‘Ik wilde wel, maar mijn vader vond school te duur’

Eén gebeurtenis kan een leven een ingrijpende wending geven. In deze serie vertellen mensen over het keerpunt in hun bestaan....

‘Ik barstte in tranen uit toen ze spontaan aanbood me te helpen. Ik ben gewend alles alleen te doen. Ik ben niet zo emotioneel. Ik moet sterk zijn, ook thuis, voor de mensen voor wie ik zorg. Ik laat dat niet zien. Maar toen ik mijn verhaal had gedaan voor die volle zaal en de zoveelste afwijzingsbrief aan de staatssecretaris naast me had gegeven, en zij zei: zo gemotiveerd en toch wil niemand je hebben, dat kan niet, ik ga je helpen – toen moest ik huilen. Ik werd eindelijk gehoord. Het leek een droom.

‘Ik had net weer afwijzingen gehad van de logistiekopleiding in Hoofddorp omdat ik nog niet aan niveau 3 mag beginnen en van de toerismeopleiding in Amsterdam omdat ik te oud ben. Ik wist het even niet meer. Ik heb zolang rondgezworven. Tussen mijn 16de en mijn 21ste. Steeds van vrienden naar familie en weer verder. Sliep overal en nergens. Alleen nooit op straat, gelukkig. Ik had een netwerk opgebouwd, want je kunt nergens te lang blijven. Een nacht hier, twee dagen daar. Ik ging altijd langs als ze gingen eten.

‘Af en toe had ik wel een baantje, maar doordat ik geen vaste woonplek had was een vaste baan moeilijk. Hoe weinig geld ik ook had, ik ben nooit gaan stelen. Ik zag wel hoe anderen aan geld komen. Door drugs te leveren ofzo. In onze gemeenschap neigen veel mensen daarnaar. Maar ik wist: als ik iets verkeerd doe, kan ik mijn droom wel vergeten. Ik wilde stewardess worden, en met een strafblad kun je daarnaar fluiten.

‘Al toen ik heel jong was, in Paramaribo, ging ik naar buiten om te kijken als er vliegtuigen waren. Ik weet niet waarom: ik vond die mensen interessant, die pakjes. Ik droomde dat ik ertussen liep. Dan werd ik helemaal stil.

‘Ik was 15 toen ik hierheen kwam. Mijn moeder had het in Suriname zwaar met haar werk en stuurde me naar mijn vader in Rotterdam. Ik had daar de lbgo gedaan, zoiets als hier het vmbo, maar niet afgemaakt. Ik moest nog naar school, wilde ook, maar mijn vader vond het te duur, dus ik moest maar gaan werken. Hij kreeg een vette boete van de leerplichtambtenaar.

‘Mijn vader woonde hier met zijn nieuwe vrouw, en ik kon met haar niet door één deur. Hij moest kiezen, en heeft me de deur gewezen. Zo leef ik sinds mijn zestiende op mezelf. Ik was alleen vanuit Paramaribo gekomen, zonder broertjes of zusjes. Met mijn moeder kon ik alleen bellen. Ik moest het zien te overleven.

‘Omdat ik geen diploma had, ben ik zelf langs al die scholen gegaan. Overal kreeg ik nul op het rekest. Er was niemand die me wees hoe ik het aan moest pakken. Ik ging bij scholen langs, vroeg een inschrijfformulier en vertrok weer. In Amsterdam, in de Bijlmer, in Almere.

‘Waarom ik werd afgewezen? Ik weet het niet. Ik nam die formulieren mee en vulde ze in, en dan was het afwachten. Ik gaf het adres van mijn tante in Almere. Daar ging dan die brief heen met een of andere afwijzing, ik snapte meestal niet waarom. Nee, ik belde nooit na. Studieadviseurs, ik kende dat soort dingen niet. Ja, nu ik zelf op school zit, weet ik dat je naar een vertrouwenspersoon kunt. Maar als je niet binnen bent, weet je dat niet. Ik wist het niet.

‘Ik ben de tel kwijt hoe vaak ik bij scholen ben geweest. Ik had momenten dat ik het niet meer zag zitten. Na een tijdje begon ik waanideeën te krijgen. Ik stelde me voor dat ik mijn eigen huis had, en daar leefde ik dan echt in, fantaseerde hoe ik het zou inrichten enzo. Ik zag mijn vader in mijn huis wonen, zag hem met mijn moeder praten, dat soort dingen.

‘Gelukkig kon ik echt een huis krijgen, twee jaar geleden. Ik woonde toen bij mijn tante in Almere en zij verwees me precies op het goede moment naar de woningbouwstichting. Ik heb veel aan haar te danken. En een jaar later kon ik toch beginnen op die school in de Bijlmer, detailhandel op mbo-1-niveau.

‘Dat was nog niet makkelijk, ineens een huis voor mezelf. Ik kreeg problemen met rekeningen. Het eerste half jaar dacht ik vaak: ik kan dit niet, ik raak mijn huis weer kwijt. In het begin had ik ook nog een uitkering. Nu ik weer op school zit, krijg ik studiefinanciering. Maar ik moest letterlijk elke cent omkeren.

‘Ik weet niet precies hoe ze voor die werkconferentie in april bij mij aankwamen. De docenten zagen wel wat in me. Ik was zo blij dat ik eindelijk op school zat, wat ze ook zeiden, ik deed het. Ik gaf nooit een grote mond. De meester zei: ik denk dat dit net iets voor jou is. Het gaat om voormalig voortijdig schoolverlaters. Ik zeg: wát? Met vier jongeren moesten we op het podium en vertellen over onze situatie. Vooraf bedacht ik: ik ga vertellen van die afwijzingen, en neem zo’n brief mee.

‘De presentator zou ons vragen stellen, en dan zou staatssecretaris Van Bijsterveldt reageren. Ik kende haar niet. Ik was zenuwachtig dat ik precies naast haar zat. Van tevoren dacht ik: het zal wel een heel stijf iemand zijn, zoiets als Balkenende, maar het bleek iemand met gevoelens.

‘Ik vertelde dat het mijn grote droom was stewardess te worden, maar dat ik nergens terecht kon, en de staatssecretaris, die ik die afwijzingsbrief gaf, zei: daar moeten we dan eens goed naar kijken. Het mag toch niet dat als je zo gemotiveerd bent je geen geschikte opleiding kunt vinden. Ik dacht: wauw. En begon te huilen.

‘Ik liet het gaan. Het gebeurde gewoon. Na afloop kreeg ik van allemaal belangrijke mensen uit de zaal visitekaartjes met een uitnodiging maar eens te bellen.

‘Een van hen was René Fijen, van de Succesklas in Den Bosch, voor jongeren die dreigen uit te vallen. Na een paar weken belde hij me en zei: ik heb Schiphol gebeld, en je mag bij vrachtafhandelaar Menzies twee dagen snuffelstage lopen. Had hij achter mijn rug geregeld. Ik heb die twee dagen lopen strálen. Als grondstewardess werk je met mensen uit allerlei landen, dat past helemaal bij me. Ik voelde me thuis, en ik mocht in het vliegtuig voordat de passagiers erin kwamen. Echt een ervaring! Helaas kon ik er niet meteen solliciteren, want ik miste nog de juiste vooropleiding.

‘Later nam hij me ook mee naar de KLM, waar ik mee mocht kijken bij hoe stewardessen zich voorbereiden op de vlucht, wat ze aan geld en spullen meekrijgen enzo. Nou, ik wist het al wel, maar toen wist ik het zeker.

‘Ik ga nu die mbo-2-opleiding doen in Amsterdam. Daarmee kan ik naar Hoofddorp, logistiek. En dan kan ik naar de stewardessopleiding. Dan ben ik al wel wat ouder, maar ik geef de moed niet op. Dat is het moeilijkste, niet opgeven bij tegenslagen. Je kunt vluchten in drugs of alcohol. Maar dat is geen uitweg. Ik hou mezelf voor wat mijn moeder vaak zei: go na skoro na wang bita bong ma deng froktoe fu en switi, naar school gaan is een bittere boom, maar uiteindelijk draagt hij zoete vruchten.

‘Ik heb een sterke wil. Altijd gehad. Weet je: ik ben twee keer aan de dood ontsnapt, een keer toen ik in een Antilliaans café geraakt werd door een kogel die een andere jongen doodde, en een keer bij een brand in Suriname. Ik heb beide overleefd. Dus ik heb een missie te vervullen, ik weet nog niet precies wat, maar er is iets.

‘Sinds een half jaar heb ik ook mijn jongere broer van bijna 19 en mijn zus van 21 in huis. Ik moet het goede voorbeeld geven. Wat mij gebeurde, mag hun niet gebeuren. Mijn zus heeft ook nog een kindje van acht maanden. We zorgen er samen voor. Ik heb een groot verantwoordelijkheidsgevoel.

‘Natuurlijk is het zwaar. Ik kan ze soms wel achter het behang stoppen. Ik ben aan het opvoeden. Vooral mijn broertje, ik moet hem goed in de gaten houden. Ik wil niet dat hij met bepaalde vrienden omgaat.

‘Sinds april zie ik een lijn naar boven. Ik heb een draad te pakken die laat ik niet meer los. Toen ik mijn diploma kreeg, zei iemand van de examencommissie: hier is je toekomst. Maar ik zei: dit diploma is pas de eerste steen. Uiteindelijk wordt het een huis, en ík mag bepalen hoe ik het inricht. Mijn verleden kan ik niet veranderen maar mijn toekomst wel.

‘Die ligt op Schiphol. Ik twijfel niet meer. Ik wil straks de hele wereld zien. Maar ook het werk aan boord van zo’n vliegtuig vind ik mooi. En die pakjes ook, ja! Ik vind die blauwe heel mooi, van de KLM, dat uniform wil ik aan. Of de rode van Martinair. Dat lijkt me ook wel wat.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden