'Ik word nooit lui'

Tim Persent (40) kwam via het stijldansen in de moderne dans terecht, en via Grantham, het geboortedorp van Margaret Thatcher, in Rotterdam....

Het mag nu wel afgelopen zijn met al die verrassingen, vindt danser Tim Persent. 'Het lijkt wel of de hele danswereld mij buitensluit met al die geheimen waarvan ik geen weet heb.' En dat is een ongekend gevoel voor Persent die als danser een groot sociaal netwerk onderhoudt. Neemt niet weg dat hij ervan genoten heeft.

In oktober kreeg hij tijdens de Nederlandse Dansdagen in Maastricht de Gouden Zwaan uitgereikt voor zijn hele carri. Hij wist van niets. Na zijn solo uit de dansopera Les Indes Galantes van Leine & Roebana kon hij alleen nog dankwoorden en namen rebbelen, toen hij oog in oog met alle prominenten en collega's uit de danswereld door vriendin en danseres Anne Affourtit werd overvallen met het Zwaan-beeldje, ontworpen door Toer van Schayk. 'I was shocked.' Wederom een raar gevoel voor een danser die zich altijd tot in detail voorbereidt op wat komen gaat.

Eind oktober kwam de feestelijke finale. Persent werd 's middags geerviewd door studenten van de Rotterdamse Dansacademie. Stapt plotseling zijn broer met diens gezin binnen. Overgevlogen uit Londen, om 's avonds Ditto van Leine & Roebana te zien, de voorstelling waarin Persent dit najaar danst.

'Ik ga meestal naar hen toe in Engeland omdat ik single en dus mobieler ben. Nu troffen ze mij op mijn eigen terrein. Ze zagen mijn werk, deelden in mijn wereld. Dat voelde intiem. Ik zeg vaak: ''Wie mij beter wil leren kennen, moet naar een voorstelling komen.'' Op toneel ben ik mezelf, zonder woorden.'

Zijn ouders hebben hem nog nooit live zien dansen. Wel op video's. Zijn twee broers zagen hem tien jaar geleden voor het laatst op toneel. 'Ik heb ze wel een opname gestuurd van de prijsuitreiking. Ze zijn trots. Goh, dit is baby-broertje.'

Persent is de jongste van drie, geboren in een kleurlinggezin in Zuid-Afrika, met Afrikaanse, Maleisische en blanke wortels. Hij was er voor het laatst in 1983 om zijn opa te begraven. Op zijn vierde verhuisde het gezin naar Zambia, een land dat nog steeds warme gevoelens oproept 'vanwege het prachtige open landschap'. Zijn ouders zaten beiden in het onderwijs: moeder was docente Engels, vader leraar geschiedenis. Vandaar dat educatie hoog in hun vaandel stond ('Hun motto: education is freedom') en ze naar Engeland verhuisden om hun zonen een goede opleiding te geven.

De werkvergunning van vader werd echter niet verlengd. Terwijl de ouders teruggingen naar Zambia belandde Persent op zijn veertiende op een kostschool in Grantham, het geboortedorp van Margaret Thatcher. Met de bedoeling om op zijn achttiende Engels en Frans te gaan studeren. Het was in Grantham dat hij met een rugbyvriend en zijn moeder naar een stijldansavond ging. 'Zo gezellig en sociaal. Ik ben twee jaar lang elke vrijdag gaan stijldansen.'

Nog steeds vindt hij de sociale kant van dansen belangrijk. 'Dat je het samen met anderen doet. Letterlijk: sharing the space. Ruimte aan elkaar geven. Met zijn allen het geloof in dans delen.' Daarom werkt hij ook graag met het choreografenduo Andrea Leine en Harijono Roebana, dat bekend staat om zijn veeleisende en intellectuele benadering van dans. 'Dans is hun geloof. Dat deel ik. En ik heb de mogelijkheid daarbinnen veel van mezelf in te brengen.'

Hoe zeer hij ook houdt van een duet of een groepswerk, de meeste choreografen cren binnen een voorstelling maar al te graag een solo voor deze technisch begaafde danser, die de tedere, lyrische bewegingen van zijn gespannen lijf altijd loepzuiver weet af te werken. 'Ik studeer op details. Het kan altijd beter. Elke dag ontdek ik opnieuw hoe het moet.' Vandaar dat hij uren kan trainen op de plaatsing van de linkerwijsvinger. 'Dan gaat het dus niet over die linkervinger, maar over tijd, ruimte, dans, mens zijn.' Na twee weken zonder training krijgt hij het op zijn heupen. 'Dat zit in mijn lichaam ingebakken. Ik zal nooit lui worden. Daarvoor ben ik te bang om middelmatig te zijn. Mijn werk mag nooit routine worden.'

Maar choreografen moeten niet denken dat hij gemakkelijk is om mee te werken. 'Choreografen zijn vaak onder de indruk van mij. Maar ik wil uitgedaagd worden. Ik eis dat iemand de leiding neemt. Het klinkt misschien ouderwets maar ik wil dat ze met een idee komen. Het gaat om een kunstvorm met een grote K. Soms willen mensen alleen maar in een kringetje zitten en praten, praten, praten, in de hoop dat er iets uitkomt. Ik eis van choreografen dat ze meer doen dan leuke pasjes bedenken.'

Zelf heeft hij begin jaren negentig een solo en twee duetten gemaakt voor de workshop van De Rotterdamse Dansgroep. 'Maar ik maak stukken waarvoor ik zelf niet naar het theater zou gaan.' Exit choreografische ambities. De Rotterdamse Dansgroep is wel het gezelschap dat Persent in 1987 naar Nederland heeft gehaald. Ky Gosschalk zag hem in Londen dansen in Ian Spinks Weighing the Heart en bood hem een jaarcontract aan. Net op dat moment had de toen 22-jarige danser gehoord dat hij als stagiair bij de Rambert Dance Company te klein was bevonden voor een vast contract. Terwijl hij wel op zijn achttiende, rijkelijk laat voor een danser, was toegelaten tot het keurkorps van de Rambert Ballet School. 'Ik was ervan uitgegaan dat ik bij het Rambert oud zou worden. Ik had nog nooit gehoord van Ton Simons, Tere O'Connor en Yoshiko Chuma. In het begin kon ik ook niet wennen in Rotterdam. Pas later heb ik de verborgen architectonische schoonheid van Rotterdam ontdekt.'

Ook aan de geometrische dans van Simons heeft hij moeten wennen. 'Ik dacht aanvankelijk: wat is die man in hemelsnaam aan het doen? Zo snel, complex en agressief.' Nu vindt hij The Idea of Order (1993) van Simons een van de mooiste werken die bestaan. Persent kreeg voor zijn aandeel de Zilveren Theaterdansprijs. 'Dans als visuele kunstvorm, die je overkomt. Die je niet moet willen begrijpen. Het gaat om the art of looking.'

Stoppen? Daar denkt de veertigjarige danser nog niet aan. 'Ik heb nog steeds niet de staat van perfectie bereikt. De twee uur die ik nodig heb om mijn lichaam op te warmen voor aanvang van een voorstelling, heeft niets met mijn leeftijd te maken. Dat deed ik altijd al. Daar wordt nogal eens de spot mee gedreven. Maar ik heb met mezelf afgesproken voorzichtig met mijn lichaam om te gaan.' Zelden liep hij blessures op. Behalve toen hij met zijn fiets tegen een openslaand portier aanknalde: heup gekneusd.

Hij heeft gewerkt met gastchoreografen als Amanda Miller en Steve Petronio tijdens zijn zevenjarig verblijf bij De Rotterdamse Dansgroep. En daarna als freelance-danser met mensen als Krisztina de Chl, Paul Selwyn Norton, Shusaku Takeuchi, Samuel Wuersten en Michael Schumacher. Volgend jaar gaat hij zijn tiende seizoen in bij Leine & Roebana. 'Soms vraag ik me af of het tijd wordt voor een brief aan William Forsythe. Ik ben zeer onder de indruk van zijn werk. Maar ik voel dat ik hier nog niet klaar ben.'

Misschien dat hij zich laat omscholen als hij vijftig is. 'Ga ik alsnog Engels en Frans studeren, tot groot geluk van mijn ouders.' Liever nog ziet hij zich in de keuken. Taarten bakken voor zijn familie doet hij nu al. Net als een diner bereiden voor de veertig leden van Leine & Roebana. 'Ik geniet ervan mensen een mooie maaltijd aan te bieden.'

Maar zorgen maakt hij zich wel. Door de bezuinigingen in de kunstsector ziet hij talloze vrienden om hem heen werkeloos worden. 'Een abstracte beslissing in Den Haag heeft veel particuliere consequenties.' En natuurlijk de verharding in Amsterdam na de moord op Theo van Gogh. 'Ik fiets door de stad en proef het gif. Ik zie de kilte in andermans ogen.' Misschien, geeft hij toe, word je ook wel na van dansen. 'Daar gaan zo veel nationaliteiten op de vierkante meter verdraagzaam met elkaar om. Dat is eigenlijk een prototypisch model voor de multiculturele samenleving.'

Zijn eigen ouders waren strikt christelijk volgens de leer van de Anglicaanse Kerk. 'Ik ga niet meer naar de kerk maar blijf wel gelovig. Misschien vind ik dans daarom zo belangrijk: er moet meer zijn dan een lichaam.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden