Ik hou van: het buitenland

Het format van Ik hou van Holland slaat ook internationaal aan. Hier is het spelprogramma typerend voor de tijdgeest. Hoe zit dat elders? Vijf correspondenten keken naar hun lokale versie van de RTL-hit.

Ik hou van Holland

Het werd gezien als de wederopstanding van de nationale trots. Toen Ik hou van Holland in 2008 voor het eerst werd uitgezonden, stond het programma al snel symbool voor een keerpunt in de Nederlandse cultuur. Waar de meeste Nederlanders in de jaren voor de RTL-show nog wat besmuikt deden over chauvinisme, leek de tijd opeens rijp voor het neonationalisme.


Tulpen, klompen, molens en kaas - het kon allemaal weer. Na jarenlange afzeik-tv met Gordon en Henkjan Smits waren we nu klaar voor feelgood-tv met Linda de Mol en Guus Meeuwis. Braaf, knus, opgewekt en - eerlijk is eerlijk - een beetje dommig. Samen lagen we dubbel als een kandidaat het woord 'laconiek' niet kon spellen.


'Beetje oubollig hè. Beetje TROS', zei RTL-baas Erland Galjaard tegen producent John de Mol toen hij het format voorstelde. Dat kan wel zijn, toch was het een schot in de roos. Vanaf 2009 trok het programma steevast de meeste kijkers op de prestigieuze zaterdagavond, vaak rond de 2,5 miljoen. In navolging van de show werd het oer-Hollandse gevoel steeds vaker uitgebuit - van Boer zoekt vrouw tot radiozender en blad 100 % NL.


Maar hoe Hollands is Ik hou van Holland werkelijk? Al in 2008 werd het format verkocht aan het buitenland. Inmiddels zijn er 29 internationale edities. De Belgen hebben zelfs twee versies: Zot op Vlaanderen en J'aime mon pays. Maar ook in de Verenigde Arabische Emiraten en in Nigeria zijn er Ik hou van-spin-offs. Is het dan toch niet de Hollandse tijdgeest die zo naadloos aansloot bij het programma? En hoe vullen de andere landen de show in? Voor V keken vijf correspondenten naar hun lokale versie van I Love my Country.


Tsjechië / Slowakije

Met kazen, koeien en windmolens heeft Nederland de nationale symbolen voor het oprapen, maar wat als je land vooral met bier wordt geassocieerd? Dan heb je een probleem, zeker als je een decor moet ontwerpen voor de lokale versie van Ik hou van Holland. Het overkwam de makers van Máme rádi Cesko, de Tsjechische adaptie van het populaire RTL 4-programma. Sinds enkele maanden is het spelletje te zien op de Tsjechische televisie en naar verluidt met redelijk succes. Wij houden van Tsjechië is een van de toppers van showzender Prima.


Dat is niet vanzelfsprekend, gezien de obstakels die de scenarioschrijvers te overwinnen hadden. Omdat ze in hun programma moeilijk reclame konden maken voor bier, kozen ze voor een historisch decor, niet altijd een gelukkige keus. Presentator Libor Boucek, van wie wordt gezegd dat hij een ego heeft dat groter is dan zijn land, moet zijn vragen stellen tegen de achtergrond van het beroemde Wenceslasplein in Praag. Ook de rest van het decor bestaat uit historische afbeeldingen, vooral kastelen, waarvan de Tsjechen er, net als kroegen trouwens, meer dan genoeg hebben.


Misschien hadden ze beter een voorbeeld kunnen nemen aan de Slowaken, die deze lente met een eigen versie van Ik hou van Holland van start gingen. Bij Milujem Slovensko kozen ze voor een zonnig decor, met korenvelden en zonnebloemen tegen de achtergrond van het besneeuwde Tatra-gebergte. Die vakantiesfeer blijkt aanstekelijk te werken op de deelnemers. Ze lijken zich echt te amuseren, iets wat van de Tsjechen, die de strenge blik van de heilige Wenceslas moeten trotseren, niet altijd kan worden gezegd. Zelfs de liedjes worden niet altijd meegezongen. Vooral de teamleider van de Witten, zanger Lou Fanánek, ziet eruit alsof hij liever in zijn geliefde kroeg zit. Wat voor een Tsjech natuurlijk geen schande is.


Duitsland

Eén seizoen, dat van 2011, liep Ich liebe Deutschland bij de commerciële zender Sat.1. Decor en entourage waren hetzelfde als bij het moederprogramma in Nederland. Twee teams, veel supporters, hoop vrolijk geschreeuw. Met dien verstande dat de presentator voor een replica van de Brandenburger Tor stond.


Ich liebe Deutschland werd gepresenteerd door de al wat oudere toneelspeler en komiek Jürgen von der Lippe, die zich altijd in Hawaiihemden hult. Hij komt uit Aken, waar zijn vader de beste stripteasebar van de stad bezat. Beetje onderkoelde presentator, die soms echter - voor Duitse begrippen - zeer gevat uit de hoek kan komen.


BD'ers, ook sterren van de tweede garnituur, bleken trouwens goed te kunnen spellen. Woorden als 'Rückgrat' en 'Orakelkrake' vormden geen probleem, ook niet voor sterretjes met een blond kapsel. Verdere onderdelen waren: Was ist typisch deutsch? en natuurlijk Wer kennt das Lied?


Over de deelnemers in Duitsland gesproken. Als Nederlander heb je er nooit van gehoord. Wie kent ten westen van Duisburg Maite Star Kelly? Roberto Blanco? Sophia Thomalla? Ja, oké, Mario Basler, dat was een voetballer. En de zeer fanatieke liefhebber van de Olympische Winterspelen kent Georg Hackl misschien nog. Won driemaal goud op zijn sleetje.


Het programma kwam op het juiste moment, zo leek het. Na het succesvolle, in Duitsland georganiseerde WK voetbal van 2006 was het weer politiek correct om als Duitser trots te zijn op het vaderland. Toch kende het programma weinig succes en werd het na één seizoen al van de buis gehaald.


Kwam het door de normaal toch al wat minder bekeken zender, door de presentator, de deelnemers? Over het algemeen houden Otto Normalverbraucher en zijn vrouw wel van dit soort groots opgezette familieprogramma's (denk aan Wetten Dass..? en de tientallen regionale shows rond carnaval). Wat zeker niet hielp: het programma werd in de zomer van 2011, in de maanden juli en augustus, uitgezonden, en dan zijn veel Duitsers buiten de deur.


Nu bleven de kijkcijfers rond de twee miljoen hangen, en dat is weinig op een bevolking van ruim 80 miljoen. Een doorsnee Tatort schiet op zondag regelmatig boven de tien miljoen uit.


Zweden

Publieke omroep SVT zette dit voorjaar hoog in op Hela Sveriges fredag!, de Zweedse interpretatie van Ik hou van Holland. Het concept lijkt voor Zweden geschreven: herkenbaar vermaak, afgewisseld met gezamenlijk gezang. Licht oubollige spelprogramma's zijn vaste prik op de Zweedse buis, en muziekprogramma's, daar lusten ze normaal gesproken wel pap van. Het liefst in een groot openluchttheater op een idyllische plek.


Hela Sveriges fredag! (De vrijdag van heel Zweden!) moest het echter doen met een kleine studio in Malmö. Presentatrice Malin Olsson ontvangt daar in het bekende decor met twee tribunes en lokale parafernalia een zestal voor Zweedse begrippen erg drukke, bekendheden.


De komieken Per en Annika Andersson (geen familie) zijn de teamleiders. Hun teams bestaan uit mensen als Thomas Ravelli, de Zweedse Hans van Breukelen; modeblogger Isabella 'Blondinbella' Löwengrip en Eva Nazemson, een belspelpresentatrice die haar grootste faam verwierf met een YouTube-hit waarin ze tijdens een uitzending opeens uitroept dat ze ongesteld is geworden.


De eerste weken scoorde Hela Sveriges fredag! goede kijkcijfers: 1,9 miljoen, bewonderingswaardig op een bevolking van 9 miljoen. Maar recensenten vonden het maar niets. Zij schreven het programma finaal de grond in. De bekende tv-criticus Johan Croneman noemde het in dagblad Dagens Nyheter een enorme uitglijder voor de Zweedse televisie.


De schreeuwende presentatrice Olsson drukt de kijkers continu op het hart dat ze zich alleen maar hoeven te vermaken, dat stoorde Croneman. En niet alleen hem; de meeste Zweedse recensenten hadden het niet zo op het geschreeuw. Alex Schulman van Aftonbladet kon het niet meer aan, in zijn mediacolumn schreef hij: 'Een programma dat wordt bevolkt door dwazen die zichzelf nog in de bek zouden schijten voor aandacht.'


Een paar weken stond het programma in de top-10 van best bekeken programma's. Dat kwam misschien doordat men het al 25 jaar lopende iconische spelprogramma På Spåret verwachtte, dat altijd op dat tijdstip werd uitgezonden. Na vijf weken was het programma uit alle kijkcijferlijstjes verdwenen.


China

Presentatrice Yoyo is geen Linda de Mol. Ze leest haar teksten wat stijfjes voor en de vrolijke chaos van Ik hou van Holland is in de Chinese versie ver te zoeken. Meneer Chung: uw geboorteland heeft u nodig.


De RTL-hit Ik Hou van Holland heet hier Wo Ai Wode Zhuguo (Ik Hou Van Mijn Vaderland) en het wordt wekelijks op zondag in de provincie Hubei uitgezonden. Echt veel kijkcijfers trekt het niet. 'Het is een beetje dertien in een dozijn', klaagt de 23-jarige Wang Quan die een aflevering met me meekeek.


Het Nederlandse formaat wordt best keurig gevolgd. Daar ligt het niet aan. Twee ploegen onder leiding van bekende gezichten moeten malle vragen beantwoorden terwijl supporters in teamshirts op de achtergrond hun enthousiaste bijdrage leveren. Echt ontspannen en rap gaat het echter niet. De deelnemers hebben hun moppen duidelijk iets te goed gerepeteerd.


Ik Hou van Holland is in Nederland populair vanwege het terug-naar-het-ouderwetse-gezinsvermaak-met-oerdegelijke-humor. Helemaal veilig en perfect voor China, zal Hubei TV hebben gedacht, maar het probleem is dat dergelijk amusement in dit land helemaal niet fijn nostalgisch is. Kijkers worden ermee om de oren geslagen. Op honderden zenders maar liefst. Een beetje surfen en alras blijkt dat het in-pyjama-met-geknipte-nageltjes-voor-de buis tijdperk in China gewoon nog bestaat.


Dat Hubei TV de rechten voor het programma heeft gekocht, is fijn voor de Nederlandse economie, maar wel verbazingwekkend. Dergelijke gezinsvriendelijke formats zijn al bij bosjes te vinden.


Een Nederlands programma dat heel wat meer opvalt, is Endemols The Voice. Daar blijven vele miljoenen Chinezen voor thuis.


Frankrijk

Presentatrice Sandrine Quétier staat niet tussen de kaas en de tulpen, maar onder een glazen Eiffeltoren. In Tout le monde aime la France strijden twee teams van bekende Fransen - veel komieken en schoonheidskoninginnen - om de titel van grootste kenner van Frankrijk. Daarbij wordt de lat niet al te hoog gelegd. De kandidaten hoeven geen citaten van Voltaire of Rousseau te herkennen, maar moeten bijvoorbeeld raden wat een dronken Serge Gainsbourg in een tv-show zei tegen een verbijsterde, toen nog gezond ogende Whitney Houston. Ondanks zijn dubbele tong is het geen moeilijke opgave: I want to fuck you, wat met een gallo-alcoholisch accent een beetje klinkt als aj wanna foeg joe.


Niettemin is Tout le monde aime la France allerminst een doorslaand succes. De spelshow heeft een vernederende route langs de time-slots afgelegd. Het programma begon op primetime, maar haalde met een marktaandeel van 16 procent te weinig kijkers. De bazen van TF1 waren onverbiddelijk, ondanks de verzachtende omstandigheid dat Sandrine Quétier tegen de Olympische Spelen moest opboksen. De show werd naar 23.15 uur verbannen, en daarna zelfs naar 0.10 uur. Er keken toch nog 1,1 miljoen slapelozen naar.


Misschien is de flirt met het chauvinisme niets bijzonders voor de Franse kijker. Met Ik hou van Holland speelde John de Mol goed in op een neonationalistische tijdgeest, in een land dat zich tot voor kort ver verheven voelde boven zulk kleingeestig vlagvertoon. De titel had iets lichtelijk provocatiefs: neuzelen jullie maar lekker verder, kosmopolieten in de grachtengordel, maar ik hou van Holland.


In Frankrijk is chauvinisme de normaalste zaak van de wereld. Ik hou van Frankrijk zou een belachelijke titel zijn, net zoiets als ik hou van vakantie. Want hoe graag de Fransen ook klagen, hoe pessimistisch ze ook zijn, één ding staat vast: tout le monde aime la France.


IK HOU VAN OAD REIZEN

Niet alleen andere landen hebben hun versie van Ik hou van Holland, ook bedrijven kunnen het programma in huis halen. Ik hou van Holland LIVE wordt gepresenteerd door Winston Gerschtanowitz en de twee teams worden geleid door John Williams en Lieke van Lexmond. De quizshow kan volledig op maat worden gemaakt, met vragen over de bedrijfsgeschiedenis bijvoorbeeld. De officiële decors en tribunes worden meegenomen naar een locatie naar keuze. In het promofilmpje is het uitzinnige personeel van Oad Reizen te zien. De prijs is op te vragen bij JW Media, het bedrijf van John Williams.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden