In Cambodja blijft alles bij het oude

Cambodja lijkt sinds de machtsstrijd vorige week weer tot rust gekomen. En in het Westen haalt men de schouders op....

HUN SEN, nu alleenheerser in Cambodja, probeert de wereldgemeenschap (vooral geldschieters en investeerders) weer voor zich te winnen door te verkondigen dat vrije verkiezingen op 23 mei 1998 gewoon door zullen gaan. Dit is slechts huichelarij.

Zo heeft Hun Sen enkele maanden geleden al eens laten merken aan democratische verkiezingen weinig waarde te hechten, toen hij zich uitsprak voor een verbod op deelname aan de verkiezingen voor de KNP (Khmer Natie Partij), een nieuwe partij in Cambodja met vooruitstrevende, democratische standpunten.

Maar ook het minder recente verleden leert dat in de tijden dat de partij van Hun Sen en de zijnen aan de macht was (grofweg sinds januari 1979), van echte democratie nog nooit sprake was (wat niet wil zeggen dat het eerder zoveel beter is geweest).

Gedurende de jaren tachtig maakt Amnesty International herhaaldelijk melding van detenties zonder voorafgaand proces en van mishandeling van gevangenen onder het bewind van de PRPK (Revolutionaire Volkspartij van Kampuchea). In het Jaarboek van de politieke gevangenen over 1981 bericht Amnesty dat vreedzame meningsuiting opsluiting en 'heropvoeding' tot gevolg kan hebben.

Deze onderdrukking van dissidente geluiden treft ook hooggeplaatsten. Pen Sovann, de eerste minister-president van het door Vietnam gesteunde bewind onder staatshoofd Heng Samrin, werd in december 1981 afgezet en gevangen gezet in Ha Dong, dicht bij Hanoi.

De PRPK-overheid (waarvan Hun Sen eerst minister van Buitenlandse Zaken en later minister-president was) zei dat hij in een psychiatrisch ziekenhuis was opgenomen.

Hun Sens bijdrage aan de staatshervormingen in Cambodja tussen 1989 en 1993 mag hem weliswaar niet worden ontzegd. Zijn partij, de PPC (Cambodjaanse Volkspartij, de nieuwe naam van de PRPK) hield echter de touwtjes in handen.

De behandeling van progressieve geesten gaat nu dan ook nog steeds volgens het oude recept. Zo zijn er aanwijzingen dat de PPC verantwoordelijk is voor de granaataanslag op een KNP-demonstratie 30 maart jongstleden, die KNP-leider Sam Rainsy bijna het leven kostte.

Ooggetuigen hebben verklaard dat lijfwachten van Hun Sen verhinderden dat veiligheidsmensen van de KNP achter de daders, die wegliepen in de richting van een PPC-gebouw, aan konden gaan. Tevens blokkeerden zij de doorgang voor ambulances en taxi's die gewonden moesten vervoeren.

Omdat een Amerikaan verwond werd bij de aanslag, was het de FBI geoorloofd een onderzoek in te stellen. Toen de FBI-agenten het land eind juni onverrichter zake verlieten - zij werden bedreigd en getuigen durfden niet te spreken - lieten zij weten de lijfwachten van Hun Sen verantwoordelijk te houden voor de aanslag.

Het aanspannen van een proces zou niettemin geen zin hebben, aangezien zowel de minister van Justitie, als de hoogstverantwoordelijke voor de Cambodjaanse politie tot de PPC behoort.

Hun Sen probeert nu Sam Rainsy zelf van de aanslag te beschuldigen en heeft een arrestatiebevel tegen de in Europa verblijvende KNP-leider uitgevaardigd.

Al staat Hun Sen verkiezingen toe; wat zijn ze nog waard in het licht van deze intimidatiepolitiek? De internationale gemeenschap moet Hun Sen met wantrouwen tegemoet treden en geen investeringen doen in Cambodja voordat mensen met andere opvattingen dan Hun Sen - inclusief leden van partijen als FUNCINPEC, KNP en PLDB - weer gewoon vrij kunnen functioneren in Cambodja.

Martijn IJzereef studeert sociologie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.