'Ik wil niet dat het over is'

Hij staat al 22 jaar in de toptien van de wereldranglijst. Toch heeft Jaspers de laatste jaren geen grote prijzen meer gewonnen. Komende week wil hij het tij keren, op het WK in Antwerpen. Door

In 2011, na zijn wereldtitel driebanden in Peru, werd Dick Jaspers op paleis Noordeinde uitgenodigd voor de koninklijke lunch. Jaspers had geluk: hij zat aan tafel met Máxima. 'En, hoe ziet het leven van een biljarter er eigenlijk uit?', wilde ze weten.

Goede vraag. Al sinds 1991 staat Jaspers in de toptien van de wereldranglijst driebanden. Zestien keer werd hij Nederlands kampioen, vier keer won hij de wereldbeker, vier keer werd hij Europees kampioen en drie keer wereldkampioen.

Kortom, al generaties lang heerst hij in het driebanden. Maar waar veel sporters met een dergelijke palmares nationale bekendheden zijn, opereert Jaspers in de anonimiteit. Wie is hij? En, inderdaad, hoe ziet zijn leven eruit?

In de keuken van zijn bungalow in Sint Willebrord schenkt Dick Jaspers een kop koffie in. Even verderop, in een aanpalende ruimte, te midden van zijn trofeeën, staat een biljarttafel. Daar traint hij, gemiddeld zo'n 15 uur per week.

'In je eentje trainen vereist een behoorlijke zelfdiscipline', zegt Jaspers. 'Soms maak ik lange dagen. Maar ik las regelmatig een rustpauze in. Ik herken inmiddels het moment dat ik tegen mezelf moet zeggen: 'Dick, stoppen nu, ontspannen.' Dan ga ik sporten, een mooie film kijken. Of stofzuigen.'

Mentaal is biljarten zwaarder dan fysiek. Hij wijst op een onderzoek waaruit blijkt dat biljarten, na schaken, psychisch de meest belastende sport is. 'Schakers hebben een enorme stress in hun koppen. Wij ook.'

Mauwen

Begin tegen Jaspers niet over mentale begeleiding. 'Ik hou niet van dat superintellectuele gedoe. Zo'n man mauwt je helemaal suf. En wat weet hij nou van biljarten?'

Jaspers leerde als beginnend biljarter de sport te doorgronden door tegen mannen als Raymond Ceulemans te spelen. Hij ervoer dat je zelfs op de stoel wedstrijden kunt verliezen. 'Maak je een domme fout en zit je langs de kant maar te mopperen en te jammeren, dan neem je dat mee in je volgende stoot. Moet je niet doen. Het is een hard bestaan. Ik moet altijd winnen. Anders voel ik het direct in mijn portemonnee.'

Om de kost te verdienen, is hij dit jaar actief in vijf competities in vier landen. Verenigingen uit Amsterdam, Barneveld, Deurne (België), Magdeburg (Duitsland) en Porto (Portugal) huren hem in. Die laatste club is overigens de biljarttak van voetbalclub FC Porto. 'In Portugal werken ze de hele competitie in vier dagen af. Zo pas ik alles een beetje in elkaar.'

Het is niet ideaal, geeft hij toe. 'Het is ook niet goed voor de sport. Iemand die voor Ajax speelt, kan ook niet tegelijkertijd voor Real Madrid spelen. Maar ach, ik doe het al zo lang. Ik ontmoet veel mensen, kom nog eens ergens en ik hou van biljarten. Voor wie ik dat doe, maakt me niet uit. Het enige waarop ik moet letten, is dat ik altijd het juiste vestje meeneem.'

Was zijn sport vroeger nog vaste prik bij Studio Sport, tegenwoordig is hij blij met elk berichtje in de kantlijn. Met weemoed denkt hij terug aan het karakteristieke gefluister van Ben de Graaf in het radioprogramma Langs de Lijn. Jaspers lacht: 'Ben de Graaf ja, we missen hem allemaal. Een fenomeen. Hij wás biljarten.

'Dat gefluister was eigenlijk niet nodig, wist je dat? Als wij in Zuid-Amerika spelen, fluistert niemand. Dan is het een gekkenhuis. Op het WK in Lima stond in een ruimte verderop doodleuk de tv aan. Er was een belangrijke voetbalwedstrijd bezig.'

Kleurrijk

De suggestie dat het driebanden karakters mist - kleurrijke figuren als Ceulemans, die de sport voor het voetlicht kunnen brengen - verwerpt hij. 'Het gaat om de sport. Federer is toch ook niet kleurrijk? Maar wel keurig netjes, een gentleman. Ben de Graaf zou zeggen: zo hoort het.'

Nee, dat driebanden niet meer op tv komt, zit volgens hem in iets anders. 'Mensen willen een sporter zien sterven. Bloed, zweet en tranen. Biljart is een ingetogen sport. Er zitten veel dode momenten in. Maar de kunst om de ballen juist te sturen, is toch prachtig? Wie snelheid wil zien, moet maar naar de Formule 1 kijken.'

Een rasartiest is Jaspers niet. Geen frivoliteiten of grapjes. Nooit eens een sappig schandaal of incident. 'Ik zie zelf ook graag een sporter door het lint gaan. John McEnroe was smullen, daarin ben ik eerlijk.'

In het driebanden heb je Richard Bitalis, een Fransman. Die gaf een vrouwelijke scheidsrechter ooit een kus en viel achterover in een plantenbak. Jaspers: 'Dat moet je liggen. Ik ben bedachtzaam. Overdenk mijn stoten goed. Dat is mijn spel.'

De laatste jaren staat hij droog. Het knaagt. 'Ik wil niet dat het over is', zegt Jaspers. Het is niet dat hij slecht speelt. Hij staat regelmatig in de halve finales van de grote toernooien, maar prijzen blijven uit.

Jaspers wijt het voor een deel aan de spelregelveranderingen die in de loop der jaren zijn ingevoerd om de sport sneller te maken. Van best-of- 5-sets ging het naar wie het eerst 40 punten heeft. Daardoor duren wedstrijden geen tweeënhalf uur meer. Bovendien moet er binnen 40 seconden worden gestoten.

'Ik heb graag de tijd', zegt hij. 'Je hebt ballen, daarvan zie ik meteen: die moet zo dik, met zoveel effect. Dat gaat in 1 seconde door je hoofd. Maar er zijn ook stoten bij... Dan denk ik: wat moet ik hiermee? Dan zijn die 40 seconden zo voorbij hoor, terwijl ik het juist van mijn rust en concentratie moet hebben. Eigenlijk ben ik continu bezig met die klok. Ik wil voorkomen dat het wildwest-stoten wordt.'

Het WK in Antwerpen is het toernooi bij uitstek om te breken met de matige reeks. Er is veel media-aandacht. Dicht bij huis ook nog eens, al zal hij straks in een hotel verblijven. 'Je moet wel in het toernooi zitten. Anders ga ik hier thuis stofzuigen. Moet je niet hebben tijdens een WK.'

Maar of hij gaat winnen? Jaspers haalt zijn schouders op. 'Ik wil heel graag, maar ik weet niet of ik in vorm ben. Kijk, bij hardlopen weet je: als ik zo hard loop, sta ik er zo voor. Dat is bij biljarten niet. Voor hetzelfde geld krijg ik een paar van die klereballen voor mijn neus waarmee ik niets kan. Daar sta je dan, met je vorm.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden