Interview

'Ik vertik het om op te geven'

Jannine van den Berg, de hoogste politievrouw van Nederland, gaf mede leiding aan de nieuwe nationale politie. 'Niemand benijdde mij. Maar ik ga met een goed gevoel weg.'

Jannine van den Berg: 'Natuurlijk heb ik er baat bij gehad als vrouw in de politieorganisatie te stappen. (...) Maar als je er eenmaal zit, word je net zo hard op je kwaliteiten beoordeeld als ieder ander.' Beeld null
Jannine van den Berg: 'Natuurlijk heb ik er baat bij gehad als vrouw in de politieorganisatie te stappen. (...) Maar als je er eenmaal zit, word je net zo hard op je kwaliteiten beoordeeld als ieder ander.'

Haar man heeft een fotolijstje op zijn bureau: zijn vrouw, heel jong nog, in haar uniform van de Mobiele Eenheid. Met zo'n grote helm op haar hoofd. Vindt-ie leuk: een schril contrast met de lieflijke gezinsfoto's die collega's op hun werkplek hebben staan. Minder leuk was dat ze eens thuiskwam met een enorm gezwollen pols, omdat een collega niet doorhad dat ze agent in burger was - die sloeg haar met zijn stok van een hek terwijl ze daar hooligans van af stond te trekken.

'Het hoort er allemaal bij', zegt de inmiddels hoogste politievrouw van Nederland. Jannine van den Berg (52) klom op van districtschef en Mobiele Eenheid-commandant tot hoofdcommissaris in de korpsleiding over een politieorganisatie van 63 duizend man.

Vrijdag begon ze bij de Landelijke Eenheid, waar ze onder meer de aanpak van georganiseerde misdaad en terrorisme gaat coördineren. Daarmee keert ze terug naar het 'echte' politiewerk, nadat ze de afgelopen vier jaar mede leiding gaf aan de nieuwe Nationale Politie.

'Het waren tropenjaren', vertelt Van den Berg op het hoofdkantoor in Den Haag. Hoewel ze in 2011 als directeur Operatieën in de korpsleiding werd gevraagd, kreeg ze al snel de post personeel toegeschoven - de zwaarste post in een periode waarin 26 korpsen moesten fuseren tot één landelijke organisatie. Niemand wilde met haar ruilen. Het werd de grootste reorganisatie in het Nederlandse publieke bestel. 'Je staat met je werk op en je gaat ermee naar bed. In het weekend lees je stukken. Je sociale contacten schieten er bij in. Op woensdagmiddag dacht ik vaak: mijn urencontract is al voorbij en ik ben pas halverwege de week. Het was een eeltvormende ervaring met een heel steile leercurve.'

CV

1964 Geboren in Tiel

1976-1982 Atheneum aan het Christelijk Streeklyceum te Ede

1982-1986 Nederlandse Politie Academie

1986-2006 Diverse functies bij de politieregio Utrecht

2007-2010 Directeur opsporing & informatie bij de politieregio Haaglanden

2010-2011 Korpschef politieregio Kennemerland

2011 - 2016 lid korpsleiding Nationale Politie

2016 Politiechef Landelijke Eenheid

Jannine van den Berg is getrouwd en heeft drie kinderen

Wat was eeltvormend?

'In de media kon men lezen - door onderzoeksrapporten of de vakbonden die vanalles ventileerden - wat er allemaal niet goed gaat bij de politie. Dat moet je incasseren zonder dat je een weerwoord kunt geven. Thuis ging daardoor weleens een deur te hard dicht. Het raakt je, omdat je je juist een slag in de rondte werkt om die nieuwe organisatie neer te zetten. We kampten met veel achterstallig onderhoud, zoals 3.000 langdurig zieken, 800 mensen met posttraumatische stress en ict-systemen die totaal niet op elkaar aansloten. En we moesten terug van ruim 1.200 naar 92 functieomschrijvingen. Het kan allemaal beter, dat weet ik ook wel. Maar wij zijn, als nationale politie, de grootste werkgever en pas drie jaar jong. Het verbaast me dat iedereen verwacht dat je na drie jaar al als een volwassen organisatie functioneert.'

Was jullie opdracht te ambitieus?

'Ook. Wat wij absoluut niet wilden, was een nationale politie vormen alleen vanuit bezuinigingsoverwegingen. Wij wilden vooral ook een bétere politie worden, die in staat is heel snel op te schalen als er een incident is in Haaksbergen of in Lutjebroek. Lange tijd wisten zo'n 54 duizend politiemensen niet waar ze aan toe waren. Dat is inherent aan zo'n grootschalige reorganisatie. Ik werd niet erg benijd om de relatie met de vakbonden. Tegelijkertijd dacht ik: hoe harder jullie me aanspreken, hoe volhardender ik word. Ik vertik het om op te geven.'

Hoe hard botste het met de vakbonden?

'Ik heb NPB-voorzitter Han Busker weleens gebeld over een brief die over mij persoonlijk leek te gaan: joh, als je iets tegen me hebt, spreek het dan gewoon uit. Ook bereikten mij geluiden dat ik op een soort hitlijst van ACP-voorzitter Gerrit van de Kamp stond: Van den Berg moet weg. Ik heb hem daar op aangesproken: Gerrit, ik begrijp dat ik op je lijstje sta. Los van wat jij van mij vindt, ik blijf gewoon zaken met je doen, dat je 't weet. Hij antwoordde: ik heb helemaal geen lijstje, hij opende zijn colbertje en liet z'n binnenzak zien.'

Geloofde u hem?

'Nee.'

Stond Gerard Bouman, tot voor kort korpschef, ook op het lijstje?

'Dat heb ik niet gehoord. Wel andere namen, maar die ga ik niet noemen.'

Van Bouman wordt gezegd dat hij slecht tegen kritiek kan. U staat als kritisch bekend. Hoe ga je dan met elkaar om?

'Dat Gerard niet tegen kritiek kan laat ik voor jullie rekening. Wel moesten wij het eerste jaar goed aan elkaar wennen. Als je hem kritiek geeft, kun je dat terug verwachten. Sommigen noemen dat bot, ik noem dat eerlijk. Hij was de juiste man voor het begin van de reorganisatie. De politie moest breken met het verleden. Dat vraagt een bepaalde hardheid.'

Is de situatie tussen jullie weleens ontploft?

'Nee. Als ik een irritatie heb, spreek ik het uit. Ik laat dat niet groot worden. Gerard kapte mij eens bot af in een vergadering. Daarna kwam hij naar me toe. Ik weerde hem af. In de auto stuurde ik hem een sms'je: 'De emotie werd me even te veel'. Hij sms'te terug: weet dat ik altijd een zakdoek bij me heb. Door die directheid bouwden we een band op. Op kritische momenten dacht ik: ik doe dit vrijwillig, jij hebt mij hier gevraagd.'

Wij begrepen dat voormalig minister Opstelten per se een vrouw in de korpsleiding wilde.

'Ik ken dat verhaal. Ik heb het aan Gerard gevraagd: zit ik hier omdat ik een vrouw ben? Hij zei nee, ik heb je gevraagd om wie je bent. Eigenlijk doet het er niet toe. Van alle vrouwen heeft-ie mij gevraagd, zo kijk ik ernaar. Weet je: natuurlijk heb ik er baat bij gehad om als vrouw in de politieorganisatie te stappen, zeker in de periode dat er nog veel minder vrouwen waren. Daardoor val je eerder op in de mannenwereld. Maar als je er eenmaal zit, word je net zo hard op je kwaliteiten beoordeeld als ieder ander.'

De politieorganisatie was erg seksistisch in de jaren tachtig, toen Van den Berg er begon. Vrouwen mochten geen streep op de zijkant van hun broek dragen, hadden een uniform zonder broek- of borstzakken ('ik wist niet waar ik mijn pen moest laten') en kregen geen leren jas - dat was niet vrouwelijk. Ze herinnert zich nog goed hoe ze, als 22-jarige, als inspecteur tijdens een nachtdienst op een bureau kwam waar 8 mannen en 3 vrouwelijke aspiranten aan tafel zaten. Op de tv was porno. 'Ik dacht: dit is onacceptabel. Ik was beginnend leidinggevende, dus dat was een spannend moment. Ik zei: jongens, dit kan niet, en zette de tv uit.

Hun leidinggevende, die veel ouder was dan ik, zei dat niemand die porno erg vond, ook de vrouwen niet. Ik antwoordde: dat kan wel zo zijn, maar wat doe jij als er zo meteen een slachtoffer komt van seksueel geweld? Jij hebt de verantwoordelijkheid om te zeggen: die tv gaat uit. Hij durfde hem daarna niet meer aan te zetten.'

null Beeld null

Bent u zelf weleens seksistisch bejegend?

'In het FC Utrechtstadion, waar ik de enige vrouwelijke agent was, werd eens iets heel vervelends en rolbevestigends naar me geroepen. Ik wilde die man aanhouden: belediging van een ambtenaar in functie. Mijn collega's steunden me niet, ze zeiden: het OM gaat dat toch niet vervolgen. Wat moet je dan? Ik kon moeilijk in m'n eentje dat hele vak overhoop halen. Zoiets wordt nu gelukkig wél vervolgd. Bij de politie is veel veranderd hoor. Inmiddels is 22 procent van de leidinggevenden vrouw. Toen ik de baas was van het district Amersfoort-Leusden-Woudenberg vormde ik een driehoek met de vrouwelijke burgemeester en de vrouwelijke hoofdofficier. Dat liep echt als een speer. Overigens hoor ik van allochtone collega's hoe die soms worden bejegend. Daar valt nog het nodige te verbeteren.'

Oud-korpschef Jan Wiarda benoemde eind vorige eeuw als eerste drie vrouwen tot districtschef. Ze werden Wiarda's Angels genoemd, naar de tv-serie Charlie's Angels. Een van hen was Jannine van den Berg, die 'door stom toeval' bij de politie was gekomen: een vriend ging naar de politieacademie en zei dat dat het moeilijk was om door de selectie te komen. Daar sloten ze een weddenschap op af. De vriend viel af, Van den Berg kwam er doorheen. 'Het was er fantastisch, lekker veel sporten in de bossen van Apeldoorn. Pas als je stage gaat lopen, kom je bij mensen thuis en realiseer je je waarvoor je hebt gekozen: je ziet de problemen, de mishandelingen, huiselijk geweld, moord, mensen die de weg kwijt zijn.'

Wat is het gevaarlijkst dat u ooit heeft meegemaakt?

'Dat hangt ervan af; je hebt twee dimensies van gevaarlijk. Je kunt fysiek gevaar voelen, dat heb ik bijvoorbeeld meegemaakt toen ik op vuurwapengevaarlijke verdachten af werd gestuurd. Ik was 22, kwam net van de opleiding, kogelvrij vest aan en hup, ernaartoe. Onderweg heb je toch het gevoel: ga ik dit wel overleven?

'Wat op een andere manier gevaarlijk is: neem dit interview. Als ik hier verkeerde uitspraken doe, komt dat in de krant. En voor je 't weet krijg je gedoe.'

Wat heeft u zich voorgenomen om nu niet te zeggen?

'Niks, je mag me alles vragen. Alleen bij politiek gevoelige zaken word ik voorzichtig. Dan is het niet aan mij om een antwoord te geven.'

Jannine van den Berg wil alles een keer meemaken. Ze heeft haar motorrijbewijs, een vaarbewijs, een parachutespringbrevet en doet, hoewel ze alleen managementposities bekleedt, de jaarlijkse examens om haar wapen te mogen dragen. Tijdens een werkbezoek aan Haarlem vorderde ze mountainbikes van voorbijgangers om een straatrover te arresteren.

'Sommige dingen blijven je lang bij, zegt ze. In-trieste zaken, zoals een moeder die haar kind doodde, of het vuurwerkongeluk waarbij ze stukjes hersens stond te rapen. 'We beveiligden ook de boel na de vuurwerkramp in Enschede. Iemand zei: mag ik erlangs, mijn goudvis is nog binnen. Dat mocht niet. Toen heb ik geregeld ik dat een agent die vis voor hem haalde.'

U heeft een goudvis gered.

'Ach jee, dat wordt toch niet de kop hè? Dat bedoel ik met hoe gevaarlijk een interview kan zijn.'

Waarom stapt u halverwege de reorganisatie uit de korps-leiding?

'Omdat ik weer met de operationele kant bezig wil zijn. Daarvoor zit je immers bij de politie. Toen de functie bij de Landelijke Eenheid in november vrijkwam, heb ik wel gezegd: de personele reorganisatie en de politie-cao maak ik eerst af. Als je jarenlang vol in de wind staat in alles dat spanning geeft voor het personeel, kun je niet weg voordat dat is afgerond. Het was de grootste reorganisatie in de Nederlandse geschiedenis en die ging met horten en stoten, maar bijna iedereen weet nu waar-ie aan toe is. De basis is gelegd, de teams zijn aan het bouwen. Ik ga met een goed gevoel weg.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden