Column

Ik laat mij het bloemen kopen niet ontnemen

Sylvia Witteman is een groot voorstander van dingen thuis laten bezorgen, maar bezorgbloemen hoeft ze niet.

Geen bloemenbezorger voor Sylvia Witteman Beeld Thinkstock

Vrouwen hebben tegenwoordig geen tijd meer om bloemen uit te zoeken, las ik gisteren in de krant (mannen wél?) en daarom is er nu een bedrijfje dat naar eigen goeddunken smaakvolle, slordig-hippe boeketjes samenstelt en bij je thuisbezorgt.

Ik ben een groot voorstander van dingen thuis laten bezorgen - kom maar op met de roti speciaal, kattengrind, bh's in moeilijke maten, diepgevroren Zuid-Amerikaanse biefstukken en obscure oude meisjesboeken - maar bezorgbloemen hoef ik niet. Zoals de vader van Louis Paul Boon zei toen hij voor het eerst machinaal gesneden brood zag: 'Nog even en we zullen ook onze eigen kinderen niet meer mogen maken.' Bloemen uitzoeken is léúk, dat laat je niet aan een bedrijf over.

Bloemen koop je bij een schorre man met zwarte nagels en een sigaret achter zijn oor of bij een dikke, goedlachse vrouw met 4 centimeter uitgroei en een thermoskan. Daar kun je zélf kiezen uit rood-geel gevlamde rozen, limonadekleurige gerbera's, hortensia's die allemaal nét een beetje een andere tint lila hebben, dikke, sappige zonnebloemen, het gemêleerd klootjesvolk der 'duizendschoon', lieve oranje lampionnetjes, purperen pioenen en fresia's, die er altijd uitzien alsof ze in de jaren twintig ontworpen zijn door een kwijnend tuinierende freule.

Gelukkig zijn er ook lelijke bloemen, dat scheelt weer een beetje in de embarras du choix. Gladiolen bijvoorbeeld, wie verzint zoiets? Anjers, asters: armoedige oostblokgroeisels. Orchideeën zien er altijd uit alsof ze van plastic zijn. Een chrysant, vooral een roestbruine, doet me denken aan het kapsel van een bepaald soort vrouwen dat zich permanent door het leven tekortgedaan voelt ('flores para los muertos'). En tulpen, tsja, tulpen. Die koop je als er niets beters staat.

Soms heeft de bloemenman een verrassing. Bloemen die eruitzien als gloeiende hersenen, ik weet niet hoe ze heten maar ze zijn doodeng. Of laatst, iets prachtigs: ananasjes, échte ananasjes ter grootte van een kindervuist, aan een steel, blozend roze door een of ander toverdrankje. Weken hebben ze op de piano gestaan en al die tijd leek het leven iets minder grotesk.

En dat alles zou ik mij laten ontnemen ten gunste van zo'n would be 'lekker rommelige' ruiker, zo'n veredeld drie-keer-modaal-Fleurop-pompstationveldboeket dat bij elke Randstedelijke bakfietstrut op de schoorsteenmantel staat, in zo'n retro-onbeholpen beschilderde Peruaanse vaas? Neen!

En wat nou, geen tijd? Die tien minuten per week? Dan ga je maar niet naar zumbadansen of de nagelsalon of de leesclub, maar gewoon op de fiets naar de markt. Je nagels bijt je af en je boeken lees je alléén. Zwijgend.

Als een normaal mens.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden