'Ik was een van de zedenmeesters van IS'

Wanneer Islamitische Staat hun stad bezet, besluiten drie moderne jonge vrouwen uit Raqqa zich bij de terreurgroep aan te sluiten. In een mum van tijd veranderen ze in maniakale handhavers van de sharia.

Aws (25) was in Raqqa lid van de Khansaa-brigade, de zedenpolitie van IS. Haar eerste echtgenoot stierf bij een zelfmoordaanslag. Aws vluchtte uiteindelijk uit Raqqa en woont nu in het zuiden van Turkije.Beeld Tara Todras-Whitehill

Dua werkte nog maar twee maanden bij de Khansaa-brigade, de zedenpolitie van het kalifaat, toen twee vrouwen die ze van jongsaf aan kende op het politiebureau werden binnengebracht om zweepslagen te krijgen. De politie had de twee, een moeder en haar dochter, opgebracht omdat ze gewaden droegen die te strak om hun lijf zaten. Toen de moeder Dua zag, smeekte ze haar een goed woordje voor hen te doen. Maar ze vond dat haar collega's gelijk hadden. 'Ik vertelde hen dat het hun eigen fout was. Ze waren de straat opgegaan in de verkeerde kledij', vertelt ze achteraf. 'Daar waren ze niet blij mee.'

Ze keek toe hoe collega's van de zedenpolitie de twee meenamen naar een achterafkamertje waar ze met de zweep zouden krijgen. Toen ze hun nikab afdeden, zagen de agenten dat ze ook make-up droegen. Kortom, nog eens vijf zweepslagen erbij, boven op de 20 zweepslagen voor hun gewaad, plus vijf zweepslagen extra omdat ze niet onderdanig genoeg waren geweest. Toen Dua hen het van pijn hoorde uitschreeuwen, kreeg ze een brok in haar keel en dwong ze zichzelf naar het plafond te kijken.

In de korte tijd nadat ze zich had aangesloten bij de Khansaa-brigade in Raqqa, de hoofdstad van het door de terreurgroep Islamitische Staat (IS) uitgeroepen kalifaat, was de zedenpolitie steeds harder gaan optreden. Veel vrouwen moesten wennen aan de verplichte abaya's (zwarte gewaden) en nikabs die IS na de inname van Raqqa invoerde, dus kreeg de zedenpolitie aanvankelijk de opdracht het rustig aan te doen en het bij kleine boetes te houden. Maar al snel was het met die zachte aanpak gedaan en kwam de zweep tevoorschijn.

Haten

Dua's kennissen kwamen later naar het huis van haar ouders om hun beklag te doen over haar en Islamitische Staat. Dua probeerde zich te verontschuldigen met het argument dat ze niets had kunnen doen, omdat ze nog maar kort bij de zedenpolitie zat. Maar een jarenlange vriendschap was voorgoed voorbij. 'Sinds die dag haatten zij mij. Ze zijn nooit meer bij ons thuis gekomen.'

Aws, een achternicht van Dua, werkte ook bij de brigade en zag op een dag hoe strijders van IS een bejaarde man er met de zweep van langs gaven op het Mohammedplein. Mensen hadden gehoord hoe de man, een jaar of zeventig, Allah had vervloekt. Terwijl de mensen samenstroomden, sleepten de strijders hem naar het plein en begonnen ze hem te geselen. 'Hij schreeuwde het de hele tijd uit. Hij had nog geluk dat hij Allah en niet de profeet had vervloekt: anders hadden ze hem gedood', vertelt Aws.

Aws (25) en Dua (20) zijn inmiddels uit Raqqa gevlucht en wonen in een stadje in het zuiden van Turkije. Daar hebben ze ook een andere spijtoptant uit de Khansaa-brigade leren kennen, de 22-jarige Asma. Alle drie normale jonge vrouwen uit het Raqqa van vóór IS zijn intrede deed. Aws hield van Hollywoodfilms, Dua van Bollywood. Asma volgde een business-studie aan de Euphrates-universiteit, Aws studeerde Engels. Ze trokken met mannelijke leeftijdgenoten op en droegen make-up en westerse kleding.

Maar begin 2014, toen de provincie Raqqa in handen van IS viel, veranderde alles compleet. De terreurgroep die onder de inwoners van Raqqa bekendstaat als Al Tanzeem oftewel 'de Organisatie' vestigde met geweld haar gezag. Wie zich verzette of de verkeerde connecties had, werd opgepakt, gemarteld of vermoord. Al snel kwam een stroom van buitenlandse strijders op gang die naar Raqqa kwamen voor de jihad en werden de Syriërs tweederangsburgers in hun eigen stad.

Achteraf kost het Dua, Aws en Asma moeite uit te leggen hoe ze van moderne jonge vrouwen veranderden in zedenmeesters voor Islamitische Staat: geen van hen was het eens met de extreme ideologie van IS. Maar het leek op dat moment de juiste keuze, een manier om hun leven nog een beetje aangenaam te houden en tenminste nog wat bewegingsvrijheid te krijgen in een stad waar vrouwen niets meer te zeggen hadden. Maar al snel merkten ze dat al hun kennissen zich van hen afkeerden en dat ze werden gebruikt als tijdelijke slavinnen voor buitenlandse strijders.

Huwelijken

Op een dag kreeg Aws te horen dat Abu Muhammad, een Turkse IS-strijder, haar wilde huwen. Haar vader en grootvader vertelden haar dat zij hem kon zien op een volgende bijeenkomst, mits hij een voldoende bruidsschat aan te bieden had. Maar Aws had te veel films met Leonardo DiCaprio gezien om een man te trouwen die ze nooit had gezien. Dus gluurde ze stiekem om het hoekje en zag een man met volle wenkbrauwen, heldere ogen en een diepe stem. Terwijl de mannen onderhandelden, stelde zij zich voor hoe het leven met hem zou zijn. Toen haar vader haar ten slotte binnenriep, had ze in haar zenuwen al besloten ja te zeggen, om haar familie een dienst te bewijzen.

Na haar huwelijk verraste het haar dat het echt aanvoelde: er was zelfs sprake van tederheid. Maar Abu Muhammad was vaak dagen van huis om te vechten voor IS. Aws begon om te gaan met vrouwen van andere strijders en kwam erachter dat ze het niet slecht had getroffen. Sommige andere strijders mishandelden hun vrouwen. Iedereen had gehoord over Fatima die haar polsen doorsneed nadat ze onder dwang een strijder had moeten trouwen.

Maar haar leven bestond vooral uit verveling. Boeken waren bijna niet te krijgen, omdat de jihadisten romans hadden verboden. Ze had altijd graag een kind gewild, maar ze moest van Abu Muhammad de pil nemen. Zijn commandanten hadden de strijders de opdracht gegeven te zorgen dat hun vrouwen niet zwanger raakten. Jonge vaders, redeneerden zij, zouden minder snel bereid zijn zelfmoordaanslagen uit te voeren. Dat was het moment dat Aws besefte dat er nog een derde partner in haar huwelijk was: Islamitische Staat.

Dua's familie had altijd krap bij kas gezeten, maar het werd nog erger toen artsen en advocaten hun banen kwijtraakten nadat IS de macht had overgenomen. Zij begonnen ook groenten en fruit te verkopen, waardoor Dua's vader, een boer, nog meer concurrentie kreeg. Dus toen een Saoedische strijder in februari om haar hand vroeg, zette haar vader haar onder druk om ja te zeggen. De Saoediër, Abu Soheil Jizrawi, was afkomstig uit een rijke familie en betrok samen met haar een ruim appartement met een moderne keuken en airco in iedere kamer, een ongekende luxe in Raqqa. Hij complimenteerde haar met haar kookkunst en had zelfs geen bezwaar tegen de tattoo met een roosje die zij op haar hand droeg, hoewel tattoos verboden zijn onder de strikte interpretatie van de islam. 'Hij veranderde mijn leven compleet. Ik begon van hem te houden', vertelt ze.

Asma besloot in januari 2014 zich aan te melden bij de Khansaa-brigade. Een aantal familieleden van haar werkte al voor 'de Organisatie', dus het leek een logische keuze. 'Het ging mij vooral om macht en geld, vooral macht. Op die manier kreeg ik gewoon meer gezag', zegt Asma.

Vrouwen in Raqqa worden gemaand een hijab te dragen.Beeld reuters

Buitenlanders

Na een twee weken durende training waarbij ze leerden omgaan met pistolen (alleen de buitenlandse vrouwelijke strijders kregen 'russis' oftewel kalasjnikovs), gingen de drie op patrouille in de straten van Raqqa. Er zaten ook buitenlandse vrouwen bij de brigade, maar contact met hen was streng verboden. Kennelijk wilde IS niet dat zij hun loon of behuizing zouden vergelijken. Maar het werd al snel duidelijk dat de buitenlandse vrouwen allerlei privileges genoten: ze kregen meer geld, hoefden niet in de rij te wachten en kregen zelfs ongelimiteerd toegang tot internet. 'Het waren verwende krengen. Zelfs vrouwen die jonger waren dan wij, hadden meer macht. Maar we konden niets zeggen', klaagt Aws.

Asma had de taak buitenlandse vrouwen bij de grens met Turkije op te halen. Dit voorjaar vingen zij en haar ploeg drie jonge Britse meisjes op. 'Ze waren zo jong, zo klein en zo blij dat ze waren aangekomen.' Ze bracht hen naar een hostel, maar hoe het verder met hen ging, weet ze niet. Wel zag ze later op internet dat het drie meisjes van een school uit Londen waren.

Het verbaasde haar dat de meisjes zich zo verheugden op een leven dat haar steeds meer begon tegen te staan. Overdag droeg Asma een hijab en dwong ze andere vrouwen zich zedelijk te kleden, maar 's avonds luisterde ze naar de rockgroep Evanescence op haar mobieltje en voelde ze zich triest.

Op een dag in het voorjaar van 2014 gingen de vrouwelijke collega's van Dua naar een van de pleinen in het centrum om de steniging bij te wonen van twee vrouwen die beschuldigd werden van overspel. Later gingen er geruchten dat één van de vrouwen gestraft was omdat ze bij het hoofdkwartier van de politie was gepakt met een bord met 'Weg met de Organisatie' erop.

Met het naderen van de zomer zag je bij de toren op het centrale plein steeds vaker de afgehakte hoofden van gevangen regeringssoldaten of mensen die van verraad waren beschuldigd. Niemand durfde er wat van te zeggen. Dua en Aws troostten zich met de gedachte dat ze weliswaar bij 'de Organisatie' zaten, maar in ieder geval zelf niet iemand hadden gedood.

Afgesneden hoofden en lijken

'We zagen veel hoofden die eraf werden gesneden', herinnert Dua zich. 'Je hebt de hoofden gezien, alleen de hoofden', verbetert Aws haar. Dua: 'Nou goed, maar volgens de islam is het verboden om lichamen te verminken. Soms zag ik lijken die wel een week lang op straat lagen.'

In juli 2014 keerde de echtgenoot van Dua, de Saoedische strijder, drie nachten lang niet thuis. Op de vierde dag kreeg Dua te horen dat haar man zich had opgeblazen tijdens gevechten met het Syrische leger. Dua was helemaal van haar stuk toen de commandant haar vertelde dat haar man zelf om de zelfmoordmissie had gevraagd. Tegen haar had hij er nooit een woord over gezegd.

Ze troostte zich met de gedachte dat het een eer was de vrouw van een martelaar te zijn, maar later bleek dat haar man niet was omgekomen tijdens gevechten met het gehate Syrische leger, maar met een rivaliserende rebellengroep. 'Ik heb dagen gehuild. Hij stierf terwijl hij tegen moslims vocht.'

Tien dagen later kreeg ze bezoek van iemand uit de eenheid van haar omgekomen man. Hij zei haar dat ze niet alleen mocht blijven, maar meteen weer moest trouwen. Normaal mag een weduwe volgens de islamitische voorschriften pas na drie maanden rouw hertrouwen, maar volgens de commandant gold deze regel niet voor haar. 'Jij mag niet verdrietig zijn. Jij bent de vrouw van een martelaar. Jij zou blij moeten zijn.' Dat was het moment dat het voorbij was voor haar.

Ze realiseerde zich dat 'de Organisatie' een weduwe van haar had gemaakt en dat IS daarmee door zou gaan: ze zou een tijdelijke afleiding worden voor een hele rij suïcidale strijders. Ze had geen keuze meer, het enige dat restte, was de plicht te vervullen die IS van haar eiste om de mannen aan het front te plezieren. Ze wist dat ze moest ontsnappen.

Ook Aws kreeg niet veel later te horen dat Abu Muhammad zich had opgeblazen. Ze was kapot van verdriet. Maar al snel klopte 'de Organisatie' aan. 'Ze vertelden mij dat hij nu een martelaar was en dus geen vrouw meer nodig had, maar dat een andere strijder dat wel nodig had. Iemand die met mijn man bevriend was geweest en die mij wilde beschermen.' Schoorvoetend stemde ze in, maar haar nieuwe man ging er al naar een paar maanden vandoor.

De vlucht

Dua was de eerste die besloot te vluchten, samen met haar broer. Vrienden hielpen hen de grens met Turkije over. Toen Aws vier maanden later besloot te vertrekken, was het moeilijker geworden, omdat Turkije de grens scherper bewaakte. Met behulp van een netwerk dat er een handeltje van heeft gemaakt mensen uit IS-gebied te smokkelen, wist ze de grens over te steken.

Ook Asma besloot uiteindelijk weg te gaan uit Raqqa. De stad werd steeds beklemmender, wie het zich kon veroorloven, was al vertrokken en als ongetrouwde vrouw had ze bijna geen bewegingsvrijheid. 'Vroeger had ik een vriendje. Ik ging naar het strand en droeg een bikini. Niemand viel me lastig.' Onder IS was dat allemaal anders geworden. 'Je kon niet naar de dokter zonder je vader of je broer. Zomaar een wandeling maken, mocht niet. Ik hield het niet meer uit.'

Geen van drieën kan zich voorstellen dat ze ooit zullen terugkeren naar Raqqa, zelfs niet als IS ten onder gaat. Het Raqqa dat ooit hun thuis was, bestaat alleen nog maar in hun herinnering. 'Er is te veel bloed gevloeid', zegt Aws. 'Dan heb ik het niet alleen over IS, maar over iedereen.'

De namen van Dua, Aws en Asma zijn gefingeerd omwille van hun veiligheid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden