‘Ik hoef geen gelijk te hebben’

Waarom zijn we zo verslaafd aan werk, waardering en prestatie, vraagt Deepak Chopra zich af. Volgens de leiderschapsgoeroe, volgende maand in Nederland, leven we momenteel in barbaarse tijden....

Middeleeuws. En barbaars. Zo heeft Deepak Chopra het huidige tijdperk zojuist omschreven. Hij somt achteloos op: oorlog, geweld, verslaving, klimaatverandering, mishandeling, zelfmoord. Nóg meer oorlog. ‘Wat een wereld’, verzucht hij dan.

Maar de zelfhulpgoeroe blijft er welgemoed onder. Hij ziet de ellende als tijdelijk. ‘Ik denk dat we als mensheid in onze puberteit zitten. Een zeer turbulente tijd, maar die kan ook creatief zijn. Als je er met succes doorheen komt, kun je er sterker uit tevoorschijn komen.’

Het is een koude dag in New York en Chopra (62) raakt enthousiast over zijn eigen gedachtengang. De holistische geneesheer neemt de hippe bril af en leunt voorover. ‘De natuur heeft een zelf-corrigerend vermogen. Zij die deze turbulente tijden niet op creatieve manieren overleven, zullen helaas door de natuur worden verwijderd. Ik denk dat de meest verstandigen uiteindelijk zullen overleven. Survival of the wisest, in plaats van survival of the fittest.’

Aan bescheidenheid – vals of anderzins – lijdt Chopra bepaald niet. Evenmin aan overdadige twijfel, dus we kunnen met een gerust hart melden dat de Amerikaans-Indiase schrijver/filosoof/genezer vast en zeker zelf bij de wijze overlevenden zal horen. Dit tot vreugde van zijn miljoenen bewonderaars en aanhangers. Chopra weet sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw met zijn tientallen boeken, vertaald in 35 talen, en met toespraken en workshops talloze mensen in het Westen én Oosten te raken.

De term ‘new age’ staat hem niet echt aan. Maar hoe dan ook, Chopra is de ‘toonaangevende expert op het gebied van de lichaam-geestgeneeskunde’, meldt zijn woordvoerster. Hij wordt alom gezien als ‘de eerste die moderne wetenschap combineert met de tijdloze wijsheid van aloude culturen’.

Op 16 april zal Chopra over de ‘Soul of leadership’ spreken in de schouwburg in Almere. Maar de essentie van goed leiderschap is slechts een deelgebied van Chopra’s werkterrein, dat zo ongeveer alles op aarde, in de hemel en ertussenin omvat.

Nederlandse luisteraars die 16 april naar zijn optreden gaan, kunnen verwachten te horen over Jezus (zijn recente boek), Boeddha (een eerder boek), hindoeïstisch fundamentalisme, God als vrouw, de oorzaak van ziekten, het collectieve bewustzijn van alle aardbewoners, meditatie, eenzaamheid, de idee van quantumfysica of het ‘intelligente universum’.

Bovenal is hij bezig met de verspreiding van innerlijke rust, als een goedmoedige profeet of ‘goeroe’, zoals hij bekend staat. Het weekblad Time noemde hem in 1999 ‘de dichter-profeet van de alternatieve geneeskunde’, en bovendien een van de honderd ‘helden van de eeuw’.

U heeft het vaak over angst als een enorme horde voor veel mensen. Hoe ging u met uw angst om toen u de westerse geneeskunde verliet om het zelfhulppad in te slaan?

‘Er kwam een moment dat ik besefte: als ik voortdurend op zoek ben naar bevestiging, zal ik nooit ergens komen. Ik was steeds zekerder van mezelf. En op een gegeven moment besloot ik dat het tijd was om los te raken van waardering, gevlei en kritiek. Ik sprong in het diepe. En: het werkte. Het was niet eenvoudig, dat moet ik wel zeggen. Maar het geheim zit ‘m voor een deel gewoon in het ouder worden. Ik word volwassener en besef dat het uiteindelijk niet uitmaakt wat mensen zeggen. We maken ons zorgen over totaal onbelangrijke dingen.’

Zijn er helemaal geen angsten meer over?

‘Niets. Dat kan ik eerlijk zo zeggen.’

En kritiek? U wordt regelmatig aangevallen, bijvoorbeeld door de atheïstische schrijver Richard Dawkins.

‘Ik ga nog wel in debat, maar het verschil tussen nu en vijftien jaar geleden is dat ik er geen persoonlijk belang meer bij heb. Het punt is niet meer om het ongelijk van de ander te bewijzen, maar om een dialoog te hebben, zelfs als de ander agressief is. Ik laat mensen zeggen wat ze willen. Ik heb niet meer de behoefte om ze te slim af te zijn of ze onder tafel te praten. Ik luister en begrijp dat zij een eigen gezichtspunt hebben. Ik hoef niet meer altijd gelijk te hebben.’

Niet dat Chopra de kritiek van een grote naam als Dawkins onweersproken laat. In een reeks artikelen heeft hij Dawkins aangevallen. Los van de hatelijke taal, vroeg Chopra zich onder meer af: ‘Is de wetenschap de enige weg naar kennis? Natuurlijk niet. Ik weet dat mijn moeder haar hele leven van me hield, zoals ik van mijn eigen kinderen houd. Ik voel genialiteit in grote kunstwerken. Ik heb medische genezingen gezien die de wetenschap niet kan verklaren, sommige kennelijk in gang gezet door geloof. Dat geldt evenzeer voor miljoenen andere mensen. Ik weet dat ik een bewustzijn en een zelf heb, hoewel Dawkins – net als veel andere aartsmaterialisten – niet gelooft dat het bewustzijn bestaat of dat de zelf iets anders is dan een chemische, in de hersenen gecreëerde illusie’.

Reageren mensen tegenwoordig anders op u dan jaren geleden?

‘Mensen zijn opener geworden.’

Of zijn ze in uw ogen wijzer geworden?

‘Ik denk weleens dat informatie een kritieke massa kan bereiken. Opeens gaan talloze mensen het begrijpen. Het bewustzijn is een raar fenomeen. Ik sta tegenwoordig vaak voor zalen met 750 mensen en behandel dan diepzinnige, zeer complexe, abstracte, filosofische concepten. Ik kijk op een gegeven moment op en vraag of iedereen snapt wat ik zeg. Negen van de tien aanwezigen knikken dan. Vijftien jaar geleden vroegen veel mensen waar ik het in hemelsnaam over had. Mijn ideeën zijn nu meer mainstream geworden. Gewoner.’

Chopra is niet alleen een begenadigd spreker, succesauteur en begeleider van topmensen in de zakelijke en politieke wereld, hij is óók een succesvol zakenman die met zijn zelfhulpimperium zo’n twintig miljoen dollar per jaar binnenhaalt. Maar zelf relativeert hij dat bedrag: ‘Ik genereer grote hoeveelheden geld, maar het stroomt ook weer weg.’

Hij beheert bijvoorbeeld diverse bedrijven en stichtingen, in de eerste plaats het Chopra Center for Wellbeing, gelegen in zuidelijk Californië. De goeroe, zelf gestoken in een versleten spijkerbroek en een zwarte trui, voegt daaraan toe: ‘Ik heb niet veel nodig. Mijn levensstijl is niet extravagant, behalve dat ik eerste klas vlieg.’

Het grote succes kwam Chopra niet aanwaaien. Zijn vader was arts. Dat werd Deepak dus ook. In 1970 kwam hij als een jonge dokter uit India naar de Verenigde Staten om zich daar verder te specialiseren als internist. Hij werkte in een ziekenhuis in Boston toen hij de alternatieve geneeswijzen omarmde, alsmede de Transcendente Meditatie (TM), onder invloed van de Maharishi Yogi.

Chopra verliet daarop de traditionele geneeskunde om zich voortaan volledig te richten op wellbeing in de bredere zin des woords, waarin geest en lichaam samenwerken om ‘perfecte gezondheid’ na te streven.

Hij schreef boeken, werd vrienden met bekende mensen als Oprah Winfrey, en begon zich indirect met de politiek te bemoeien. Hij sprak zich uit tegen de oorlog in Irak en tegen oorlog in het algemeen. Later sloot hij zich aan bij de organisatie Alliance for A New Humanity, die hij tegenwoordig ook voorzit. ‘Wee de verandering’, is een van de motto’s van deze ‘alliantie voor een nieuwe mensheid’ – Chopra schuwt de grote woorden zelden.

Door zijn bewonderaars wordt Chopra gezien als een leider bij uitstek en de goeroe heeft uitgesproken ideeën over de eigenschappen van grote leiders zoals Jezus Christus, Mahatma Gandhi, Jeanne d’Arc, Martin Luther King en andere ‘mythische figuren die onze koers hebben bepaald’. ‘Wijsheidstradities omschrijven de waarheid als een enkele vonk die een heel bos platbrandt’, aldus Chopra. ‘Als de leider bereid is om die vonk te zijn, dan zullen anderen dat in hem zien. Ze hebben behoefte aan sturing en zullen waarderen wat hij biedt, wat de eerste stap is op weg naar het waarderen in zichzelf.’

Van een effectieve, natuurlijke leider – in het zakenleven, op het sportveld of in de politieke arena – wordt zelfopoffering verwacht, zegt Chopra. En eerlijkheid. ‘Het is net zo belangrijk om te kunnen zeggen: ik ben bang, als: ik ben sterk.’

Gevoeligheid is een ander cruciaal element, betoogt Chopra, die zelf nooit bang zegt te zijn. De leider moet aanvoelen wat de volgelingen of ondergeschikten nodig hebben. ‘Ze begrijpen dat hun volgelingen zoeken naar vrijheid, liefde en spirituele waarde. Ze reageren daarop met creativiteit, visie en een gevoel van eenheid.’

In deze tijd van miljoenensalarissen voor machtige toplieden durft Chopra wel in de kerk te vloeken: ‘Huidige leiderschapsmodellen die zich richten op een sterk ego en externe, materiële beloningen, erkennen niet hoe onzelfzuchtig een effectieve leider moet zijn.’

Volgens Chopra zijn het aardse en het spirituele intiem verbonden. Zijn ideeën en vragen zijn breed genoeg om overal toe te passen. ‘Wie ben ik? Wat wil ik? Wat is het doel van mijn leven?’ Het zijn vragen die volgens hem een leider zichzelf moet stellen, ‘zodat hij zijn volgelingen kan inspireren’ om zichzelf óók die vragen te stellen.

Het is niet specifiek, verre van origineel, en van toepassing op elke sterveling in de menselijke geschiedenis die zijn spiegelbeeld ooit een semi-filofische vraag heeft gesteld. Desondanks is hij zelf een groot leider voor velen, en nemen zijn opponenten hem serieus.

Michael Schermer van Skeptic, de Amerikaanse vereniging tegen kwakzalverij, heeft Chopra’s ideeën over Intelligent Design – een ‘hoger bewustzijn’, zonder een aanwijsbare God – uitvoerig trachten te weerspreken. Vooral Chopra’s nadruk op het collectieve, gezamenlijke, machtige ‘superbewustzijn’ waar we allemaal op kunnen inhaken, jaagt sceptici de boom in. Dat we ‘sommige complexe fenomenen’ niet kunnen verklaren, betekent niet dat er een ‘supernatural macht’ over ons heerst, aldus Schermer. Chopra’s vrijmoedige invulling van het ongewisse is niet meer dan een reactie op de menselijke angst voor dat ongewisse, zeggen Schermer en andere critici.

Nog even over angst. Voor verslaving moeten we wel bang zijn, schrijft u. Hoe zit het met de westerse verslaving aan materiële zaken, aan werk?

‘Dat is een enorm probleem. Je kunt zelfs spreken van een verslaving aan self-improvement. Een verslaving aan ‘er iets aan willen doen’. Dan is er geen vermogen om gewoon te zijn. Dit hele idee van zelfverbetering. Wie wil er nou wie verbeteren? Als je zegt: ik wil mezelf verbeteren, dan maak je een onderscheid tussen een ‘ik’ die ‘mezelf’ wil verbeteren. Maar ‘ik’ en ‘mezelf’ zijn dezelfde grootheden. Dus degene die ik probeer te verbeteren is tegelijk degene die verbetert. Het hele idee is een paradox.

‘Als iemand verslavend gedrag achter zich wil laten, moet hij de tijd nemen om gewoon te zijn. Het diepzinnigste advies dat je iemand kunt geven, is: kijk gewoon wat er gebeurt, en kijk dan naar je reacties op wat er gebeurt. En kijk soms naar wie er toekijkt. Als je dat doet, zal je aard voor zichzelf zorgen.

‘Nu heb ik dat in een paar zinnen gezegd, maar ik zou best een paar jaar kunnen besteden aan het uitleggen van dit idee. En sommige mensen zouden het nog steeds niet begrijpen. Als je het snapt, is het alsof er een knop omgaat. Je bent klaar voor die knop. En je beseft dat er niets is om naar te streven. Als je je innerlijke zelf laat ontwaken, is er niets om naar te streven.’

Dat klinkt nog best lastig. Raadt u meditatie aan? Yoga? Uw boeken wellicht? Het strand?

‘Je moet de tijd nemen om te zijn. En meditatie is één manier. Oké, neem mij. Ik ben nu alleen in New York. Mijn vrouw is in India. Mijn kinderen zijn in Los Angeles. Ik ben druk. Toch neem ik iedere ochtend anderhalf uur de tijd voor stille meditatie. Ik ga naar de sportschool of ik loop in het park. Of ik schrijf ‘s avonds. Ik heb geleerd om van mijn eenzaamheid te genieten. Ik hecht er nu aan. Maar mensen zijn bang om alleen te zijn. Ze moeten altijd maar iets doen.’

Is dat een specifiek probleem van de westerse, moderne wereld?

‘Absoluut. En steeds meer ook van de zich ontwikkelende wereld. Kijk naar India, mijn moederland. Daar zie je nu dezelfde problemen als in het Westen van verslaving aan drugs en roken. Je ziet stress, echtscheidingen.’

U wilt geweld uitbannen. Dat klinkt vrij ambitieus. Sterker: gewelddadige en negatieve ideeën moeten volgens u weg, want die dragen bij aan een geweldscultuur. Is geweld of oorlog helemaal nooit nodig?

‘Mijn opvatting is zo te illustreren. Als je een tumor hebt die levensbedreigend is, dan heb je een operatie nodig om het weg te halen. Of agressieve chemotherapie. Dat is als het gooien van een bom. Maar zodra je dat hebt gedaan, is het goed om je af te vragen: waarom is dit gebeurd? Wat kan ik ertegen doen? Zo niet, dan komt het terug, nog krachtiger dan voorheen.

‘Dus: ja, er zijn tijden dat oorlog gerechtvaardigd is. De Tweede Wereldoorlog? Als mensen er 25 jaar eerder van bewust waren geweest, had het kunnen worden voorkomen. We geven een man genaamd Hitler de schuld van de Holocaust, maar Hitler was de symbolische manifestatie van een collectieve psychose. Niemand zag het aankomen. Het verspreidde zich als een virus.

‘Als, áls we dit tijdperk overleven, dan kun je over honderd jaar terugkijken en zeggen: dat waren middeleeuwse tijden. Barbaarse tijden. Wij hebben technologieën van massavernietiging ontwikkeld. Je drukt daarboven op een knop en op de grond sterven mensen. Dat noemen we collateral damage, ‘bijkomende schade’. Het is bizar. Dat Bush kan slapen, met die honderdduizenden doden in Irak.

‘De technologie van de oorlogvoering is losgekoppeld van menselijke emoties. We zien niet meer wat er is gebeurd. Daardoor zijn we barbaarser geworden dan middeleeuwse mensen.’

Dat is niet best. Maar past wat u beschrijft niet gewoon in de puberteit van de mensheid?

‘Ik hoop het. Ik hoop dat dit alles zal worden gezien als ouderwets en achterhaald.

‘Ik hield een paar jaar geleden een verhaal op het Pentagon, het Amerikaanse ministerie van Defensie. Ik zei dat Amerika irrelevant wordt als het land zo doorgaat. De supermachten worden irrelevant door technologie. Over tien jaar kun je elektronen verplaatsen. Je kunt vliegtuigen kapen door luchtverkeersignalen te verstoren. Je kunt elektriciteit afsnijden. Technologie maakt conventionele oorlog met wapens overbodig en irrelevant. We moeten aan een nieuwe, verse manier van denken beginnen.

‘Ik wijs graag naar mijn Alliantie. Wij geloven dat er genoeg creatieve intelligentie, genoeg collectieve creativiteit is, zodat er geen probleem is dat niet kan worden opgelost.

‘Mensen zijn uiterst intelligent. Neem de intelligentie die wordt toegepast om deze ongelooflijke, duivelse wapens te maken, en pas die toe op het helen van de wereld, het herstel van het ecosysteem, het wegnemen van de armoede. Dan zul je zien: dan kan dat ook allemaal. Maar dan moet je er wel aan werken.’

Wacht even, heeft u het nu toch over Intelligent Design?

‘Ja, in de absolute zin des woords.’

‘Terug naar uw ideeën over ziekte. Zegt u nou dat ziekte een gevolg is van ons gedrag? Of zelfs een keuze van de zieke?

‘Voor een oosterling is het makkelijk te begrijpen. Het is karma. De echte jij kan onmogelijk in het volume van een lichaam in één leven worden geperst. Maar voor een westerling is dat een laffe vlucht. Is het dan allemaal mijn fout, vraag je jezelf af. Het punt is: er is persoonlijke karma, collectieve karma en er is sociale karma. Elke ziekte komt op in een context. Dat kan een mishandelende familie zijn, armoede, onwetendheid, gebrek aan scholing. Ziekten zijn complex. Ze hebben te maken met gedrag, denken, sociale interacties, persoonlijke verhoudingen, milieu, economische voorwaarden. Het is allemaal zeer complex.’ *

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden