'Ik hoop dat ik iets heb losgemaakt'

Hufterigheid in het verkeer is van alle dagen. Motoragent Piet Kats voelde dat meer dan ooit toen hij bij een verschrikkelijk ongeluk geroepen werd.

VAN ONZE VERSLAGGEEFSTER MAUD EFFTING

Het ongeluk dat motoragent Piet Kats (44) beroemd maakte, was het vreselijkste dat hij ooit had gezien. Nog altijd kan hij de beelden zo voor de geest halen. Zoiets, zegt hij, daar wil je niet bij staan. Echt niet.

Sinds de brigadier noodhulp uit Rotterdam vorige week alles op zijn blog beschreef, krijgt hij mails van wildvreemden. Sms'jes, telefoontjes, pings, en overweldigend veel reacties van andere agenten. Tot uit België aan toe. In een paar dagen tijd werd zijn stuk 320 duizend keer gelezen.

'Ik stond gewoon mijn huis te schilderen toen een vriend belde dat ik op internet stond', zegt hij. 'Ja, dacht ik, dat heb ik er zelf op gezet. Maar toen ik keek, zag ik de bezoekersaantallen met tienduizenden tegelijk omhoog vliegen. Toen heb ik mijn kwast maar even weggelegd.'

Zijn verhaal gaat over hufterigheid op de weg - een fenomeen dat hij dagelijks meemaakt. Het is een van de ervaringen die hij wilde delen op zijn net begonnen blog, zonder zich te realiseren dat het zo zou aanslaan. 'Ik denk dat ik iets heb geraakt in mensen', zegt hij - nog altijd verbaasd.

Het ongeluk dateert van een tijd geleden. 'Zo'n ernstig ongeluk als dit', zegt Kats, 'komt niet zo vaak voor. Maar de manier waarop mensen reageerden, dat zie ik vrijwel dagelijks.'

Als een van de eersten rijdt hij die bewuste dag op zijn motor naar het ongeluk. Een jongeman heeft op de snelweg een ongeluk gehad en is beklemd geraakt. Zo erg dat hij niet te bevrijden is: bij het losknippen zal hij overlijden.

'Toen ik aankwam, zag ik het al. De arts van het traumateam zei: jongens, dit wordt niks meer. Hij vroeg of we de familie wilden halen om daar op de snelweg afscheid te nemen.'

Kats wil de beschrijvingen summier houden, zodat de ouders zich er niet in zullen herkennen. Maar hij zegt: 'Als er iets dwars door een vitaal deel van het lichaam zit, en je haalt dat eruit, dan is het pats - weg. Dan is er geen houden meer aan.'

De files rondom het ongeluk zijn inmiddels gigantisch: alles staat stil. Op zijn motor rijdt Kats op hoge snelheid naar het dorp van de vader en moeder van de man, vijftien kilometer verderop. Omdat de politiewagen van het dorp dringend nodig is voor iets anders, moeten de ouders in hun eigen auto achter hem aan.

Wat hij dan meemaakt, raakt hem nog steeds. 'We reden op een provinciale weg, aan de verkeerde kant van de weg, langs de file. Ik had alleen mijn zwaailicht aan. Ook zonder toeters en bellen heb je ontheffing om door rood te rijden. Je wilt niet weten wat er gebeurt als je een sirene aanzet. Dat veroorzaakt een enorme chaos. Mensen gooien soms midden in de file hun deur open omdat ze denken: een sirene, even kijken wat er aan de hand is. Soms word je als motoragent gewoon getorpedeerd.

'De vader zat achter het stuur en volgde me. Eerst ging het redelijk, maar gaandeweg kregen we steeds meer boze blikken en scheldkanonnades. Ook moesten we voortdurend stoppen voor mensen die op de weg gingen keren en uit de file reden. Zelfs op het fietspad ontmoette ik een fietser die me hoofdschuddend aankeek.'

Dan staat er opnieuw een auto dwars op de weg. 'Die man stapte uit om verhaal te halen. Hij zei: dit is toch niet normaal, man? Hij wees op de auto achter me en vroeg: en wie zijn dat dan, dat is zeker je familie? Ik werd verschrikkelijk boos. Ik zei hem dat hij nú opzij moest gaan en dat deze mensen mee reden met mij. Ik was in staat om hem met pepperspray te bewerken, hem met geweld de berm in te dwingen en vervolgens zijn auto weg te rijden. Dat had me misschien een klacht opgeleverd, maar dat had ik voor lief genomen.' De man gaat uit de weg. 'Maar hij bleef me afkeurend aankijken. Jaja, zei hij, het zal wel.'

Daarna zet Kats zijn sirene alsnog aan. Om alle commentaren niet meer te horen.

Als ze aankomen, nemen de vader en moeder afscheid van hun kind. 'Alle hulpverleners stonden er omheen. Ik ook. Het was hartverscheurend.'

De jongeman overlijdt zodra hij wordt losgemaakt. 'Voor de jongens van de brandweer was het heel moeilijk. Zij moesten het doen. Iedereen was stil. Zwijgend ruimden we onze spullen op. Toen de ambulance weg was, was iedereen van slag. Je hebt toch het gevoel dat je hebt gefaald, ook al weet je dat je er niets aan kunt doen.'

De ouders blijven achter na het ongeluk. 'Ze hebben me wel tien keer bedankt dat ik hen naar hun zoon had gebracht. Van het gedoe op de weg ernaartoe hadden ze niets gemerkt.'

Het is niet de eerste keer dat hij zoiets meemaakt. Zo moest hij onlangs naar een ongeluk met een meisje in Rotterdam. 'Het was hartstikke druk en chaotisch. Met zwaailicht en sirene aan had ik mezelf op de motor overal doorheen gemanoeuvreerd. Maar vlak voor een stoplicht meldde de centrale ineens dat het niet meer hoefde: het meisje was overleden.

'En toen stond ik daar dus voor het verkeerslicht. De man in de auto naast me draaide zijn raam open. Hij was witheet van woede. Hij zei: kijk nou eens wat je veroorzaakt, man, moet je koffie gaan drinken of zo? Ik heb hem uitgelegd hoe het zat. Maar ik weet natuurlijk wel dat er nog honderd man achter hem stonden die alles hadden gezien en dachten: goed zo, geef hem maar op z'n kloten.'

'Moet ik', zegt hij, 'dan soms een billboard op mijn rug plakken met de boodschap: ik ben op weg naar een reanimatie? Als dit me nog eens gebeurt, houd ik mijn sirene aan en rijd ik eerst de hoek om voor ik hem afzet.'

'Agressie in het verkeer is er altijd al geweest. Wel zie ik dat mensen steeds mondiger worden. Ze willen allemaal weten hoe het zit. Ze willen uitleg waarom jij met je sirene door rood rijdt. Ze willen weten waarom ze niet door dat afzetlint mogen lopen. Maar dat kan niet altijd. Ik hoop dat ik hiermee iets losmaak. Mensen moeten erop vertrouwen dat je die sirene niet aanzet om koffie te gaan drinken op het hoofdbureau.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden