'Ik ken de vraag 'waar hoor je thuis', alleen het gevoel niet'

Welke rol speelt afkomst in Nederland? Dat onderzoekt de Volkskrant in een reeks interviews. Schrijver Carolina Trujillo ( 46 ): 'Ik kom uit het land van de migranten.'

Carolina Trujillo (46). Beeld Robin De Puy
Carolina Trujillo (46).Beeld Robin De Puy

Een paard gaf de doorslag. De bedoeling was dat de Uruguayaanse politieke vluchtelingen in Nederland teruggingen zodra het regime was gevallen. Na tien jaar was het zover. 'Niet iedereen keerde terug', vertelt Carolina Trujillo. 'Bij ons mochten mijn zus en ik beslissen. In Uruguay mochten we allebei een paard hebben. Toen was het gedaan.'

Hoe waren jullie hier gekomen?

'Mijn familie kwam in opstand tegen het regime, mijn vader werd in de gevangenis gezet. Zoals veel andere Uruguayanen vluchtten we naar Argentinië. Drie jaar later kwam daar een staatsgreep en een dictatuur. De junta's werkten met elkaar samen. In de Argentijnse asielzoekerscentra kwamen visa binnen. Die bepaalden waar je heen ging.

'Wij gingen naar Nederland, de zus van mijn moeder naar Zweden, mijn grootouders naar Roemenië. Ik was 6. In mijn eerste boek, nog in het Spaans, heb ik beschreven hoe we hier aankwamen. Nederland stond meer open voor vluchtelingen dan nu, dat weet ik nog. Wij hadden het makkelijker.

'Nu zijn vluchtelingen misschien armer. Discriminatie is voor een deel gericht op arme mensen. Wij waren niet rijk, maar we hoefden niet dagenlang te lopen om hier te komen. We kwamen met een vliegtuig, de stewardess vroeg of je iets te drinken wilde. Het kan zijn dat we cultureel wat dichterbij lagen. We werden warm ontvangen. In het asielzoekerscentrum in Wijk aan Zee kwamen Nederlanders op 5 december dozen vol speelgoed brengen.

'Ik ken de vraag over waar je thuis hoort, alleen ken ik het gevoel niet. In mijn puberteit was ik daarmee bezig, nu niet meer. Ik heb me hier altijd welkom gevoeld, maar ik zie dat het niet voor iedereen geldt. In een buurt waar ik woonde, Duindorp in Den Haag, hielden ze niet van buitenlanders. Daar riep de buurman tegen me: ga terug naar je eigen land, rot op naar Turkije.

'Het hele gedoe vind ik een beetje onzin. Die landsgrenzen zijn kunstmatig aangelegd, het maakt niet zoveel uit waar je bij hoort. Vanaf de andere kant van de wereld gezien zijn Nederland, België en Engeland min of meer hetzelfde. Ik ben een migrant, daar zijn er zoveel van. Dat is het land waar ik bij hoor, het land van de migranten.'

Nederlands
'In Uruguay word ik Hollands en betweterig.'

Uruguayaans
'Als ik mensen thuis ontvang, zie ik ze denken: whoa, woon jij zo? Ze lachen me uit en noemen het een kraakpand.'

Eten
'Ik hou van Thais en Surinaams eten. In Uruguay eten ze veel vlees, alleen ben ik een vegetariër.'

Partner
'Nederlanders in Nederland en Uruguayanen in Uruguay. Maar liefst geen partner.'

Mohammedcartoons
'Als mensen zich gekwetst voelen is dat jammer voor ze. Het is niet alsof je een arm kwijt raakt door een tekening.'

In 1985 gingen jullie terug naar Uruguay. Waarom keerde je zes jaar later in je eentje weer terug naar Nederland?

'Nederland begon te roepen. Vroeger dacht ik dat het kwam door het referendum van 1991, nu weet ik het niet meer. Toen we terugkwamen, was ik zo gecharmeerd van het Uruguayaanse volk, hoe open en betrokken ze waren. Daarna kwam het referendum. Groen stemmen betekende dat je voor de berechting was van de militairen, geel was om ze te vergeven. Geel won het referendum en de betovering was wel verbroken. Alsof ze voor mij konden besluiten: ik vergeef het dat ze mijn vader twaalf jaar in een cel hebben gestopt.'

Carolina Trujillo (Uruguay, 1970) won in 1991 de Colihue-wedstrijd in Argentinië, voor haar eerste novelle. In 2010 won ze de BNG Nieuwe Literatuurprijs voor De terugkeer van Lupe García, waarmee ze ook werd genomineerd voor de AKO Literatuurprijs. In januari verschijnt haar nieuwe roman, Vrije radicalen. En in maart volgt een bundel met haar verhalen voor voetbaltijdschrift Hard gras.

Je schrijft in het Nederlands en je boeken spelen zich altijd af in Zuid-Amerika.

'Bij de volgende is het heden in Amsterdam en het verleden in Uruguay. Ik denk dat je een uniek verhaal moet schrijven over iets dat alleen jij kent. Als je het gaat verzinnen, kan iedereen het verzinnen, dat is minder boeiend. Schrijven is ook reparaties aanbrengen in je eigen leven. De verhalen die ik zie, zijn in Uruguay.'

Waarom schrijf je ze dan in het Nederlands?

'Omdat ik in Nederland ben. Het gaat mij niet om een groot publiek, ik wil dat de mensen om me heen het kunnen lezen, dan bestaat het verhaal en ligt het niet meer in mijn la. De mensen om mij heen spreken Nederlands. Twee of drie die het lezen, dat is genoeg. In mijn hoofd spreken de personages Spaans tegen elkaar. Hoe ze tegen elkaar praten en hoe ik het opschrijf, daartussenin gebeurt iets waardoor het verandert van Spaans in Nederlands.'

Spaans is een grotere taal dan Nederlands.

'Bij mij zit er geen marketinggedachte achter. In het Spaans heb je meer goede schrijvers, de concurrentie is groter. Ik begon in het Spaans, in Uruguay. De Spaanse taal was op dat moment voor mij rijker dan de Nederlandse, ik dacht niet in het Nederlands. Nu wel.'

In je boeken wordt veel cocaïne gebruikt. Wat is het verschil tussen coke die je koopt in Zuid-Amerika of in Nederland?

'Ja, wat denk je? Het is daar beter en goedkoper, je zit dichter bij de bron. In Nederland is het vaker versneden. Hier doet het pijn als je snuift, daar gaat het als vanzelf je neus in. Ik heb me bijna doodgesnoven in Zuid-Amerika, maar in Nederland wordt meer gebruikt. Hier kun je het makkelijker krijgen.

'Ik vind dat het best meevalt met de coke in mijn boeken. In De bastaard van Mal Abrigo komt een keer een kilo voorbij, maar die wordt niet gesnoven. In De Zangbreker zit nog geen 10 gram. In De terugkeer van Lupe García wordt een gram of 50 gesnoven, maar door meerdere mensen. En in mijn volgende boek zit bijna een kilo, waarvan een klein deel wordt gebruikt. Het is in alle gevallen trouwens functioneel cokegebruik.'

In gesprek

Schrijver Robert Vuijsje (Alleen maar nette mensen, Beste vriend) interviewt voor V Nederlanders over de rol die afkomst speelt in hun leven. Mede gebaseerd op deze serie verscheen onlangs zijn boek Kaaskoppen. Hij spreekt onder anderen nog met rapper Jonna Fraser (Surinaams) en theatermaker Sadettin Kirmiziyüz (Turks).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden