Column

Ik wil niet langer een zogenaamde 'lurker' zijn

Lurkers zijn laf.

Beeld anp

Op mijn naam staat één tweet. Hij gaat over de invloed van nazi-Duitsland op het werk van Justin Bieber. Wie nieuwsgierig is, moet maar even kijken.

Hoe diepzinnig ook, ik heb hem vooral de wereld in gestuurd omdat ik niet langer een zogenaamde 'lurker' wilde zijn. Dat is iemand die op social media wel van alles leest, maar er zelf niks op zet. Lurkers zitten overduidelijk in de hoek van luistervinken en voyeurs. Je doet het aan een pijp, lurken, en dan niet de stevig gestopte pijp van Harry, die knisperend pakte, maar een pijp vol speeksel, die gorgelt en lekt, en waaruit dikke natte cumuluswolken opstijgen, zoals de pijp van Witte Veder als hij bij ons te gast is, en op alle verdiepingen rookmelders beginnen te piepen.

Lurkers zijn stiekem. Wij, actieve twitteraars, kijken op ze neer. Toch is het een overdreven agressief woord. Iemand die thuis languit op zijn strontgroene chesterfield Georg Trakl ligt te lezen en wel uitkijkt om zelf gedichten te gaan schrijven, noem je ook geen lurker. Maar zo is Twitter. Het is een door en door vals medium. Alleen al dat blauwe vogeltje; een kale aasgier was meer op zijn plaats geweest, en dan in de firmanaam graag iets met puke of vomit.

Ondertussen is lurken erg menselijk. Ook al probeer je erboven te staan, je wilt toch weten wat achter je rug om gezegd wordt. Mensen die beweren zichzelf nooit te googelen, liegen niet, maar ze hebben Google Alert.

Vroeger, voor Puke bestond, kwam je er gewoon niet achter, behalve als je ongezien een kamer binnenliep en er toevallig twee mensen over jou stonden te roddelen. Mijn oma zaliger, die Puke niet meer heeft hoeven meemaken, had daar een steengoed verhaal over, een hilarische anekdote - maar ik ben hem vergeten.

Even bellen.

Noch mijn moeder, noch oom Hans, noch Mike weet het. Denken, denken... Het was iets over mijn oma die zélf dacht dat ze een dame van stand was, hoorde ze dat geteisem zeggen, maar eigenlijk was ze ook maar een omhooggevallen plattelandsmeid - zoiets. Ik hoop dat het klopt. Ze kon er in elk geval alweer een beetje om lachen, vijftig jaar na dato.

Maar goed, ik beken dus dat ik 'me eigen' wel eens 'lurk'. Een aardige bijvangst hiervan zijn alle Buwalda's op Twitter. Want die zie ik dan. In het begin was er alleen een leraar wiskunde over wie aan de lopende band verschrikkelijk werd gekankerd. Zielig vond ik dat. Daar mocht mijn oma bij in d'r handjes knijpen.

Tegenwoordig stikt het van de Buwalda's. Een favoriet is Matthijn Buwalda, een christelijke zanger. Jezus houdt hem stevig in het gareel. Hij verstuurt heel leuke, brave tweetjes. Over het vuur in zijn ziel, of over 'in je onmacht toch samen sterk te zijn, ook al moet iedereen het gevecht met zijn eigen wolken aan'.

Zeker.

Er is een Sjaak Buwalda die alles kut vindt, maar met name Oranje. Topfavoriet is toch ene André A. Buwalda, die vooral bericht over Friese grafzerken. Hij leeft ervoor. Altijd onderweg naar een kerkhof. 'Heeft iemand het boek De grafzerken in de kath Sint Janskerk van Den Bosch uit 1912?' is bijvoorbeeld een typische André-tweet waar ik erg van hou.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden