Ik wil naar huis!

Heimwee: niets is lekker, niets is leuk, de dag is zwaar, de nacht ondraaglijk. Een ontregelende kwaal die niet alleen bij kinderen toeslaat....

Van sommigen had je nooit verwacht dat ze het zouden hebben. Zoals de vriendin uit Alkmaar die je al een leven lang kent. Geweldige vakanties op Texel had ze altijd. Overal paarden, en ze mocht er alles mee. 's Nachts in de stal slapen als een merrie een veulen kreeg, voorop rijden bij de groepen, zonder zadel hard in galop over het strand. Om heel jaloers op te worden.

'Het was ook fantastisch', zegt de vriendin, 'tot het donker werd.' Dan kwamen de tranen, en niet zo'n beetje ook. 'Ze verzonnen 's avonds van alles voor me: zadels invetten, teugels repareren, bij de paarden slapen - als ik maar niet ging denken, want dan begon het weer.'

Heimwee. Het drukt op je schouders, het klauwt in je buik, het zit vast in je keel. Niets is lekker, niets is leuk, de dag is zwaar, de nacht ondraaglijk. 'Ik heb les in heimwee gehad', schrijft Boudewijn Bn Het geheim van Eberwein. 'Heimwee gaat over landschappen. Over huizen. Over stenen. Hoekjes waar je je als kind in verstopte. Over bomen. Wat er achter heuvels te vinden is.'

Er is kattenheimwee en hondenheimwee. Dat laatste hebben mensen die mensen missen, want honden - is de veronderstelling - hechten aan mensen. En katten aan huizen, dus hebben mensen die huizen missen kattenheimwee.

Maakt het uit?

In een kamp voor 8-tot 10-jarigen op het YMCA-terrein in Leusden begint een meisje bij het woord heimwee alleen al spontaan te huilen. Een kampvriendinnetje slaat een arm om haar heen en geroutineerd zetten twee leidsters een afleidingsmanoeuvre in werking.

Het is precies zo'n heimwee-moment. Het Ren-je-bel-spel is net afgelopen, met als hoogtepunt de hardzingwedstrijd tussen de mannelijke kampleiders. De opwinding ebt weg en tot het middageten is er even een kwartiertje niets. Als dan ook nog het H-woord valt, gaan de sluizen open. Even praten, troosten en vertellen over de dingen die we gaan doen, is het devies.

Een paar meter verderop, in een ander kamp, zijn geen heimwee-klanten. Daar zitten al wat oudere kinderen, van 10 en 11. Sommigen zijn er al vaker geweest, dan groei je er wel overheen. Sarah, bijvoorbeeld, had heel erge heimwee toen ze nog in het kamp bij de kleintjes zat. Maar haar broer kon haar troosten. 'Ik miste gewoon mijn ouders', zegt ze. Nu mist ze alleen nog maar poes Spijker en kater Beertje.

En anders heeft hoofdleider Roelff Kloppenburg wel een middel. Hij pakt de medicijndoos en haalt er een imponerend flesje met pipet uit. 'Aqua heimwee. 1x per dag 10 druppels', staat er op het apothekersetiket. 'Het helpt t', bezweert Kloppenburg, natuurlijk doet een flesje met zout water wonderen.

Hielp het maar altijd. Zoveel mensen, zoveel soorten heimwee.

'Ach, Pampam', zucht oud-kampleider Wim Noordhoek, nu radiomaker. Als frisse oud-gymnasiast begeleidde hij begin jaren zestig de leerlingenkampen van het Gymnasium Haganum. Allemaal eersteklassertjes tussen de paardendekens op een kampeerboerderij op de Veluwe. 'Je haalde ze er bij de bus al uit: bange bleke blikken. En ze worden meteen gepest.'

Zo was er zo'n schriel jongetje dat bij de eerste broodmaaltijd de onvergeeflijke fout maakte ten overstaan van alle andere jongetjes niet naar de jam te vragen, maar naar de pampam, want 'zo noemden ze dat thuis altijd'.

'Ze kunnen het onderscheid niet maken tussen de buitenwereld en de wereld thuis', verklaart Noordhoek. Buiten thuis is alles vreemd en eng. 'Je hebt van die kinderen die durven dan ook niet naar de wc. Hebben een week lang verstopping. Dat is ook zo'n signaal. En niet slapen, natuurlijk.' Pampam had het allemaal, en het is niet meer goed gekomen. Na twee dagen ging hij alleen met de trein naar huis.

Heimwee is een ingewikkeld gevoel. 'Het is heel onberedeneerbaar', zegt de vriendin uit Alkmaar. 'Als ze vragen of ik naar huis wil, wil ik dat niet. Ik snap zelf niet wat ik mis. Het is meer het ontworteld zijn, denk ik. Dat ik niet de dingen kan doen die ik thuis doe.'

'Het is heel paradoxaal', bevestigt prof. dr. Ad Vingerhoets, bijzonder hoogleraar gezondheidspsychologie aan de Universiteit van Tilburg. Zijn zoon heeft, ook als volwassene, last van heimwee. 'Eigenlijk is het hier heel leuk, maar ik wil gewoon terug naar huis', zegt hij bijna elke vakantie. 'Dat is toch het centrale verlangen', definieert Vingerhoets, die zich ook beroepshalve met het thema heeft beziggehouden. 'Het gevoel: ik moet terug naar huis.' Anders is het geen heimwee, maar een vorm van depressie of stress.

Hoeveel mensen er last van hebben is ook niet zo makkelijk te bepalen, want in de vakliteratuur wordt heimwee nogal stiefmoederlijk behandeld. Ook in het diagnostisch handboek voor psychologie, de DSM-IV (Diagnostic Statistical Manual van de American Psychiatric Association) is heimwee slechts een subcategorie van scheidingsangst, dat weer deel uitmaakt van hechtingsproblemen bij jongeren.

In haar boek Heimwee. Hoe ontstaat het en wat kun je eraan doen? noemt psychologe Miranda van Tilburg twee onderzoeken waaruit zou blijken dat 50 tot 90 procent van de Nederlanders ooit heimwee heeft gehad. Maar volgens Vingerhoets is er geen zinnig woord over te zeggen. Uit een Engels onderzoek bij internaatstudenten bleek dat de manier van vragen al tot zeer uiteenlopende uitkomsten leidde: wanneer het woord heimwee in de vraagstelling werd benoemd, reageerde 60 procent bevestigend, maar bij de open vragen noemde slechts 20 procent uit zichzelf het fenomeen heimwee.

Veel huilen, apathisch, niet eten, amper slapen, teruggetrokken, concentratieproblemen - dat zijn de symptomen en in wezen verschillen die niet van depressie. Wanneer de betrokkene er niet zelf het etiket heimwee op plakt, is voor anderen lastig te herkennen wat er aan de hand is. En dat wil juist bij vakantiegangers nog wel eens voorkomen, weet Wiljo Meester van Health Care Special Services, een hulpdienst voor psychische problemen in het buitenland. Omdat heimwee als een typische kinderkwaal wordt gezien, zullen volwassenen niet zo gauw hard huilend roepen dat ze naar huis willen. Maar ook zij hebben heimwee, en dat wil dan weleens tot bizarre taferelen leiden.

Zo zou een Amerikaanse vrouw dit jaar op een cruiseschip dreigbrieven in het toilet hebben achtergelaten. Hele boot in rep en roer, FBI en terreurbestrijding erbij, tot bleek dat ze alleen maar naar huis wilde omdat ze haar vriend zo miste. Een Broodje Aap-verhaal, wellicht, maar zeer herkenbaar, vindt Meester. Hij maakte mee dat iemand tijdens een eilandenreis in Zuid-Europa uit de groep verdween, maar wel overal verwarde briefjes achterliet.

Uiteindelijk bleek dat hij zich in een grot had verstopt omdat hij niet mee wilde naar een bepaald eiland. Meester: 'Toen de gelegenheid er was om dat te zeggen, had hij het niet gedaan. Later durfde hij niet meer en raakte zo ontregeld dat hij dit soort signalen gaf.'

Per jaar ontvangen de verschillende hulpdiensten ongeveer 450 meldingen van reizigers in psychische nood. Dat gaat dan om paniek-en angstaanvallen, heftige depressies, psychoses en andere problemen waardoor voortzetting van een gezellige vakantie geen optie meer is.

Daar zitten zeker gevallen bij van uit de hand gelopen heimwee, bevestigt Meester, maar dat kun je alleen maar achteraf vaststellen, als blijkt dat iemand thuis nergens meer last van heeft. Op het moment dat je als hulpdienst bij een toerist wordt geroepen die in blinde paniek het hele hotelmeubilair uit het raam heeft gesmeten, heb je in de eerste plaats een paar praktische problemen.

Vakantie is natuurlijk ook enorme stress: je mag niets vergeten, je moet het vliegtuig halen, je moet de weg zoeken, je moet je uiten in een taal die je niet spreekt, vreemd voedsel eten, je loopt kans beroofd en bedrogen te worden en dan moet het nog leuk zijn ook.

'Heimwee is een soort aanpassingsstoornis', stelt Vingerhoets. Dat kan komen doordat het integreren in de nieuwe omgeving niet lukt - door taalproblemen, door controleverlies, hulpeloosheid - maar het kan ook komen doordat iemand niet in staat is 'thuis' los te laten. En daar is geen kruid tegen gewassen.

Er zijn natuurlijk tips. Geef kinderen een knuffel van thuis mee, of een foto. Zorg voor afleiding en voor sociale steun. Degenen die aan vakantieheimwee lijden, kunnen het best een bestemming kiezen waarin ze hun eigen routine nog een beetje kunnen vasthouden. Bij verhuisheimwee is het belangrijk nieuwe contacten aan te knopen.

Maar er is heimwee dat nooit overgaat. Heimwee dat een leven lang blijft, en zich uit in een onbestemd verlangen. Dat is het grote heimwee, waar Bver schrijft in Het geheim van Eberwein: 'Als je volwassen bent, komt het grote heimwee. En dat is heel verschrikkelijk. Daar kan je niet over praten, daar ga je aan kapot als je niet oppast.'

Gelukkig weten de kinderen in Leusden daar nog helemaal niks van. Hun heimwee duurt zo lang als het groot is en er zijn druppels, spelletjes en lieve kampleiders. En er zijn Kos, de herdershond (inderdaad, meegenomen van het Griekse vakantie-eiland) en Laska, de golden retriever die in geval van nood heel wat traantjes opvangen.

De meeste kinderen leren er wel mee omgaan. Kenzo, in het kinderkamp, heeft nu geen heimwee meer. 'Dan denk je dat er wat is, maar dan is het niet zo en daarom is het er niet meer', verklaart hij ernstig.

De vriendin is aan het pakken voor een vakantie aan de Cd'Azur. Het is minder dramatisch dan vroeger, vindt ze, maar ze krijgt het er nu toch al Spaans benauwd van. 'Ach, waar doe je het allemaal voor? Het idee alleen al. Het wordt hartstikke lekker en het is mooi weer, daar niet van, maar laat mij maar thuis.'

'Heimwee is dit, waar we nu zitten: zand, plantjes, de zon boven ons, de zee die je in de verte hoort', zegt de vader in Het geheim van Eberwein. 'Begrijp je?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden