'Ik hield niet van Proust, vond het gezeur'

Stéphane Heuet bewerkt 'Op zoek naar de verloren tijd' tot een vijftiendelig stripverhaal. 'Voor mij is Proust een schilder die niet kon schilderen.'..

Op de achterflap van zijn stripbewerking van Op zoek naar de verloren tijd heeft Stéphane Heuet Marcel Proust getekend zoals hij de schrijver voor zich ziet: Proust zit in kamerjas in bed, en schrijft met kroontjespen in een schrift dat voor hem op een bedtafeltje ligt. Meer cahiers liggen om hem heen, op een tafeltje staat een kop thee te geuren, thee die onmiddellijk de associatie oproept met die befaamde madeleine, het cakeje dat aan de basis staat van Prousts reminiscenties.

'Voor mij is Proust een schilder die niet kon schilderen. Hij beschreef wat hij zag. Hij had veertig jaar geleefd en daarna trok hij zich terug in zijn kamer, en dacht aan alles wat hij eerder had gezien, haalde alles terug alsof hij naar een projectie keek', zegt Heuet.

'Ik doe het omgekeerde. Ik ontcijfer de tekst, ik vertaal de tekst naar tekeningen.'

Heuet (45) is even in Nederland, voor deelname aan de Stripdagen in Haarlem, en om het verschijnen te vieren van de vertaling van zijn bewerking van Combray, het eerste deel van A la recherche du temps perdu.

Hoe komt iemand zonder ervaring als striptekenaar ertoe om van dit bijna onaantastbare meesterwerk van de Franse literatuur, dat het zozeer moet hebben van herinneringen en psychologie, een beeldverhaal te maken?

'Ik hield helemaal niet van Proust, ik vond het gezeur. Ik was twintig en kwam er niet doorheen. Maar mijn vrouw is een echte proustienne en op een avond, zes, zeven jaar geleden, hadden we een verhitte discussie. Ik riep wat ze dan in vredesnaam in Proust zag, zij riep: maar herléés Proust dan! En toen heb ik hem gelezen om mijn gelijk te halen. Het werd een openbaring, het was grappig, het had een heel eigen humor.

'Maar Proust verwijst ook heel veel naar kunst, naar wandtapijten, glas-in-lood ramen in kerken, naar muziek. Toen ik klaar was met lezen keek ik om me heen, en realiseerde ik me dat ik voortdurend was opgestaan en boeken had gepakt om dingen op te zoeken. In het begin van de twintigste eeuw, toen de cyclus verscheen, waren Prousts verwijzingen begrijpelijk. Nu weten we dat niet meer. Ik vroeg me af hoe je Proust kunt begrijpen zonder de kunstwerken te kennen waarnaar hij verwijst. Ik wilde een uitgave maken met een appendix waarin afbeeldingen van die kunstwerken en uitleg erover zouden staan. Maar alles achterin opzoeken is vervelend.

'En toen dacht ik aan een boek uit mijn jeugd, waarin een Amerikaanse GI een Romeinse soldaat de hand schudt. In een stripverhaal kan alles. Voor het portaal van de kerk in Balbec beschreefProust de heilige maagd op de kathedraal van Amiens. Als je dat zou willen filmen kost het miljoenen. In een strip alleen tijd.'

Heuet documenteerde zich grondig voor zijn bewerking. Hij volgt de tekst van Proust getrouw, niet alleen in de 'voice-over' van de verteller, maar ook in de wolkjes met dialogen. Het decor tekent hij heel gedetailleerd en zorgvuldig, voor de personages gebruikt hij een minder realistische stijl, zij hebben kraaloogjes, en vaak monden en neuzen als streepjes. 'Er komen bijvoorbeeld antisemitische taferelen voor in de boeken, en de verteller meldt niet wat hij daarvan vindt, hij zegt niet: ik zweeg, of ik glimlachte, of ik keek weg.

'Wat teken je dan? Ik heb gekozen voor een karige stijl, niet waarheidsgetrouw, zodat je de mond kunt weglaten, om ''geen commentaar'' uit te drukken.'

Heuet hecht veel belang aan de tekst, die hij zo intact mogelijk houdt, om 'het ritme, de proustiaanse muziek' geen geweld aan te doen. 'Ik kom uit de reclamewereld, waarin alles er moeiteloos uit moet zien. Dat geldt hier ook. Het moet naturel lijken, ook al heb ik er heel veel werk aan gehad.'

Hij laat een pagina zien waaraan hij nu bezig is, voor een volgend deel van de Recherche: er staat alleen tekst op, geen enkele schets. Prousts woorden bepalen de grootte van de kaders en van de tekstballonnen. Pas als de tekst op de pagina staat, begint Hueut met tekenen - een werkwijze die haaks staat op die van de meeste striptekenaars. Om de traagheid die bij Proust zo'n belangrijke rol speelt te benaderen, maakt hij naast kleine ook grote, zeer gedetailleerde tekeningen. 'Ik dwing de lezer te vertragen, Prousts tempo te volgen.'

Zijn tekeningen, zegt Heuet, dienen als aas, om de lezer het verhaal binnen te lokken. 'Als ze de tekst eenmaal beginnen te lezen zijn ze verkocht.' Hij heeft zijn baan als art-director in de reclame opgegeven om alle vijftien delen van Op zoek naar de verloren tijd tot strip te bewerken. In Frankrijk is zojuist deel twee verschenen, A l'ombre des jeunes filles en fleurs. De kritiek die Heuet in 1998, toen deel 1 in Frankrijk verscheen, kreeg (Le Figaro schreef: 'Marcel wordt vermoord'), is verstomd. Combray, dat een eerste oplage van achtduizend kende, is aan de achtste herdruk toe, de eerste oplage van Les jeunes filles en fleurs is 45 duizend exemplaren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden