Ik word heus niet groter dan ik ben

Denk niet dat Hans Kesting een kille acteermachine is. 'Ik bórrel van gevoel, maar ik wil dat gevoel sturen.' Altijd zoekt hij ook de humor op....

Zijn stem is de stem van de radio. Die leent zich voor uiteenlopende producten. Soms komt hij in één reclameblokje wel drie keer voor. 'Moet je ook doen, het verdient goed. Heb je een mooie stem, spreek dan spotjes in. Een leuke garantie voor een comfortabel leven.'

Hans Kesting (35) heeft geen copywriters nodig, de slogans verzint hij desnoods zelf. Hij gniffelt, hij is ook in tv-spotjes te zien. Als pleitbezorger van draagbare telefoons. Als Meneer Nissan. 'Maar ik doe niet als Monique van de Ven - ik verkoop niks op persoonlijke titel.'

Zijn leermeester Gerardjan Rijnders, regisseur bij Toneelgroep Amsterdam, het gezelschap waaraan Kesting vast verbonden is, sprak er in VPRO's Zomergasten zijn afkeuring over uit. 'Een beetje stiekemerig. Mij had hij tevoren niks verteld - terwijl ik die middag nog met hem in de sportschool was.'

Hij haalt de schouders op. 'Gerardjan vindt dat je in zo'n spotje staat te liegen - die auto ìs helemaal niet de beste. Hou toch op, wat een achterhaald sixties-standpunt. Alsof ik mijn ziel verkoop. Alsof Postbus 51 legitiemer is. Alsof ook maar één theaterbezoeker zal roepen: hé, die Prometheus, is dat niet die Nissan-jongen? Jaaaah, een domme boer misschien, maar die gaat toch niet naar dat soort toneel.' Trouwens: 'Acteren is nu eenmaal de kunst van het vermommen.'

Het lange lijf wandelt en fladdert, het hoofd raakt bijna de balken. Toch is Kesting voor zijn doen redelijk bedaard. Normaal gesproken kan hij vlàmmen - over niks, over alles. Over een oude actrice die op de televisie iets lelijks over hem zegt, over de criticasters van Toneelgroep Amsterdam. Vorig jaar schreef hij, op eigen gezag, een woedende brief naar Het Parool waarin hij geen kankeraar spaarde. Tegen een bevriend acteur zei hij, na afloop van diens voorstelling: 'Het spijt me, maar ik vond het helemaal niks, ik heb me stierlijk zitten vervelen.' Soms krijgt hij een koekje van eigen deeg. 'Na afloop van de première van Prometheus huppel ik naar Gijs de Lange, mijn toneelmentor, om de complimenten in ontvangst te nemen. Hij zegt: ''Ik vond het wel goed, maar het deed me niks.'' Een enorme teleurstelling.'

Liever dat dan zonder iets te zeggen weggaan, alles beter dan lafheid. 'Tijdens repetities gaat te veel tijd verloren aan formaliteiten. Acteurs zouden wel wat rücksichtsloser met elkaar om mogen gaan. Ik vind het niet erg om ruzie te maken - zolang dingen daardoor sneller duidelijk zijn.'

Soms emmert hij nodeloos, soms blijkt een storm een storm in een glas water te zijn. Kesting kent het beeld: 'Mensen denken: ach, die schreeuwlelijk, ach, dat chagrijnige gezicht.' De mondhoeken krullen. 'Ik kan er niks aan doen, ik kijk nu eenmaal zo. Hans Kemna zegt altijd: Kindje, je hebt een pregnant gezicht.' Volgt een bekentenis: 'Ik ben een opgewonden standje. Altijd last gehad van driftbuien, altijd luidruchtig aanwezig, steeds de lolbroek uithangen, steeds de drang om me te manifesteren. Op het manische af.'

Vroeger al. Ging hij met de mooie jongens van de klas in Rotterdam uit, bleef hij, aan het eind van de avond, alleen over, zonder vriendin. Was hij soms te lelijk? Nee, jaren later pas verklapten de meisjes van toen: 'We vonden je best leuk, maar je mond was zo groot - we waren bang voor je.'

Of spraken zij de waarheid niet? 'Mijn hele puberteit werd overschaduwd door schaamte over het feit dat ik homoseksueel ben. Daar wist ik geen raad mee. Niet dat ik vanaf mijn nulde jaar nicht was - maar jongens hebben van begin af aan een vreemd soort aantrekkingskracht op me uitgeoefend. Leuk vechten en dan zorgen dat je ónder kwam te liggen.'

Hij moet er aan denken, nu hij repeteert voor Frank Wedekinds Voorjaarsontwaken - vanaf donderdag 26 september in de schouwburg. Kesting speelt Moritz, de aandoenlijke puber die worstelt met ontluikende seksuele driften. Op school worden te hoge eisen aan hem gesteld, hij pleegt uiteindelijk zelfmoord. 'Ik herken daar wel iets in. Ook ik was een laatbloeier, ook ik haatte dat spitsroeden lopen.' Liever zat hij te paard, speelde hij toneel, manifesteerde hij zich met baard en gepermanent haar. Een voorbehoud: 'Het is niet zo dat die periode nu vanzelf omhoog kriebelt.'

Kesting houdt niet van gepsychologiseer, persoonlijke ervaringen zijn, in zijn spel, zelden of nooit het uitgangspunt. Heftige emoties? 'Gelul allemaal. In de kroeg zei ik altijd dat ik dokter of advocaat was. Want anders vroegen mensen: wat doe je de rest van de week? Acteren stelt in de wereld helemaal niets voor.'

Heel even stilte. 'Denk niet dat ik een kille acteermachine ben. Ik bórrel van gevoel, maar ik wil dat gevoel sturen. De emotie ontstaat op het toneel door ontspanning en begrip - niet andersom. Of die emotie zuiver is, en waar die vandaan komt: geen idee. Niet uit mijn buik in elk geval.' Hij spreekt over grote gebaren - hij maakt ze ook. 'Het is niet waar dat de Vlamingen met meer gevoel spelen dan wij. Alleen: alles wat zij zeggen klinkt zachter - laat je door hun taalgebruik niet in de luren leggen. Dora van der Groen heeft het, als ze regie-aanwijzingen geeft, over bovenpool, middenpool, benedenpool. Hoofd-midden-benen, denk ik dan maar.'

Kesting kwam na zijn opleiding aan de Maastrichtse Toneelschool terecht bij Toneelgroep Amsterdam. Maar hij wilde te graag en te veel, hij was loftuitingen gewend - 'ik was het sterretje van het bal.' De eerste producties van het Amsterdamse gezelschap bleken artistieke of commerciële flops, en Kesting vertrok. Hij werd ober in een restaurant. Na korte tijd werd hij ontslagen door de bedrijfsleider. 'Zo'n slappe mie die eigenlijk steward bij Martinair had willen worden. Zuur en vervelend omdat ik er leuker uit zag dan hij of omdat ik jonger was - weet je veel.'

Vals hè? Ja vals, terwijl Kesting sindsdien toch aardig tot inkeer kwam. Hij besloot weer te gaan acteren, speelde bij Het Zuidelijk Toneel en Carrousel, maakte zijn debuut in de televisiereeks Het Klokhuis, en leerde langzamerhand zijn onrust en ijdelheid te beteugelen. In 1992 kwam hij terug bij Toneelgroep Amsterdam. Hij speelde in de bioscoopfilm Aletta Jacobs, straks is hij te zien in Karakter. Vaak werd hij geroemd om zijn relativerende, soms zelfs ironische speelstijl. 'Altijd zoek ik de humor op. Omdat ik niemand ken die, ondanks het diepste verdriet of de opperste wanhoop, niet ook eens een grap maakt.'

Prometheus, dat vanaf begin oktober weer in het theater te zien is, was wat dat betreft een doorbraak. Kesting hangt in die voorstelling in de boeien, hij is - letterlijk - vastgeklonken, zodat hij zich niet bewegen kan, en zich uitsluitend op de dramatische tekst concentreert. Likkebaardend meldde een recensent dat Kestings naakte gespierde torso aan een Hij-reclame deed denken. Er waren meer toespelingen. 'Bijna werd het tegen me gebruikt. Ik voelde me opeens de vrouw met de grote borsten.'

Sinds een paar jaar traint hij in de sportschool - niet eens zozeer om er mooi of groot van te worden. 'Ik word heus niet groter dan ik ben.' Dat domme getrek aan gewichten verzet de zinnen, en brengt orde aan in het dagelijks leven. 'Ik ben rusteloos. Vaak heb ik het gevoel dat ik bij mezelf op visite ben. Hier is alles altijd erg opgeruimd.'

Hij ijsbeert de kamer door, soms maalt het in z'n kop. 'Zo'n Jan Foudraine wantrouw ik. Die zegt op de televisie dat hij al van een miertje geniet - gewoon kijken, gewoon zijn. Hij zit veel te nadrukkelijk uit te stralen dat hij de eeuwige rust heeft gevonden.'

Het klinkt pathetisch, misschien, Kesting aarzelt - want zo'n tobber is hij meestal helemaal niet. Maar toch: 'Toneel helpt me mijn angsten te bezweren. Als ik speel heb ik geen last van doemgedachten, maak ik, in een split second, precies de juiste keuze. Thuis treuzel ik eindeloos voor ik iets onderneem, verlies ik de controle, raak ik bij het minste of geringste in paniek. Altijd is er de angst dat ik op hol sla.'

Een tijd lang rende hij steeds naar de spiegel - om te zien of hij er nog was. 'Ik leed aan depersonalisatie, ik dacht dat ik schizofreen werd. Ik vertoonde het gedrag van iemand die flipt.' Met een therapie en prozac kwam hij er weer bovenop. En nu? 'De erkenning bewijst dat ik niet niemand ben, en dat mijn talent geen vergissing is.' Acteren dus als middel om het dagelijks leven te bezweren. 'Dat is me te mooi. Ik verdien aardig, het toneel bevalt me geweldig, maar het allerbelangrijkst is toch - en ik weet dat het Zangeres Zonder Naam-achtig klinkt - de liefde. Een tijdlang kreeg ik spontaan huilbuien als ik gelukkige gezinnetjes zag. Ik ben bang om alleen te zijn.'

Maar hij ìs niet alleen. Boeddha staat op zijn glazen tafel, heel sereen, hij zit er vaak naar te kijken. De dame die hem het beeld verkocht zei: Boeddha past bij u, u bent zo waardig en rustig en sterk.

Mevrouw moest eens weten. Als er op straat paniek is, komt Hans Kesting niet tussenbeide. Dan belt hij hooguit de politie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden