'Immoreel' afval dumpen is succes

Westers afval naar de Derde Wereld verschepen stond lange tijd te boek als immoreel. Maar het blijkt op veel fronten een succes te zijn; economie, milieu en de ontwikkelingslanden profiteren....

door Marieke Aarden

'MENSEN IN DE Derde Wereld beginnen al te schuimbekken als ze horen dat in Nederland Albert Heijn-zakken worden weggegooid', zegt milieu-econoom Pieter van Beukering. 'Zij vinden dit goed spul. Afgedankte materialen uit het Westen zoals papier, accu's, metaalschroot, plastic en autobanden vinden steeds vaker hun weg naar ontwikkelingslanden en Oost-Europa. De markt voor recycling globaliseert.'

Zeven jaar grasduinen in honderden fabriekjes en werkplaatsen in India, China, de Filippijnen, Polen en Hongarije hebben Van Beukering bekeerd. 'We dachten altijd dat het immoreel was om onze afgedankte materialen naar ontwikkelingslanden te verschepen. Maar daarvan ben ik nu genezen. Het milieu en de economie profiteren allebei.'

Hoe die internationale handel werkt, beschrijft de milieu-econoom in zijn proefschrift Recycling, International Trade and the Environment, waarop hij vrijdag aan het Instituut voor Milieuvraagstukken van de Vrije Universiteit promoveerde.

'Afval heeft bij elites in ontwikkelingslanden een lage status. Maar in die landen barst het van het talent om bergen afval uit te sorteren. Arbeid is goedkoop, de recyclingtechnologie is eenvoudig en gerecyclede producten zijn populair. Papier mag er bijvoorbeeld minder wit zijn dan bij ons. Producten gemaakt uit secundaire materialen, die zich onderscheiden van duurdere producten uit nieuwe grondstoffen, verkopen goed.'

Het Westen heeft daarentegen groot talent in het inzamelen. 'Op een burgerlijk ongehoorzame enkeling na, werken we allemaal mee aan de inzameling van duizenden tonnen recyclebaar afval. Aangemoedigd door de talloze postbus 51-spotjes, slepen we elk weekend zware stapels papier, het volle krat lege flessen en die bak stinkend groenafval naar de retourette om iets terug te doen voor het milieu. Nederland neemt dan ook een koppositie in in 's werelds recyclingpeloton. Maar weinig huishoudens realiseren zich dat de papierbak nog lang niet het eindstation is van het opgespaarde afval.'

Door het koppelen van de twee talenten - inzamelen in het Noorden en verwerken in het Zuiden - is de internationale handel in aluminium-, zink- en koperschroot en oud-papier snel gegroeid. Nederland exporteert nu 60 procent van het ingezamelde oud-papier, in 1970 was dat nog geen 25 procent.

India heeft als gevolg van de vele honderden papierfabriekjes extra werkgelegenheid voor 23 duizend mensen. Omdat de vraag naar producten uit secundaire materialen groeit, hoeft er minder tropisch bos gekapt te worden. De recyclingindustrie gebruikt minder energie dan de industrie die zich richt op primaire grondstoffen. Aluminiumrecycling scoort zelfs extreem goed: hier gaat 97 procent minder energie in zitten dan in de productie van aluminium uit erts.

India heeft een soort haat-liefdeverhouding met oud-papier. Begin jaren negentig - India was toen voor zijn papierindustrie voor 60 procent afhankelijk van oud-papierimport - ging de grens dicht voor verdere import. Dit zou de lokale markt verstoren, meenden de autoriteiten.

Dat argument klopte absoluut niet, zegt Van Beukering. 'Het Indiase papier is gemaakt uit vezelafval van suikerriet en rijst, dat korte vezels heeft. Het papier in het Noorden, vaak vervaardigd uit pijnbomen, is langvezelig. Door het mengen van kort- en langvezelig papier komt juist een verbeterd product uit de bus.'

Kennisoverdracht is een van de gunstige bij-effecten van de internationale afvalhandel. Maar niet alle kennis uit het Westen is gewenst. 'Een Indiase papierfabrikant vertelde me dat hij was gestopt met oud-papier uit het Westen, nadat de lokale krant hem had beschuldigd van het importeren van porno. Het was niet alleen slecht voor zijn imago, ook zijn productie leed eronder. De sorterende vrouwen renden gillend de fabriek uit als ze blote vrouwenplaatjes in hun handen kregen, terwijl de mannen met de verboden boekjes een stil plekje opzochten. Nu komt er nog slechts oud-papier uit Islamitische, pornovrije, landen.'

Een ander treffend voorbeeld van de mondialisering van recyclebaar afval is loodschroot. Jarenlang importeerden de Filippijnen oude auto-accu's uit Europa, Amerika en Japan. Dankzij deze grote toevoer konden drie geavanceerde fabrieken in de Filippijnen worden gebouwd om het schroot te smelten en verwerken. Deze fabrieken opereerden veel efficiënter en milieuvriendelijker dan de talloze smelterijtjes in de achtertuin, die daarvoor dienst deden als loodrecyclers. Deze smelterijen waren vaak niet meer dan één grote pot met een vuurtje eronder.'

Helaas zijn de Filippijnen weer tot die smeltpotten veroordeeld, stelt Van Beukering. 'In 1999 werd in het Verdrag van Bazel besloten tot een totaalverbod op de handel in accu's naar ontwikkelingslanden. De aanvoer stopte en de grootschalige loodrecyclers moesten hun poorten sluiten.'

De milieu-econoom wil het exportverbod van gevaarlijk afval ophefffen, maar dan moet de internationale handel wel scherp gecontroleerd worden om illegale uitvoer tegen te gaan. Enkele louche zaken bepalen het negatieve imago dat aan de internationale handel in secundaire materialen kleeft. 'Zo zit een Nederlander in de bak omdat hij radioactief afval uit Rusland heeft gemengd met afvalplastic', vertelt Van Beukering. 'Deze partij wilde hij aan China slijten, maar in Hongkong werd de vracht onderschept. De man belandde in een Nederlandse gevangenis. Mag hij nog van geluk spreken, in Hongkong had hij de doodstraf gekregen. Het ironische is dat deze crimineel op hoog niveau in Brussel meepraatte over afvalstromen.'

Van Beukering erkent dat er een groot probleem aan de handel kleeft, omdat de grote afvalstromen die kriskras over de wereld gaan moeilijk te controleren zijn. 'Vanwege enkele malafide handelaren kun je echter niet een hele branche opdoeken. Ik heb honderden fabrieken bezocht en daar kreeg ik niet de indruk van grootschalige zwendel. Wat wél kan gebeuren, is dat autoriteiten zich laten omkopen. In ruil voor geld nemen ze een partij chemisch afval aan, die vervolgens wordt gedumpt.'

Niet het kind met het badwater weggooien, maar wel partijen afval monitoren, is de boodschap van de milieu-econoom. 'Ik vind het minstens zo belangrijk dat rijke landen de ontwikkelingslanden aan goede recyclingtechnieken helpen. Nederland, de recyclekampioen, zou daar eens aan moeten gaan werken.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden