'Ik wilde hem zien, alleen dat  telde'

Corine Koole interviewt mensen over lust & liefde. Deze week: Christina.

Beeld anp

Toen Christina (54) haar oude liefde na jaren weer ontmoette, was zij getrouwd en hij ongeneeslijk ziek.

'Hij was een populaire jongen in 1977, met wapperende donkere krullen, een Puch Maxi en uiteraard een vriendinnetje, van wie hij hartstochtelijk afscheid nam toen we met schoolreis naar Londen gingen. In de bus kwam hij naast me zitten en op de terugweg zei hij: 'Chris, zal ik het uitmaken met mijn verkering?' 'Nee, joh, dat is zielig voor haar', zei ik. 'Maar ik wil verkering met jou.' Goed, zei ik, maak het dan maar uit. We waren 16 en 17, maar mijn ouders waren streng en op een of andere manier lukte het niet de kalverliefde te laten groeien tot iets volwasseners. Een jaar later zei ik: Philip, ik maak het uit, maar als ik op mezelf woon, bel ik je en dan kijken we wat er nog over is van onze liefde. Vier jaar later hield ik me aan mijn belofte, maar zijn reactie was lauw. En hoewel ik er nog steeds van overtuigd was dat wij elkaars grote liefde waren, ging ik verder met mijn leven. Ik had genoeg te doen. Ik trouwde met een ander, verhuisde, kreeg kinderen, maar hij bleef altijd in mijn gedachten. Zonder dat we contact hadden, dacht ik bij iedere grote gebeurtenis: dit zou ik aan Philip willen vertellen. Hyves kwam, Facebook kwam en ik probeerde hem op te sporen. Tevergeefs. Pas in mei 2013, toen ik het nog een keer probeerde, reageerde hij.

'Chris, wat leuk, wat leuk,' schreef hij. 'Ik wil je graag zien, maar ik heb longkanker en ik wacht even tot de sporen van de laatste chemo door het afvalputje zijn gespoeld. Daarna zoek ik je op.' Longkanker - ik ben verpleegkundige, longkanker is een stille killer, velen overleven het niet. Een paar maanden eerder had ik mijn beste vriendin verloren aan kanker. Ik was verslagen. Op dat moment had ik mezelf kunnen behoeden voor een nieuwe mokerslag door het hernieuwde contact meteen af te breken. Maar die overweging kwam niet eens bij me op. Het teken van leven en zijn kennelijke bereidheid naar me toe te komen maakte duizendmaal meer indruk dan zijn naderende dood. Ik wilde hem zien, dat was het enige dat telde. Jarenlang had ik hem tevergeefs gegoogeld - later bleek dat hij andersom hetzelfde had gedaan, maar hij had mij niet kunnen vinden, want ik droeg de naam van mijn man. En toen ik 28 jaar geleden zijn neef voorbij had zien lopen op een bruiloft, had ik mijn hakken in de handen genomen, ik was hem achterna gerend en ik had hem buiten adem gevraagd: 'Zie je Philip nog wel eens?' Maar nee. Niemand van vroeger die me iets had kunnen vertellen. Nu zouden we elkaar eindelijk zien. Ik kneep mezelf in mijn arm, zo opgetogen was ik.

We spraken af op maandag 24 juni 2013. Ik had de hele dag gewerkt en liep in de stromende regen naar het café. Regen deert me niet, maar om fatsoenlijk voor de dag te komen had ik toch een paraplu meegenomen. Ik zag hem onmiddellijk. Zijn krullen waren eraf, het zwart was grijs geworden, maar hij was onmiskenbaar de man die ooit die jongen op de Puch was. Ik bukte om door het raam naar hem te zwaaien. Later zei hij: het was of er in mijn hoofd allemaal luikjes opengingen. Alles herkende hij nog. Van de manier waarop ik zwaaide tot hoe ik mijn paraplu inklapte, hij wist het allemaal nog. Ook ik merkte dat de verbondenheid tussen ons niet alleen was blijven bestaan, maar zelfs leek te zijn gegroeid. Die avond hebben we lang gesproken en niet één keer over zijn ziekte. We haalden herinneringen op en maakten plannen en toen we een paar weken later weer afspraken, heb ik hem van alles laten zien: het eetcafé waar ik graag kwam, het appartement waar ik gewoond had en de route waarlangs ik vaak hardloop. Het was alsof ik hem in noodtempo bij wilde praten over alles wat hij die jaren had gemist. Ik heb hem zelfs voorgesteld aan mijn dochters en aan mijn man. Hij is een keer komen eten, mijn man en ik hebben hem samen naar zijn hotel gebracht. De volgende dag maakten we met zijn tweeën een wandeling door het park en vulden we, net als in 1977, de zinnen aan die de ander begon. 'Kijk, Chris, een paddenstoel.' 'Ja, Philip, zie je dat kaboutertje?' 'Ja, ik zie zijn puntmuts.' Heel idioot eigenlijk, maar zo intiem.

Vriendschap, liefde en verliefdheid

Ik was blij, maar werd steeds rustelozer. Al die jaren had ik niet gehuild en nu stroomden soms dagenlang de tranen langs mijn wangen. Op een keer, ik fietste naar een patiënt, probeerde ik het onduidelijke gevoel onder woorden te brengen. Ik zou willen dat dit gefladder eindelijk ophield, dacht ik. Ik schrok. Gefladder? Was dat niet hoe je over verliefdheid sprak? Vlinders? Geloof me of niet, maar tot dat moment dacht ik echt dat de band tussen ons was gebaseerd op nieuwsgierigheid en op de overtuiging dat wij elkaar nog niet alles gezegd hadden wat we wilden. Natuurlijk hield ik van hem, maar ik maakte mezelf wijs dat ik hem als oude vriend bij mijn leven wilde betrekken. Ik wilde hem vertellen hoe het mij vergaan was, ik wilde hem uithoren. Maar ineens liepen vriendschap, liefde en verliefdheid allemaal door elkaar.

Ach, Chris, schreef hij terug, in mijn lichaam zwermt een hele hórde vlinders. Een half jaar later overleed hij, geregisseerd, in het ziekenhuis. Die middag heb ik hem gewassen en geschoren. Toen hij buiten zijn laatste sigaret rookte, moest ik moeite doen de peuk niet in een doosje mee te nemen. In de lift trok ik zoals gewoonlijk gekke bekken naar hem in de spiegel, maar hij reageerde nauwelijks meer. Ik ben naast hem gaan liggen en met twee kussen hebben we afscheid genomen. Hij zei: dank je wel, fijn dat we het deze keer samen mochten afmaken.'

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Christina gefingeerd. Ook geïnterviewd worden over liefde en lust? Mail een korte toelichting naar lust@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden