'Ik hoef niet meer zo nodig te scoren'

Ze hadden een keurige baan of een topfunctie. Maar ze besloten na zoveel jaren toch hun hart te volgen. De een werd hovenier, de ander schipper bij de bruine vloot....

'IK BEN op mijn vijftiende begonnen te werken als gemeenteambtenaar in Bierum. Dus ik had veertig jaar later, in 1991, toen ik secretaris-generaal van het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer was, genoeg dienstjaren om ermee te stoppen. Maar wat zou mijn voorland zijn? Voor zogenaamd leuke dingen doen voelde ik mij nog te fit. Anderzijds, secretaris-generaal blijven leek me ook niet alles.

Op dat moment werd het tijd om in de praktijk te brengen wat ik mezelf en de middelmanagers van VROM altijd heb voorgehouden: probeer nou niet tot je 65ste crescendo omhoog te gaan, want dan val je, als je met pensioen gaat, in een onnoemelijk groot gat. Probeer, net als in Amerika, die curve een beetje om te buigen. Doe op latere leeftijd een stap opzij of terug. Dat maakt die overgang een stuk makkelijker.

Op dat moment kwam Hengelo langs. Toevallig. Dat wil zeggen, de commissaris van de koningin in Overijssel, Jan Hendriks, een goeie vriend van me, attendeerde mij op de baan van burgemeester daar. Toen zijn mijn vrouw en ik gaan nadenken. Uiteindelijk was de beslissing: laten we het maar proberen. Want ik moest natuurlijk eerst nog wel solliciteren.

We gingen er financieel op achteruit. Ik ging van schaal negentien met 15 procent bonus terug naar schaal achttien kaal. Maar de sprong zat toch meer in de woonomgeving en het werk. Hengelo heeft tachtigduizend inwoners. Dat is niet echt klein, maar het is ook geen wereldstad. Daar moet je tegen kunnen als je aan Amsterdam verknocht bent. En het werk: in plaats van werken met structuren, wat ik de laatste tien jaar in Den Haag had gedaan, zou ik nu met creaturen, mensen, gaan werken. Dat moet je kunnen.

Wat blijkt? Beide zijn veel leuker. In Amsterdam hadden we geen tuin. Nu woon ik bij hole 8 van het golfterrein. Mijn vrouw en ik willen niet meer terug, we zijn allebei gebakken aan het Twenteland, het best bewaarde geheim van Nederland.

Destijds stond in Trouw dat een van de meest dynamische topambtenaren in Tukkerland zou neerstrijken en dat er in mijn omgeving heel wat wenkbrauwen zijn gefronst. Maar ik kan u verzekeren dat er ook collega's zijn geweest die hebben gezegd: ''Joh, daar heb je heel verstandig aan gedaan, eigenlijk had ik ook zo'n stap moeten zetten.''

Dat komt, als secretaris-generaal voer je per dag negen gesprekken van een uur en 's avonds neem je twee tassen mee naar huis. Dat is, nu ik burgemeester ben, veel minder geworden. Als ambt is het een stuk relaxter dan dat van secretaris-generaal.

Nu moet ik eerlijk zeggen, als ik alleen burgemeester zou zijn, dan weet ik niet of dat wel maximale voldoening zou geven. Vandaar dat ik er veel bij doe. Dat heb ik ook bedongen bij mijn sollicitatie. Toen ik in de vertrouwenscommissie werd besproken, heb ik gezegd: ''Heren u moet er wel rekening mee houden dat als er goede wethouders zijn, de burgemeester er toch iets boeiends bij wil doen.''

Dat was geen probleem. Dus ik ben gepromoveerd, ben parttime hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Twente, heb vier commissariaten en ik bekleed een aantal voorzitterschappen, waaronder die van de Rijksdienst voor het Wegverkeer en een van het justitiepastoraat, dat zijn de pastores die in de gevangenissen werken.

Dat lijkt veel, maar ik kan gelukkig ook zeggen dat mijn agenda in tegenstelling tot de Haagse agenda, die vrij unisono VROM-aangelegenheden bevatte, zeer sprankelend is geworden. Kalmer aan doen ligt kennelijk niet in mijn aard. Ik draai zo'n veertig-, vijftigduizend kilometer per jaar. Het is alleen van een andere intensiteit. 't Is allemaal wat makkelijker.

Dat komt door de andere vergadercultuur en de manier van omgaan met elkaar. De mensen hier zijn iets relaxter dan in Den Haag. Het tempo ligt iets lager. Dat maakt dat de mensen vriendelijker voor elkaar zijn. En wat ook opvallend is: er zijn hier minder cocktails en recepties. Het hoeft allemaal niet zo nodig. Het is minder opgelegd, wat gemoedelijker. Daar komt bij dat ik op het stadhuis vijf zeer capabele fulltime wethouders heb. Als oudere burgemeester ben ik meer een coach die zijn wethouders probeert te laten scoren. Kijk, ik heb mijn carrière gehad. Ik hoef niet meer zo nodig te scoren, maar zij moeten over vier jaar herkozen worden. Alleen, dat is ook waar, als ik een jonge burgemeester was, zou het meer spanning geven, denk ik.

Nee, we gaan hier nooit meer vandaan. Maar ik vertrek wel als burgemeester. Ik heb Hengelo destijds beloofd dat ik minstens één ambtstermijn zou volmaken. Dat heb ik gedaan, ik zit nu op mijn zevende jaar. En per 1 december ga ik weg. Dan word ik voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen, een functie voor drie dagen per week. Ik vond dat erg verleidelijk, omdat je zo'n functie ook na je 65ste kunt doorzetten.'

Gijs Zandbergen

Dit is de eerste aflevering in een serie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden