INTERVIEW

'Ik weet wat het is buitengesloten te worden'

Wie of wat zette je leven op het juiste spoor? In een serie interviews vraagt de Volkskrant mensen naar hun inspiratiebron. Politiewoordvoerder Ellie Lust (50) zag als kind haar levensmotto op een monument in Oostzaan.

Ellie Lust bij het monument voor Nanne Zwiep in Oostzaan. Beeld Marijn Scheeres

'Je zag de vrouw die me net aansprak op straat. Over een overval en een gijzeling op een postkantoor in Amsterdam-Noord, waar zij destijds werkte. Die vrouw loopt misschien al jaren rond met die vraag: is dat ooit opgelost? Ze dacht: dit is mijn kans, ik moet het vragen. Dan schiet ik meteen in de politierol: verbinden, contact maken. Even aanraken. Het antwoord heb ik niet, maar de vraag is gesteld - dat kan enorm opluchten.

'Ik vind dat niet vervelend, nee. Helemaal niet. Dat zal ik altijd doen, ook als mensen op de foto willen bijvoorbeeld. Want als ik dat níét doe, dan ben ik die bitch van de politie die geen tijd heeft. De politie ligt namelijk altijd onder een vergrootglas. Is het contact goed, dan hebben mensen het daar over met hun vrienden en hun familie. Maar is het contact slecht, dan nog veel meer. Dan verlies je zo'n hele groep.

'Gisteren sprak ik op de internationale dag van de tolerantie, een schoolproject, met jongeren van 14 tot 16 jaar. Zo'n blond joch met een pet achterop z'n kop wilde na afloop een selfie maken en hij zei: 'Nou, tot mijn eerstvolgende arrestatie heb ik weer respect voor de politie.' Ik zei: 'Hou op jij met je arrestatie, dat gaat niet gebeuren. Sterker nog, misschien is de politie wel iets voor jou later. Wij zeggen wel eens: met boeven vang je boeven, dus kom maar bij ons werken.' Je zag 'm kijken, maar je weet nooit wat zo'n druppeltje doet. '

'Hier in Oostzaan groeiden mijn zus en broer en ik op in een rijtjeshuis. Vader werkte, moeder was thuis, niks bijzonders. We kwamen regelmatig over dit plein langs de kerk. Op weg naar de sporthal, of voor een boodschapje - het is een dorp hè, de kerk is het middelpunt. En op een dag in mei stond er ineens dit monument. Ik was met m'n tweelingzus Marja, we waren een jaar of 11 en we hebben daar echt samen naar staan kijken. 'Waar recht tot onrecht wordt, wordt verzet tot plicht' stond er op. Ik vond de tekst meteen een doordenker.

De bron: verzetsmonument Oostzaan

Het verzetsmonument in Oostzaan is in 1978 onthuld ter nagedachtenis aan de Enschedese dominee Nanne Zwiep (Beemster 1894 - Dachau 1942). Daags na een preek in 1942, waarin Zwiep zich openlijk uitsprak tegen het nationaal-socialisme en de rechteloosheid van de Joden, werd hij gearresteerd. Na vijf maanden ondervraging in Amersfoort en Arnhem werd hij naar Dachau getransporteerd, waar hij twee maanden later bezweek. Kunstenaar Roel Bendijk liet zich voor het ontwerp van het monument ( een geketende vogel achter 'tralies' van een stoelleuning) inspireren door de dood van de prominente Zuid-Afrikaanse burgerrechtenactivist Steve Biko. Hij overleed in 1977 in een cel onder verdachte omstandigheden.

'Dus als er onrecht gebeurt, móét je je verzetten. Waarom dat nou zo bij mij binnenkwam... aan de ene kant zal het te maken hebben met mijn opa van moeders kant, Jan Kaiser. Die heeft dik in het verzet gezeten: distributiekantoren overvallen, wapens gekoerierd. Op Bevrijdingsdag heeft hij nog in een schietpartij gelegen met de Duitsers op de Mauritskade. Daar is een artikel over verschenen in De Telegraaf en mijn opa kreeg een handgeschreven dankbrief van prins Bernhard. Mijn opa vertelde er trouwens niet veel over, hij was een marinier.

'Mijn moeder heeft in de oorlog als 12-, 13-jarige ook nog wel met wapens gelopen. Een kind met een boodschappentas viel veel minder op. Later heeft ze wel eens tegen ons gezegd: die vraag had ik jullie nooit gesteld. Maar wij leerden daarvan dat de nood zo hoog was dat je de beslissing neemt dat aan je kind te vragen.'

'Aan de andere kant zat dat verzet ook in mij. Mijn zus en ik werden gepest in die tijd. We zijn een tweeling; we hadden rood haar; een bril; sproeten; een broertje met rood haar; we werden hetzelfde aangekleed. Dat zijn al zes redenen om gepest te worden. Ik weet wat het is buitengesloten te worden.

'Er speelt natuurlijk meer: ik was altijd gek op politieseries, Charlie's Angels, Cagney & Lacey, Hill Street Blues. Dat was het helemaal. En gek, ineens schiet me nu nog iets te binnen. Ooit zag ik als tiener op het Leidseplein een opstootje rond een man die op de grond zat, met een grote mond, en een politievrouw. Ik weet nog precies hoe ze er uitzag: met een wat rond gezicht en rood krullend haar tot op d'r kaaklijn. Die politievrouw boog zich naar voren, ze zei iets - en het was klaar. Toen dacht ik: wat een tof wijf is dat. Die door haar uitstraling, door wat ze zegt en natuurlijk ook door dat uniform zo'n situatie kan beslechten.

Bekend gezicht

Als politiewoordvoerder van Amsterdam was Ellie Lust (1966, Amsterdam) al een bekend gezicht, maar dat nam grote vormen aan toen zij afgelopen jaar meedeed aan het televisieprogramma Wie is de Mol waar ze een van de geliefdste kandidaten bleek. Zij begon haar loopbaan bij de politie in 1987 en werkte twintig jaar als agent in Amsterdamse wijken. Daarnaast volleybalde zij twaalf jaar op hoog niveau, als lid van het nationale volleybalteam. Lust is naast haar woordvoerderschap (sinds 2007) verantwoordelijk voor de portefeuille opsporingscommunicatie en geeft leiding aan het team 'Roze in Blauw', dat de belangen behartigt van de LHBT-gemeenschap binnen de politie. Ik spreek Ellie Lust in de plaats waar zij opgroeide, Oostzaan.

'Mijn onverdraagzaamheid en mijn verzet zitten hierin: je kunt mensen niet buitensluiten om wie ze zíjn. Daarom maak ik me met 'Roze in Blauw' hard voor de LHBT-gemeenschap, dat is een bedreigde minderheid. We hebben binnen de politie verschillende netwerken: Roze in Blauw, Caribisch, Marokkaans, Turks, Joods netwerk... dat zijn geen theedrinkende clubjes, die hebben echt een operationeel doel. Alle kleuren uit de stad moeten zich vertegenwoordigd voelen en het is belangrijk dat wij uitstralen: als u iets overkomt bent u veilig bij ons zodra u over de drempel stapt. Want het kan niet zo zijn dat de een van de ander iets vindt, alleen omdat de ander ánders is. Artikel 1 van de Grondwet staat niet voor niets bovenaan.

'Dat recht en onrecht, verzet en plicht, dat heeft natuurlijk met je morele kompas te maken. Dat van mij, dat van de politie. Neem die kwestie van etnisch profileren. Profileren doen we elke dag, dat is niet erg. Maar etnisch profileren is iets anders. Je trekt op basis van kleur een negatieve conclusie: de combinatie 'Audi Q7 met een zwarte man erin' klopt niet.

'Dat kan niet. Dat kán niet. Als de bestuurder van die Audi Q7 tachtig rijdt binnen de bebouwde kom, zonder gordel om, ja, dan zet je 'm aan de kant. Op gedrag. Maar niet op huidskleur.

'Als zoiets gebeurt, moet je echt even terug naar de basis. Herijken; waar gaat dit over. Een paar jaar geleden had dit nog geen naam, nu wel. Omdat wij ons daar schuldig aan maken. En dat moet echt anders. Als ieder mens met een kleur in een grote auto steeds denkt: daar gáán we weer, dan verliezen wij als politie het vertrouwen van de burger.

'Ik sta op een kruispunt in mijn leven. Sinds mijn deelname aan Wie is de Mol komt er ontzettend veel op me af. Productiemaatschappijen, televisie, radio, bladen - ik voel mij ongelooflijk omarmd. En waar ik eerst dacht mijn pensioen hier te halen, volgend jaar zit ik dertig jaar bij de politie, komt daar langzaamaan meer ruimte in. Dus over vijf jaar heb ik wellicht een eigen programma. Maar het zal altijd met mijn vak te maken hebben, want ik ben wel een echte politieagent hoor. Ik ben héél erg blauw.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.