Il male di Capri

De geur van Capri is de lucht die je 's avonds opsnuift in de Via Camerelle, als de gasten van het vijfsterrenhotel Quisisana de zonnebrandolie van hun lichamen hebben gespoeld en zich voor de eerste keer die dag buiten hun veilige paleis wagen, om gezamenlijk, rijk onder de rijken, neer...

STEFFIE KOUTERS

Gilberte verruilde 22 jaar geleden Antwerpen voor Capri, even lang geleden als haar zoon is geboren. De liefde voor haar Italiaanse minnaar is allang verdwenen, haar liefde voor Capri zal altijd blijven. Il male di Capri, noemt ze dat gevoel. 'Als je hier boos bent, ben je bozer dan op het vasteland. Als je gelukkig bent, ben je gelukkiger dan op het vasteland.' Nu is ze de eigenaresse van een parfumlaboratorium op Capri, met vier winkels. 'Mijn geuren zijn een beloning voor de mensen die het eiland bezoeken. Een geur is een herinnering.'

De mooie, voorname Gilberte kan zich nog herinneren dat ze altijd in het lang verscheen op de diners in de luxe huizen. Die feesten zijn voorbij. De villa's zijn gesplitst in appartementen met hekken ervoor. Welke internationale beroemdheid heeft er nu nog een huis op Capri, het eiland waar films met Sophia Loren en Brigitte Bardot zijn opgenomen? Eigenlijk alleen de mode-ontwerper Valentino nog.

Tegenwoordig bevolken massa's toeristen de nauwe straten van Capri, veertig minuten varen vanaf Napels. Ze vergapen zich aan de modezaken van Gucci, Prada, Moschino en de winkels met goud, bloedkoraal en diamanten. 'Je wordt hier genaaid waar je bij staat', hoor ik een Nederlandse achter me zeggen, en haar gezicht heeft de verongelijkte uitdrukking van een kind dat knikkers heeft gekregen voor zijn verjaardag terwijl het een fiets had gevraagd.

De rijken uit de dure hotels die zich overdag wel even op straat wagen, tussen de te strakke T-shirts en korte broeken op teenslippers, hebben onveranderlijk een hond bij zich. De Yorkshire-terriër staat nummer een, op korte afstand gevolgd door de pekinees-met-strikje en de teckel. 'Maar mijn jongetje toch', kraait de eigenaresse van een roodbruine teckel die zijn kop afwendt van de biefstuk die de ober hem net heeft gebracht.

Ik drink een campari op het terras van hotel Quisisana. Het hotel is volgeboekt. De prijzen van de kamers lopen op tot 1200 gulden, de prijzen van de speciale suites zijn alleen op aanvraag te verkrijgen. Bijna iedereen ligt aan het zwembad, te wachten totdat de zwetende massa van het eiland is verdwenen. Aan de tafel naast me zit een oudere vrouw, met een lichaam dat zo goed is onderhouden dat ze er een dagtaak aan moet hebben.

Over het terras hangt een flauwe bloemengeur. Een briesje doet het linnen tafelkleed even opwaaien. Ik kijk naar de zee en denk: dit is een van de mooiste plekken waar ik ooit ben geweest. Ik knik bemoedigend naar de vrouw naast me, die me niet wil zien door de zonnebril waarvan de grote poten helemaal zijn bedrukt met het Chanel-embleem.

En ineens heb ik het gevoel dat ik vreemd ga. Ik wil terug. Naar Raphael, die als hij middenin een verkeeropstopping staat als een wilde begint te toeteren, net als de honderd automobilisten voor hem en de honderd automobilisten achter hem. Naar de taxichauffeur, die zegt als ik hem wil betalen: laat zitten, ik ben blij dat je zo van mijn stad houdt. Terug naar Massimo, die als ik een vraag stel over Maradona, me meteen zijn logboek laat zien met aantekeningen vol uitroeptekens over alle wedstrijden die Napoli de afgelopen twintig jaar speelde.

Terug naar de vrouw van Salvatore, in haar bloemenjurk en met haar blubberarmen, die op haar sloffen het leven tegemoet treedt alsof het een leeuw in de arena is. Terug naar Salvatore zelf, de oude schoenmaker uit de sloppenwijk, die krom ligt om de beugel voor de tanden van zijn kleindochter te betalen. Terug naar zijn kleindochter, die me een kus gaf toen ze me net vijf minuten kende. Ik wil terug naar de mensen van Napels.

Een uur later adem ik met diepe teugen de smoglucht van Napoli in.

Steffie Kouters

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden