'Ik was kwaad op de wereld'

De verhalen over jeugdprostitutie in de Bijlmer kent ze al lang. Meisjes die voor een paar dure laarzen of kleren met een jongen naar bed gaan....

'0p mijn vierde verhuisde ik van Ghana naar de Bijlmer. Hier ben ik opgegroeid. Ik ken niets anders dan de Bijlmer. De basisschool waar ik naar toe ging, heette De Blauwe Lijn. Ik vond het er leuk. Maar mijn ouders vonden het een echte Bijlmer-school. Ze waren bang dat ik negatief zou worden beïnvloed door de Bijlmer-kinderen die er op zaten, straatkinderen met een grote mond. Zo verkeerd was het er niet, volgens mij.

'Maar ze stuurden me er daarom af, naar een school in Gaasperdam. Ik kon me er iets beter concentreren. Maar eigenlijk was ik een heel verdrietig kind. Voor mijn gevoel had iedereen het beter dan ik. Ik deed me anders voor, in de hoop dat andere kinderen me zouden mogen. Ik deed vrolijk, maar dat was ik niet.

'Andere kinderen gingen winkelen, die mochten hun kinderbijslag zelf besteden. Ze bleven tot laat buiten. Ik vond mijn ouders streng. Ik vond dat mijn vriendinnen alles mochten en ik niks. Ik werd ook gepest op de basisschool. Ik paste nergens bij, voor mijn gevoel.

'Daarna, op het Vechtstede College in Weesp, kwam ik in de havo-vwo-klas. Nu weet ik van mezelf dat ik dat niveau aan kan, maar toen wist ik dat niet. Ik had ook andere dingen aan mijn hoofd. Ik was twaalf. Ik wilde met bepaalde mensen omgaan die helemaal niet bezig waren met school. Ik vond het gezellig om met ze rond te hangen. Ik spijbelde. Ik had geen zin om te leren.

'Die vriendjes zaten in het andere gebouw: ze deden vmbo-theoretisch. Ik vond ze stoer. Bij de kinderen uit mijn gebouw voelde ik me niet op mijn gemak - er waren niet veel bruine kinderen. Ze waren rijk, ze hadden het erg makkelijk in mijn ogen. Als bepaalde kleding in de mode was, dan hadden zij het aan. Als ik geen geld had om mee te gaan naar de bios, dan zeiden ze: wij betalen wel voor je.

'Mijn moeder is kapster. Ze is voor de tweede keer getrouwd, met een Nigeriaanse man. Hij heeft een krantenwijk. Ik heb drie zusjes en een broertje, allemaal jonger dan ik. We wonen met z'n zevenen in een flat in Kralenbeek. Op die school zag ik ineens: anderen hebben het beter dan wij.

'Daarom ging ik liever om met de kinderen uit het andere gebouw. Ik kende de meesten al uit de Bijlmer, of anders via via. En ik zag mezelf terug in hen. We hadden gelijkenissen. We konden met elkaar praten, over het Kwakoe-festival, of als er een vechtpartij was geweest in Kraaiennest, want dan wisten wij er allemaal van.

'Er waren veel mooie jongens bij. Jongens van de straat. Echt iedereen vond ze een lekker ding. Ik vond het stoer dat ik met ze omging. Meisjes kwamen naar me toe en vroegen: als je naar de jongens gaat, mag ik dan mee? Dan konden ze via mij dichtbij ze zijn. Het was gezellig, ik was als een klein zusje voor ze en zij waren mijn grote broers.

Strippen

'Tot ik een rare ervaring kreeg met die broers. Toen dacht ik: het is allemaal toneelspel. Ik was bijna dertien. Ik hing rond met de jongens. We gingen naar het huis van eentje. Ineens ging de deur op slot. Ze zeiden: jij gaat het huis niet uit als je niet voor ons gaat strippen. Ze trokken me naar een schuurtje, ze scheurden mijn trui kapot. Die jongens waren vijftien of zestien. Ze waren met z'n zevenen. Ik heb gevochten, geschopt, toen ging de deur open. Als ik niet had gevochten, waren ze verdergegaan.

'Een van hen ken ik al mijn hele leven. Ik ken z'n ouders, z'n zussen. Hij zei later dat hij 'stop' had gezegd. Het was niet de bedoeling zo ver te gaan, zei hij. Maar hoe haal je het in je hoofd om er mee te beginnen?

'Het was zomer, ik moest naar huis met een opengescheurd truitje. Je zag gewoon mijn bh zitten. Ze hadden mijn busabonnement afgepakt. En dat is best duur. Ik kon moeilijk tegen mijn moeder zeggen: mam, ik ben mijn abonnement kwijtgeraakt omdat ik bij de jongens was. Dan zou ik een dubbel probleem hebben.

'Het verhaal is doorverteld op school, het kwam ook in mijn gebouw terecht. Ik denk dat ze er trots op waren. Iemand kwam naar me toe: 'Er is een meisje gepakt in de schuur. Was jij dat?' Ik kon natuurlijk niet voor altijd boos op ze blijven, maar ik was wel op mijn hoede. Ik wilde ze niet tegenkomen als ik alleen was. We gingen ook niet meer overal samen naar toe.

'Op school ging het slecht. Door mijn slechte prestaties werd ik van school geschopt. Hulpverleners van Jeugdzorg hielpen me een nieuwe school te vinden. Dat werd de Christelijke Scholengemeenschap in Buitenveldert. Daar ging het ook niet goed. Ze hadden nogal hoge verwachtingen van me toen ik kwam, de leerlingen dan. Er werd over me gepraat. Romy is een straatmeid, zeiden ze, ze is niet op haar mondje gevallen. Ze is lief, maar als ze eenmaal boos is...

'Dat was mijn masker. Ik gaf iedereen een grote mond. Eén keer heb ik gevochten met een heel lang meisje. Ze had iets over mijn nichtje gezegd. Dat hoorde ik via via. In de kleedkamer van de gymzaal heb ik haar op de grond gegooid en langs alle douches geslingerd. Ze was helemaal nat. Ze lag op de grond, ik wilde haar vuisten, ik keek naar haar, en toen deed ik het toch niet. Ik schrok van mezelf, van al die woede.

'Ik bleef zitten. Op die school ging ik ook om met de stoere jongens. Met Turken en Marokkanen. Hé Afrikaan, zeiden ze tegen mij. Maar ik had nog wel last van die rare gebeurtenis met mijn vrienden uit de Bijlmer. Jongens lijken vaak heel leuk, maar hoe langer je met ze bent, hoe meer ze van je willen weten. Ze zoeken je zwakke plek. Ze willen macht over je krijgen. Misschien viel ik toen wel op bad boys.

'Het was een gekke periode. Mijn moeder werd opgepakt in Duitsland. Voor drugs. Handel? Ik dacht het wel. Ze wilde geld verdienen, voor het gezin. In die tijd ging het bergafwaarts met me. Toen mijn moeder er nog was, had ik een minder grote mond. Ik was een mamma's kind. Toen zij wegging, werd ik depressief. Maar niemand zag dat aan me. Ik ben een beetje losgeslagen.

Kelderbox

'Op mijn dertiende ben ik ontmaagd. Door een van de jongens van het incident. Ik vond hem leuk, vandaar. Een jaar later kreeg ik een vriend, Wesley. Hij was toen een jaar of twintig, denk ik. Nu heeft ie een kind. Hij zat in een Surinaamse Kaboela-band. Iedereen vond hem stoer. Hij hield niet op met zeggen hoe lekker hij zichzelf vond. En hij ging vreemd. Hij bleek met de zus van een vriendin te gaan. Maar ja, ik zag hem niet vaak.

'Vrienden hebben me gewaarschuwd: ''Wat je doet is belachelijk!'' Ik vond het gezeur. Ik was stoer, ik wilde niks horen. Het is mijn leven, vond ik. Met Wesley sprak ik altijd af in een kelderbox. Er stonden banken en tv's. We waren een keer bezig en toen vroeg hij: 'Zou je mijn broer niet willen laten voelen wat ik nu voel?'

'Ik heb het gedaan. Eerst met één broer. Later met zijn andere broer. En met ooms en neven van hem. Ze waren achttien, negentien, twintig. Een keer met drie tegelijk. Het maakte me niks uit. Ik was kwaad op de wereld. Ik zag het als puur genot. Maar ja, ik genoot niet altijd. Eigenlijk vond ik het niet leuk om gedeeld te worden. Maar ik was verliefd, ik wilde alles voor Wesley doen.

'Die mannen vonden het heel normaal. Ik was duidelijk niet de eerste met wie ze dit deden. Ze wonen hier achter. Ik zie ze dagelijks. Dan groeten we elkaar.

Wilde leven

'Op school wisten ze dat ik veel had meegemaakt, dat ik al ver was op seksgebied. Daar werd over gepraat. Een vriendin kwam naar me toe. Ze zei: 'Er is een jongen in Oost die het leuk vindt om meisjes te beffen. Ik heb jou opgegeven als kandidaat.' Ze had mijn nummer gegeven en we hebben afgesproken in Oost, ook in een kelderbox. Ik heb het één keer met hem gedaan. Ik deed van alles in die tijd, zonder reden. Ik wilde het wilde leven leven.

'Met één van die Ghanese jongens uit Oost, ja, hoe leg je dat uit? Hij zei dat hij iemand nodig had om zijn huis schoon te maken. Ik had geld nodig, dus ik zei ja. Eén middagje heb ik zijn kleren opgevouwen. Toen zei hij: 'Dit is niet je echte baan. Ik wil je vragen iets anders voor me te doen.'

'Hij vertelde dat hij veel meisjes had zoals ik, en dat ik de helft van hen kende. ''Je kunt goed verdienen'', zei hij ook. ''Het is goede business. Ik regel mannen voor jou, jij gaat met ze naar bed. De helft van het geld krijg je van hun en als je naar mij komt, krijg je de andere helft.'

'Ik zei tegen Stefano, zo heette hij, dat is prostitutie! Daar hoef je echt geen mooie woorden omheen te kletsen. Maar ik wilde er wel over nadenken. Ik dacht: je verdient met iets waarvan je geniet. En we zouden het veilig doen, dus ik zag niet zoveel risico's. Ik belde hem op: 'Mijn antwoord is ja.'

'Stefano was negentien. Hij werkte als kapper. En hij deed meer zaken ernaast. Pinpasfraude geloof ik, zoiets. Als kapper verdien je niet veel, dan moet je er nog wel iets naast doen.

'Ik ging naar Oost, naar zijn huis. Stefano zei: 'Ik moet nog wel een paar dingen controleren.' Hij moest mijn lichaamsgeur ruiken, horen hoe ik kreunde. En met me oefenen: pijpen, lapdance, striptease, omdat mannen dat soms willen.

'Hij noemde dat zakelijk, een vrijpartij onder de douche oefenen, om te kijken hoe je dan moet bewegen. In zijn slaapkamer had hij parfum, dildo's en verschillende smaken condooms. En dan ging hij met je naar bed, elke keer voordat je met een ander ging. Je bent zijn meisje. Dat was zijn traktatie.

'Hij regelde oudere mannen voor me, ze waren in de dertig. De ene keer ging ik naar het huis van een klant, soms was het in zijn huis. Het waren ook jongens uit zijn vriendenkring. Ik deed het soms met vijf mannen per dag, sommigen wilden wel drie keer. Die kwamen steeds terug. Dat was vermoeiend. Ook al had je niks meer over, dan moest je toch nog doen of je plezier had.

'20 euro kreeg ik ervoor, per keer. De andere helft zou ik van Stefano krijgen, maar hij heeft het me nooit gegeven. Maar ja, 20 euro was in die tijd veel geld voor mij. Ik spijbelde vaak van school. En ik ging nog met Wesley. Die wist het niet. Maar het kon me niks schelen, hij ging zo vaak vreemd in die tijd.

De Heer

'Ik heb het vijf maanden volgehouden, tot de ommekeer in mijn leven kwam. De Heer heeft me omhelsd. En toen ben ik ermee gestopt. Mijn ouders zijn islamitisch, maar daar deed ik niet veel mee. Als ik er wat mee had, dan had ik niet gedaan wat ik toen deed, denk ik.

'Ik kwam een goede vriend tegen. Hij was altijd een player, iemand die meisjes regelt. Maar hij was veranderd. Hij begon over Jezus te praten. Hij heeft me meegenomen naar een bijeenkomst van jongeren die zijn bekeerd. Dat is bij een Ghanese vrouw thuis, Mama Josephine - Ma Jo. Ik ga nu drie keer per week. In haar flat praten we over wat Jezus in ons leven heeft gedaan. Wat er is veranderd tussen toen en nu. We zingen, prijzen de Heer, we lachen veel. We zijn wel met z'n dertigen, allemaal jongeren.

'Ik zie de dingen nu anders. Ik heb geen reden om kwaad te zijn op de wereld, ik heb geen reden om te spijbelen, ik heb geen reden om depressief te zijn. Ik ben niet minderwaardig. Er is iemand die me lief vindt en dat is Jezus.

'Ik ben nog even teruggegaan naar de school in Buitenveldert, maar de lange periode dat het slecht met me ging kon ik niet meer inhalen. Ik kwam bij een project voor mensen die het niet goed hebben op school, het GO-project, daar heb ik in een halfjaar mijn mbo gehaald. Nu zit ik al een jaar thuis. Ik heb even pauze genomen, om tot rust te komen. In september wil ik toerisme gaan studeren op het ROC in Hoofddorp, daarna wil ik juridische dienstverlening gaan doen.

'Ik heb veel nagedacht over wat ik heb meegemaakt, maar ik wil niet te veel blijven haken aan het verleden. Ik moet door. Maar toen ik hoorde van het onderzoek van de GGD naar jeugdprostitutie in de Bijlmer, dacht ik: daar zijn jullie wel een beetje laat mee! Het is al lang een groot probleem. Er wordt veel gezegd over golddiggers, meisjes die seks hebben met een jongen en die er dure kleren en laarzen voor terug willen. Dat is compleet iets anders. Zij kunnen die spullen eigenlijk op een hele normale manier krijgen. Ze winden die jongens om hun vinger, manipuleren hen. Ze zijn slim. Ze grijpen het goud en gaan weg. Ze haken af, voordat ze door de jongens worden misbruikt.

'Voor meisjes die in een dip zitten, zoals ik een paar jaar geleden, is het heel anders. Niemand beseft hoe groot dat probleem is. Iedereen draagt maskers: vrolijk, stoer, overdreven bitchy. Maar daaronder zijn we depressief. We willen aandacht en de jongens weten daardoor precies hoe ze ons kunnen krijgen. Ze geven ons de aandacht die we zo missen. Ze zeggen wat wij willen horen en wij gaan ervoor.

'Dat kleine beetje voldoening, daar ga je steeds voor terug. Ze zoeken je zwakke plek. Ze zeggen dat je er mooi uitziet, dat je haar mooi is. Zie je wel, ik ben niet zo stom als ik steeds dacht, ook al hoor ik het niet van mijn ouders! Dat denk je dan.

'Als je depressief bent, neemt dat de macht over. Ook al zien mensen je anders. Mij vonden ze allemaal zo slim. Ik begon ook in een havo-vwo-klas, maar ik ben helemaal afgezakt. Ik wist dat ik het kon, maar ik had er geen macht meer over.

'Hoeveel meisjes er zijn zoals ik? Dat weet ik niet. Maar ik kan er zo dertig uitpikken op straat. En als je naar mij keek, in die tijd, zou je ook niet aan me kunnen zien wat ik deed.

'Stefano is gestopt, hoorde ik. Hij doet het rustig aan. Hier in de Bijlmer leer je niet over aangifte doen. Meisjes van dertien lopen op straat met jongens van vijfentwintig. Iedereen vindt dat normaal. Dat is haar zaak, denkt iedereen hier.

Trouwen

'Mijn ouders weten het niet. Met mijn moeder ben ik er wel eens over begonnen, toen ze op verlof was, maar het is veel te pijnlijk voor ons allebei. Dat is een deel van het probleem: zulke dingen kun je echt niet tegen je ouders zeggen. Van hen heb ik een heel raar beeld van seks gekregen. In Ghana leer je: als je naast een jongen ligt, word je zwanger. De eerste keer dat ik naast een

jongen lag, was ik doodsbang. Maar er gebeurde niks. Ja, dan ga je verder proberen. Ouders zouden meer open moeten zijn. Wat met mij is gebeurd, dat kan ieders dochter overkomen.

'Nu heb ik geen vriend. Dat gaat niet met mijn geloof samen. Ik wil naar school, ik wil mijn rijbewijs halen, ik wil een eigen huis. Daarna wil ik iemand leren kennen en met hem wil ik trouwen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden