organisatie Barka zich in om Poolse daklozen terug naar huis te helpen. 
Maar lang niet iedereen blijkt daar toe bereid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden