Nancy Jouwe

Nieuws Onafhankelijkheid Papoea

‘Ik zie het vuur branden bij de Papoea’s, dat geeft hoop’

Nancy Jouwe Beeld Kiki Groot

De onrust in Papoea wordt door de Papoea-gemeenschap in Nederland intensief gevolgd. Ook door Nancy Jouwe (52), jongste dochter van Nicolaas Jouwe, bij leven voorman in ballingschap van een toekomstig onafhankelijk Papoea. ‘Ik denk dat Nederland een ereschuld heeft aan de Papoea’s.’

Ongekend fel zijn de rellen en demonstraties die Indonesisch Papoea al weken in hun greep houden. Niet alleen in de hoofdstad Jayapura, maar in meer dan dertig steden en dorpen is gedemonstreerd, en daarbij gaat het er soms bikkelhard aan toe. De politie schiet met scherp op mannen die soms bewapend zijn met pijl en boog en speren. ‘Er zijn doden gevallen’, zegt Nancy Jouwe. Het lijkt of er een grens is overschreden.

Nancy is de jongste dochter van Nicolaas Jouwe, begin jaren zestig gekozen vicevoorzitter van de koloniale Nieuw-Guinea Raad in toenmalig Nederlands-Nieuw-Guinea en sindsdien de gedoodverfde politiek leider van een toekomstig onafhankelijk Papoea. Toen Indonesië de macht over het laatste restje Nederlands Indië greep, vertrok Jouwe naar Nederland van waaruit hij bleef strijden voor de onafhankelijkheid van Papoea. 

De verhouding tussen de Indonesiërs en de Papoea’s is nooit een gelijkwaardige geworden. Agressieve Javaanse milities die op 18 augustus Papoea-studenten in Surabaya aanvielen scholden hen uit voor ‘apen’, en dat trof de Papoea’s in hun ziel, aldus Jouwe. Het wakkerde het vrijheidsvuurtje aan, dat nog altijd in iedere Papoea blijkt te branden, en dat één reden is waarom Indonesië, 56 jaar na de annexatie van Papoea, nog altijd een grote legermacht in de provincie houdt en het land wegstopt onder een deken van intimidatie en censuur.

Is er qua onderdrukking veel veranderd sinds Soeharto?

‘In 1992 bezocht ik Papoea voor het eerst. Toen was de militaire aanwezigheid veel meer in de stad te zien. Dat zag ik, en ik zag ook een soort onderdanigheid bij Papoea’s die ik bijna merkwaardig vond, een soort onderdanigheid waaraan je merkte dat mensen wisten: ‘ik word in de gaten gehouden’. Je durfde niet over politiek te spreken, en als je het al deed was het in de woonkamer, zittend op de vloer, en zelfs daar deed je het fluisterend.

‘Nu is die aanwezigheid minder duidelijk zichtbaar. Maar ook Jokowi (president Joko Widodo) regeert met harde hand. Je ziet dat hij ook nu alleen maar meer troepen en militairen stuurt, naast de enorme hoeveelheden die er al zijn. Ik heb dat gezien toen ik ging kijken naar het McArthur-monument. Dat staat midden in het hoofdkwartier van de Indonesische militairen. Daar zie je pas hoe groot die militaire aanwezigheid is, het is gigantisch. Dat kwam echt heel bedreigend over, dus je voelt echt wel dat die onderhuidse dreiging er is.

‘Voor de bühne zijn de Indonesiërs nu meer lenient, er wordt meer toegelaten, maar er is in wezen niets veranderd.’

Papoea heeft het aanzien van een bezet land, is het dat?

‘Ik denk dat veel Papoea’s het zo voelen. Elke Papoea kent het bestaan van die etnische ladder waarop de Javaan bovenaan staat en de Papoea onderop. Na die racistische aanval in Surabaya zeggen ze: ‘’Zie je wel, als het erop aankomt zien ze ons niet als echte mensen. We worden gewoon als dieren gezien. Zie je wel?’’ Het gaat niet meer alleen over wel of geen merdeka (vrijheid). Ik denk dat ze vechten voor het fundamentele recht om mens te zijn.’

Zo’n vijftien jaar geleden heeft Papoea een speciale autonome status, de ‘otsus’ gekregen. Heeft dat niet geholpen?

‘Er is heel veel veranderd. Er is veel meer economische activiteit, er zijn shoppingmalls, hotels, een gevoel van westerse grootstedelijkheid. Het gaat ontzettend snel. Er staat een grote shoppingmall op wat letterlijk de tuinen van mijn grootvader waren. Waar hij zijn knolgewassen verbouwde staat nu een Starbucks.

‘Elke week komen er een paar PELNI-veerboten aan met gelukszoekers van elders in Indonesië. Die term is heel toepasselijk, ‘gelukszoekers’. Op twitter zie je het letterlijk: mensen die zeggen: ‘’Ik ben nu in Papua om mijn geluk te zoeken.’’ Die toestroom leidt tot een enorme economische druk. Het is heel moeilijk voor Papoea’s om zich daarin staande te houden.

‘Indonesië doet of die economische ontwikkeling voor iedereen goed is, maar de Papoea’s profiteren er niet van. De jongere Papoea-generatie ziet nu dat er na vijftien jaar autonomie misschien in het gebied veel is veranderd, maar voor henzelf helemaal niets.’

Niet alleen de militairen, maar ook burgermilities in Indonesië keren zich tegen de Papoea’s. De aanvallen op de studenten doen erg denken aan aanvallen op andere minderheden, zoals Ahmadiyah en de lhbti. Is er een verband?

‘Dat baart me inderdaad heel erg zorgen, die aanvallen van burgermilities. Ik moet eerlijk zeggen: voor mij was dat iets nieuws, zeker dat dat op meerdere plaatsen tegelijk gebeurde, niet alleen in Surabaya, maar ook in Papoea zelf. Dan is voor mij de vraag meteen: waar komen die vandaan? Worden die gestuurd door de intelligence, of komen ze op eigen initiatief? Beide is mogelijk. Duidelijk is dat ze met de politie samenwerken. En daarbij komtnog dat ook de militante moslim-aanwezigheid in Papoea groeit. Dat gaat mee in die ontwikkeling.’

Hoe gaat dit verder?

‘Ik weet het ook niet. De bottom line is, dat het heel zorgelijk is. Het enige wat mij hoop geeft is toch echt dat vuur dat ik zie branden bij de Papoea’s. Het zijn niet alleen de jongeren die de straat opgaan, het zijn drie generaties, het zijn mannen en vrouwen. Dat gevoel, en het gevoel dat mensen zich niet zomaar meer laten wegslaan, dat geeft me hoop. Er zit te veel power in dit volk.’

Maar het volk kan de problemen niet alleen oplossen. De internationale gemeenschap moet te hulp komen, want alleen die kan echte verandering brengen. ‘Het is heel erg belangrijk dat de internationale druk op Indonesië groter wordt. Die moet flink worden opgevoerd. De wereld moet Papoea gaan zien als een probleem waar wat aan gedaan moet worden.’

Ligt hier een taak voor Nederland?

‘Ik ben heel boos op Nederland. Ik denk dat Nederland zeker een ereschuld heeft op dit vlak. Maar Nederland zelf gaat dit zeker niet oplossen, al was het maar omdat de Nederlandse regering dat helemaal niet wil. Die hebben andere belangen. De laatste keer dat Rutte in Indonesië was was hij met een handelsmissie met honderd bedrijven of zoiets in zijn kielzog, en twee ministers. ‘

Nancy’s vader, Nicolaas Jouwe,  zwoer in de jaren zestig nooit meer voet in zijn geboorteland te zullen zetten zolang dat was bezet door Indonesië. In 2010 ging hij echter toch terug, met goedkeuring van de Indonesische regering die dacht goede sier te kunnen maken met zijn ‘thuiskomst’. 

Ze hadden hem een Indonesische vlag willen opspelden naar voren willen schuiven als de man die zich, na al die jaren, aan Indonesië zou onderwerpen. ‘Ze dachten: hij is binnen, maar dat bleek toch niet het geval’, glundert Nancy. Jouwe weigerde het speldje en zette zijn gastheren voor schut. Hij overleed zeven jaar later, bijna 94 jaar oud, niet thuis in Papoea, maar in Jakarta.

Nancy: ‘Ik heb van huis uit een ongeschreven boodschap meegekregen: voor politieke vluchtelingen bestaat er geen thuis op de wereld.’

Bloedige dag op Papoea: 16 doden en 65 gewonden
Waar de demonstraties in Hongkong mondiaal alle aandacht krijgen, blijft de strijd voor een onafhankelijk Papoea die vorig maand oplaaide, verborgen. Indonesië dwingt censuur af met keihard optreden. Maandag vielen er 16 doden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden