Ik liep door Den Helder en snákte naar gentrificatie

Deze week Den Helder maakt mooie exposities, maar waar komt die rioollucht toch vandaan? En fiere hondenfoto's in Leiden.

Anke Rode in de expositie Wind en wolken. Beeld Marja Lely

Den Helder, 8 juli

In de Randstad klaagt de culturele sector: kunstenaars en andere 'creatieven' worden misbruikt voor gentrificatie. Ze krijgen gunstige woon- en werkruimte in probleemwijken aangeboden, mogen dan een tijdje de boel opleuken maar moeten vertrekken als de eerste koffietentjes verschijnen en de grondprijzen aantrekken. Mopper, mopper, mopper.

Ik liep door Den Helder en snákte naar gentrificatie. Wind joeg door de winkelstraat met een V&D-gat erin. Mon Dieu, als daar toch eens iemand met visie de schouders onder zou zetten, onder deze stad zo rijk aan lucht en maritieme geschiedenis maar zo arm aan sjeu. Muur er omheen, muziekstudio's en mega-ateliers erin, kunstenaars lokken en dan maar eens tien jaar laten broeden en gisten en aanzuigen. Nu is men andersom begonnen: het oud-marineterrein Willemsoord is beeldschoon opgeknapt tot 'nautisch themapark'. Maar voor wie? De brasseriejongens stonden er voor de deur hun knopen te tellen.

Er is een kunsthal in Den Helder, Kunsthal 45. Programma met ambitie, klein collectietje, kunstenaarsboeken te koop. Niet op dat Willemsoord, nee: aan het einde van een coffeshopsteeg die uitloopt op een waaiplein. Lezer, ook aan het einde van het seizoen verzaak ik niet - ik stapte binnen.

Vensters en deuren waren dicht wegens de loeiende kermis voor de deur. Vanwege de defecte riolering hadden die ramen beter open gekund. Wind en wolken heette de groepstentoonstelling. Werk van 28 zeer verschillende kunstenaars waarmee een heldhaftige tentoonstellingsmaker dit hopeloze pand (een voormalige poolhal) had ingericht; ieder ander was huilend weggevlucht. Het zou makkelijk zijn daar azijn uit te wringen en over mijn toetsenbord te gieten.

Ik doe het niet. Waarom zou ik, hier wordt tegen de klippen op al twee jaar een aardig programma gebracht. Ik kies iets moois - de paneeltjes van Anke Roder. Zij schilderde in 365 keer haar Groningse uitzicht; 36 stuks hingen hier. Haar land bestond uit olieverf, de lucht erboven was uitgevoerd in encaustiek - dat is een zeer oude schildertechniek met was, waarop u maar even moet googelen. Het effect is... wasachtig, alsof de kleuren een beetje verzonken liggen in een vettig laagje. Vreemd dat zo'n zware techniek zulke luchtige vergezichten produceert, zulk ochtendrood, zulke vederige vegen, zulke wattendekens, wolkenstraten, ja de hele catalogus van Peter Kuipers Munneke kwam glorieus voorbij.

Heel even vergat ik het riekende riool. Toen was het er weer. Den Helder, doe er wat aan.

Wind en Wolken, Kunsthal45, Den Helder. T/m 21/8.

Leiden, 12 juli

Aan de hondenportretten van de Amerikaanse kunstenaar William Wegman heb ik altijd al een hekel. Zijn honden, al decennia lang Weimaraners (een grijsbruin, atletisch ras met een droeve blik), poseren met hoeden en hakken, op een sokkel, in een stoel. O, wat doen ze dat braaf, hoe krijgt hij het voor elkaar, het zijn net ménsen, hoor je wel eens verzuchten. Onuitstaanbaar dociel en sullig vind ik de honden en een sadist in dierenvriendvermomming vermoed ik in hun baas. Mijn hond had al lang, en met recht, gebeten.

Zelf ben ik een bepaald kattig type, maar wel trouw aan mijn hond. Die moest aan een paaltje achterblijven voor het Leidse ziekenhuis, toen ik daar de expositie Hondenleven bezocht in de galerie LUMC (ik loof en prijs die nog maar eens). Ik blafte in zijn plaats naar William Wegman.

Nee, dan de foto's van Charlotte Dumas, Mark Steinmetz en Pentti Sammallahti. Zij komen honden als autonome wezens tegen, als heer en meester in hun onbegrijpelijke dierenwereld, die zich dwars door de onze beweegt. Een web van geursporen en onzichtbaar afgebakende terreinen. Bij de Amerikaan Steinmetz zijn er wel baasjes in beeld, maar die lijken meer in dienst van hun hond. Een jongen op de voorbank van een auto, in omhelzing met een ratachtig hondje dat hem een momentje gunt; een meisje in de Parijse Tuilerieën dat qua elegantie het onderspit delft tegen haar statige dier.

Les Tuileries, Paris (1986). Beeld Mark Steinmetz

Bij de Fin Sammallahti liggen de verhoudingen nog duidelijker: de dieren heersen en alles wat de fotograaf kan doen, is zich gedeisd houden en wachten op een compositie die zich voordoet, op een glimp van dat dierenrijk met zijn eigen logica.

Ik keek mijn hond in de peilloze ogen en besloot zijn staart te volgen. De Kreeftskeerkring trok aan ons: terwijl u dit leest, reizen wij af naar dezelfde badplaats als de afgelopen 28 jaar. Op naar een voorspelbare kleur lucht, blauw als de ogen van de barman met de vaste hand. U ook een mooie zomer gewenst.

Hondenleven, Galerie LUMC, Leids Universitair Medisch Centrum. T/m 21/8.

Jeanne Prisser bericht over wat zich afspeelt in de voorhoede van de beeldende kunst.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden