'Ik had altijd te hoge verwachtingen van mezelf'

Winnen was voor Edith Bosch lange tijd hét middel tegen eenzaamheid. Dat de judoka toch blij is met brons op de Spelen is mede te danken aan een lifecoach. 'Ik voelde niks. Ik was een robot.'

Het waren verwarrende tijden voor de journalisten die het judo op de voet volgen. Edith Bosch stapte vorige week als een kind zo blij op de verslaggevers af, nadat ze bij de Olympische Spelen in Londen geen gouden maar een bronzen medaille had gewonnen. Stond hier Edith Bosch, de vrouw die zo streng voor zichzelf was dat ze zelfs niet kon genieten toen ze in 2005 wereldkampioen was geworden? En dan zou ze nu blij zijn met een troostprijs?


Om het allemaal nog verwarrender te maken, zei ze ook nog eens om haverklap hoe gelukkig ze was. Dat vroeg om uitleg. Bosch geeft die, een paar dagen later in het hart van de stad. Haar stem is nog hees van het aanmoedigen van de andere Nederlandse sporters.


Vier jaar lang heeft ze alles voor de Spelen moeten doen en laten. In Londen mocht het ventiel er eindelijk even af, zegt Bosch. Met een kop Starbucks-koffie voor zich praat ze zoals iedereen haar kent: vlug, zonder omhaal en met een gezonde dosis zelfspot.


Ze groeide op als de jongste in een gezin van drie meiden. De zussen Bosch schelen weinig: de oudste is 35, de middelste wordt dit jaar 34 en Edith is 32. Ze heeft tegen ze opgebokst, erkent ze.


Het waren haar zussen die haar op het judospoor zetten. 'Ik wilde wat zij hadden. Mijn oudste zus haalde de landelijke selectietraining, dus wilde ik dat ook. Maar dan wel door het zelf te verdienen. Alles stond in het teken van judo en sport. Mijn ouders waren helemaal geen sportieve types, ze rookten allebei. Maar ze wilden wel dat wij gingen sporten.'


Hoe was je als kind?

'Druk. Het had nog geen naam toen. Maar was ik getest: ADHD, zeker weten. Ik kan slecht tegen niet-natuurlijke suikers. De E-kleurstoffen mocht ik niet meer eten. Als je me nu een zakje winegums geeft, ga ik binnen een uur trillen.'


Hoe uitte zich dat op school?

'Op school was ik ook niet de liefste. Na het EK judo in april hadden we een reünie van de basisschool. Er waren oud-klasgenoten die zo wat dingen konden opnoemen die ik had gedaan. Ruzie met de juf maken, de klas uit worden gesleept. Ik kon het me niet herinneren. Maar heb je mij ooit horen zeggen dat ik bang was of verdrietig, vroeg ik ze. Nee dus. Ik kon mijn emoties niet uiten. Dat deed ik door altijd maar beter te doen, beter te worden.'


Je durfde als kind niet kwetsbaar te zijn, dus werd je vervelend.

Meteen: 'Absoluut. Ik was altijd sterk. Ik deed net of dingen me niks deden. Dan hadden anderen tenminste het idee dat ze me niet raakten. Dat was absoluut wel zo, maar ik liet het gewoon niet merken. Je zei gewoon wat lelijks terug, dan had je zelf minder pijn.'


Was je populair op school?

'Nee, helemaal niet. Ik pestte veel, dat doen wel meer kinderen op die leeftijd. Maar ik was een jongetje. Dat zie je ook terug op oude videobeelden: daar stond echt een jongetje te judoën. Dat ben ik ook tot mijn 17de geweest. Toen kwam ik er pas achter dat ik een meisje was.'


Hoe gebeurde dat?

'Ik kreeg borsten en zag dat het effect had op jongetjes. O, oké, dacht ik. Leuk. Ik was altijd wel ijdel, maar vooral als het om judo ging. Dat was mijn identiteit. Roken vond ik niet stoer. Ik vond het veel stoerder om wereldkampioen bij de junioren te worden. Bij het judo werd ik bij de junioren ook nooit gepest, omdat ik fucking de allerbeste van de wereld was en de anderen geen medailles haalden. Wie ben jij dan om wat tegen mij te zeggen?'


Jongens hoefden niet bij je aan te kloppen.

'Ik begreep niet waarom anderen niet zo fanatiek gingen sporten als ik. Toen ik 19 was, plaatste ik me al voor de Olympische Spelen. En ik reed met mijn olympische auto naar school die ik als topsporter kreeg. Dat was best cool. Een Polo, met letters erop. Ik zat met een big smile achter het stuur. Daarmee onderscheid je je óók van anderen. Iedereen wist ook wel dat ik het niet makkelijk had. Ik ging veel weg, moest op school soms ook met een 5,8 genoegen nemen. Want ik vond sport belangrijker.'


Vond je dat niet moeilijk, die lage cijfers? Of stond judo boven alles?

'Nu ik erover nadenk: ik heb school erbij gedaan. Mijn ouders hebben altijd gezegd: judo is geen tennis of voetbal, miljonair ga je er toch niet mee worden. Ik vond judo gewoon leuk om te doen. Ik was blij als ik na een lange dag op school met mijn tas naar de judohal kon. Dan kon ik mijn ei kwijt.'


Je hebt ook nog aan ballet gedaan. Waarom werd dat niks?

'Bij ballet moest ik mijn been steeds hoger optillen, zo hoog, dat kon in mijn optiek niet. Je ziet toch dat ik niet lenig ben, dacht ik toen. Het was ook allemaal zo poezelig. Na acht weken heb ik gezegd: ik ben er wel klaar mee.'


Heeft ballet je geholpen om een betere judoka te worden?

'Nee, want ik ben zo stijf als een hark. Maar het was wel mijn droom. Ballerina worden, zoals zoveel meisjes. Ik heb nog op de wachtlijst gestaan om erop te mogen. Toen het zover was, zei de lerares: koop nog maar geen tutu, 80 procent houdt er binnen een paar weken alweer mee op.'


Je was al vrij snel succesvol met judo.

'Ja, maar dat zit wel in de aard van het beestje. Ik was in elke sport goed geworden, dat weet ik zeker. Dat is mijn doorzettingsvermogen, de top willen bereiken. Maar het kwam ook doordat ik mijn emoties niet kon uiten en het alleen maar beter wilde doen. Ik dacht: dan zien mensen me tenminste op een leuke manier. Ik vond het belangrijk wat mensen van me zouden denken.'


Nog steeds?

Meteen: 'Nee.'


Sinds wanneer maakt je dat niet meer uit?

'Dat is nog niet zo heel lang, hoor. Pas sinds ik met mezelf aan de gang ben gegaan. Twee jaar geleden ben ik ermee begonnen en het heeft wel een half jaar geduurd voordat het ook echt resultaat opleverde. Nu heb ik mezelf gevonden en ben ik trots op wie ik ben. Ik weet, en dat zou ik vroeger nooit durven zeggen: ik ben gewoon een leuke vrouw. Ik ben open, spontaan, geïnteresseerd in mensen. En als mensen mij niet leuk vinden, moeten ze lekker rechtsaf slaan als ik linksaf ga. Dan hoef ik ze niet meer te zien.'


Maar je hebt jezelf lang geen leuke vrouw gevonden?

'Omdat ik niet gelukkig was. Het was nooit genoeg voor mij. Het moest meer, beter. Ik ben gaan beseffen dat alle medailles van de wereld me niet gelukkig gingen maken. Zo, dat kwam wel even bij me binnen.


'Mijn compensatie voor mijn ongeluk was: nog harder trainen, nog meer presteren. Zo verdrong ik de eenzaamheid. Als ik iets ging winnen, kwamen de mensen toch wel naar me toe. Dan waren ze oppervlakkig geïnteresseerd, maar dat was tenminste iets.'


Jij bent medailles gaan winnen, zodat je je niet eenzaam meer voelde.

'Ik dacht oprecht dat dat me gelukkiger zou maken. Tot ik bijna alles had gewonnen en erachter kwam dat ik nog steeds geen gelukkig mens was. Waar dat vandaan kwam? Daar ben ik naar op zoek gegaan.'


Welk antwoord vond je?

'Het ging terug tot mijn jeugd. Ik heb me altijd ingeprent dat ik mezelf leuker moest voordoen dan ik in werkelijkheid was. Mezelf bewijzen aan alles en iedereen. Mezelf niet accepteren zoals ik ben, en anderen daardoor ook niet. Ik had altijd te hoge verwachtingen van mezelf, stelde nooit realistische doelen. Die haal je zelf niet, maar anderen kunnen dan evenmin aan je tippen. Daardoor klapte mijn hele wereld uiteindelijk in elkaar.'


Toen je in 2000 voor het eerst naar de Olympische Spelen mocht, was je toen oprecht gelukkig?

'Ik was echt blij, maar ik stond niet bij die ultieme prestatie stil. Want dat is het als je op je 19de naar de Spelen mag, omdat je iemand van de gevestigde orde in je gewichtsklasse hebt verslagen (Claudia Zwiers, red.). Maar ik heb de klok nooit stilgezet. Nooit tegen mezelf gezegd: 'Goh meid, wat goed dat je dit hebt bereikt, ik ben trots op mezelf.' Nee, ik ging naar de Spelen, dus wilde ik ook een medaille. Dat was niet helemaal realistisch. Ik verloor van Kate Howey, die later zilver won. En van Ulla Werbrouck, die was regerend olympisch kampioen. Zevende werd ik, precies mijn niveau toen. Maar al hadden mensen het tegen me gezegd, het was toch niet bij me binnengekomen.'


Hebben mensen geprobeerd jou ervan te overtuigen hoe goed je was?

'Ze hebben zeker gezegd dat ze trots waren. Mijn ouders, mijn zussen. Onwijs trots waren ze. Maar als iemand me voor een groot toernooi succes wenste, ging dat al op mijn schouders drukken. Want dat voelde als moeten.'


Jou succes wensen betekende dat je moest presteren?

'Ja. Of zeggen: 'Je kunt het.' Of zelfs: 'Maak je eigenlijk kans op goud?' Al die dingen werden steeds zwaarder en zwaarder. Daarom vond ik het ook lange tijd vervelend om in Nederland te moeten judoën.


'Voordat ik naar de Spelen in Londen ging, kreeg ik allemaal kaartjes mee van de mensen die dicht bij me staan. Ik ben op bed gaan zitten en heb tijdens het lezen keihard moeten janken. Mijn moeder had een versje gemaakt, ik kan er nog emotioneel over worden. Ze schreef dat ik van ver kwam en niet gelukkig was geweest. Ook zij heeft dat gezien. In dat versje schreef ze dat ze heel trots op me is. Niet alleen vanwege mijn judo, maar ook als mens. Voorheen kwam dat nooit bij me binnen. Nu wel.'


Het kwam hard binnen.

'Ja, maar het was een ontzettend mooi gevoel. Elisabeth (Willeboordse, judoka en kamergenote in het olympisch dorp, red.) zei: 'Gaat het, meid?' Ik huil niet van verdriet, zei ik. Als in Londen in de eerste ronde was gestruikeld, dan was de wereld niet vergaan, zoals vroeger. Mijn carrière kon al niet meer stuk. Al wil ik natuurlijk wel weer een medaille winnen. Daar ben je topsporter voor.'


Het ging bepaald niet zonder slag of stoot, vorige week woensdag. Na een onverwachte nederlaag moest ze zich mentaal opnieuw opladen, om zich via de herkansingen terug te knokken naar het brons. Of de oude Edith Bosch dat ook zou hebben gekund?


Ze weet het niet. 'Misschien had de oude Edith die eerste partij wel nooit verloren. Ik stond er hartstikke goed in. Het voelde als in een flow. Maar ik kreeg tranen in mijn ogen toen ik stond te wachten om de mat op te mogen. Man, wat heb ik er zin in, dacht ik. Laat maar komen.'


Zin? Dacht je er voorheen ook zo over?

'O nee. Ik dacht echt dat de zaal zou afbranden een dag voor de wedstrijd, zo gespannen was ik. Moeten, meer moeten, nooit tevreden zijn. En als je dan had gewonnen, meteen tegen jezelf zeggen: what's next? Altijd maar beter. Ik heb erachter moeten komen. Toen dat gebeurde, was het alsof ik de hemel ontdekte. Ik kon het gewoon niet meer opbrengen. Ik wilde het ook niet meer.'


Het was haar moeder die ingreep toen ze het niet meer kon aanzien. Toen een psycholoog niet bleek te werken, zette ze dochter Edith op het spoor van Martijn Smit, een lifecoach, die mensen helpt hun leven op de rails te krijgen.


'Martijn had nog nooit met een topsporter gewerkt. Ik kon ook nog eens mijn hele verhaal opdreunen. Waar het precies aan schortte, dat ik geen emotie voelde.'


Hoe ging hij met je om?

'Martijn heeft gezegd: 'Ik vind het goed dat je gekomen bent, maar je moet je wel beseffen dat onze gesprekken een consequentie kunnen hebben. Namelijk dat je misschien nooit meer aan topsport wilt doen.' Toen heb ik zonder nadenken gezegd: 'Dat maakt me niet uit; slechter dan dit kan ik me toch niet voelen.'


Wat was voor jou de druppel?

'Het zijn meerdere druppels geweest. Het ergst was het WK in 2010. Toen verloor ik de halve finale en de wedstrijd om het brons in de sudden death. Ik kwam van de mat en voelde helemaal niks. Toen ging ik beseffen: dit is toch niet normaal? Ik ben niet eens verdrietig omdat ik verloren heb.


'Op die manier kwam ik erachter dat ik ook in mijn privéleven niks voelde. Ik ben bewust bij Peter weggegaan. Maar ik voelde ook niks bij mijn ouders, mijn zussen, mensen die net als hij echt blij met me waren. Mensen die emoties ervaarden, daar keek ik slechts naar.'


Drie jaar was ze samen met wielrenner Peter Schep. Hij was erbij toen ze met familie en vrienden haar 30ste verjaardag vierde. Iedereen genoot, behalve Bosch. 'Ik stond erbij en dacht: ik vind er niks aan. Waarom voel ik hier niets bij? Gelukkig besefte ik wel dat zoiets niet normaal was. 's Avonds ben ik ingestort. Peter zei: 'je hebt geen gevoelens meer voor mij.''


Had hij gelijk?

'Ik zei: 'Ik denk wel dat ik gevoelens voor jou heb, maar ik voel het niet. En niet alleen voor jou niet. Ik voel he-le-maal niks.'


's Ochtends heb ik ruzie gehad met mijn zus. We zaten met een kater aan de keukentafel van ons ouderlijk huis en ik heb, waar de hele familie bij was, gezegd: ik stop met Peter. Mijn zus raakte heftig geëmotioneerd en zei: 'Nu moet ik even eerlijk zijn. Edith, je bent een supergeslaagde sportvrouw, een leuk wijf om te zien, je hebt een leuk huis, een leuke vent, een goede opleiding, een hond en familie die van je houdt. Dit ligt niet aan ons hoor, maar aan jou.'


'Toen klapte ik in elkaar. Ze had gelijk. Ik ben de hele dag in mijn bed blijven liggen. Er kwamen zo veel dingen op me af. Ik ben nog wel bij Peter gebleven, maar leuke maanden waren het niet. Ik was alleen met mezelf bezig. Na dat WK heb ik de knoop doorgehakt.'


Het was Bosch die hun relatie beëindigde. 'Peter wilde me helpen, maar dat kon op dat moment niemand. Ik heb mijn beste vriendin Carola ook afgeduwd. Voor haar was ook geen ruimte. Er was niet eens ruimte voor mezelf. Mijn ouders hebben met lede ogen aangezien hoe ik weggleed. Ieder ander mens zou verslaafd zijn geraakt, of depressief. Maar het is dan weer de aard van dit beestje dat ik heb gezegd: ik wil dit niet, ik ga nu wat doen. Ik ga ervoor vechten.'


In een van de eerste gesprekken met haar lifecoach kwam ze al op een kruispunt te staan. 'Ik moest huilen, maar deed het niet. Martijn zag het en zei: 'In alles wat je doet, maak je een keuze. Niet kiezen is ook een keuze. Je gaat nu een bewuste keuze maken. Of je laat het gaan, of je doet het niet, maar dan kan ik je niet meer helpen.' Toen brak ik.'


Ze maakte er de weg mee vrij voor een grondige inspectie van haar ziel. 'Het was confronterend, dat in de spiegel kijken. Ik kreeg van Martijn de opdracht mee om op een verjaardag zelf niks te zeggen en alleen antwoord te geven op vragen die me werden gesteld. Ik stond te shaken, zo verschrikkelijk vond ik het. Maar daardoor ontdekte ik dat ik wel erg veel over mezelf praatte. Waarom interesseer ik me niet voor anderen, bedacht ik. Nu doe ik het wel en komt er een leuk gesprek op gang. Toen was ik helemaal niet zo leuk. Een over het paard getilde, zelfingenomen sporter, dat was ik.'


Had je er spijt van dat je anderen verdriet deed?

'Het ging op de automatische piloot. Ik voelde niks. Ik was een robot. En als je een robot bent, kan niks of niemand je raken. Daardoor kun je je ook niet inleven in een ander. Dat Peter emoties had? Hartstikke vervelend, maar ik kon er toen niks mee. Zoals ik het nu zeg, klinkt het echt heel erg. En dat vind ik ook.'


Hoe moet het zijn geweest om met jou samen te leven in die tijd?

'Dat was echt niet leuk. Peter hield onvoorwaardelijk van mij, ook in de bad times. Het is dat ik had gezegd dat ik niet meer verder wilde, anders waren we nog bij elkaar geweest. Hij wilde me helpen, maar dat kon niemand op dat moment. Ik was echt niet te nassen die periode.'


Ze gniffelt, begint dan te schaterlachen. 'Ja, dat was echt zo.'


Tegenwoordig judoot Bosch voor niemand anders dan zichzelf. Dat deed ze voorheen ook, maar dan met als doel anderen tevreden te stellen. 'Nu doe ik het, omdat ik dit spelletje zo ontzettend leuk vind. Ik heb er echt passie voor. Ik ben een topsporter in hart en nieren, want ik heb de guts om er vol voor te gaan en elke dag drie uur te trainen. Anders zou dit leven ook niet vol te houden zijn. Maar daar moest ik wel eerst achterkomen.'


Dertien jaar lang leefde Bosch het onvoorwaardelijke leven dat topsport vergt. Nooit kon ze een moment verslappen, altijd vroeg ze scherpte van zichzelf. 'Een judotraining duurt misschien tweeënhalf uur, maar je bent er de hele dag mee bezig. Voordat ik opsta, doe ik een stress check bij mezelf om te zien of ik niet overtraind ben. Dan ga ik op de rand van mijn bed zitten, want ik ben altijd stijf en heb pijn in mijn rug. Vervolgens: wegen. Heel bewust een ontbijt maken. Zo veel gram kwark, zo veel gram muesli. Altijd alles in huis hebben, altijd voorbereid zijn. Dan de fysieke inspanning op zich. Bij de training hoeven ze nooit op me te letten, want ze weten dat ik streng ben voor mezelf.'


Een topsporter balanceert op de rand van wat het lichaam wel en niet aankan. Er waren keren dat Bosch een training afwerkte met een hartslag van 190. 'Je staat er niet bij stil, omdat het een proces is waar je van jongs af aan ingroeit. Je gaat steeds meer van je lichaam vragen. Ik ben op een leeftijd dat ik bewust en gezond kan leven, ook met voeding. Maar het zijn een hoop offers.'


Bosch zal ze niet lang meer hoeven brengen. In Londen maakte ze bekend dat ze aan haar laatste Spelen heeft meegedaan. De komende maanden gaat ze nadenken over het toernooi waar ze het best afscheid kan nemen van de sport. Maar dat ze stopt, staat vast. Ze kan heftig verlangen naar de dingen die normaal nooit mochten, omdat ze moest trainen en op haar gewicht moest letten. Straks mag ze een kaasplankje na het eten, zegt ze. Ze kijkt ernaar uit.


'Ik ga de komende periode alleen maar leuke dingen doen. Naar Lowlands bijvoorbeeld. Waarom, weet ik ook niet. Mensen hebben er al om gelachen: diva Bosch gaat in een tent liggen. Jahaa. En ik ga skiles nemen.'


Ze is klaar voor het gewone leven, zegt ze. Althans, dat denkt ze. 'Omdat ik er niet bang voor ben. Ik laat het op me afkomen. En met de instelling die ik nu heb, kan dat toch ook?'


Het was een van bijzonderste scènes uit de documentaire die de NOS over haar maakte. Bosch, in gesprek met drie concurrentes, over kinderwensen en gebroken relaties. Nu ze 32 is, krijgt ze de vraag vaker dan ooit: wordt het niet eens tijd dat ze een gezin gaat stichten?


Had ze niet gejudood, dan was ze waarschijnlijk al moeder geweest, zegt ze. 'Maar ook dan was ik tegen datgene aangelopen waar ik nu tegenaan liep. Alleen was ik dan moeder geweest. Dat zou nog veel moeilijker zijn geweest.'


Kinderen komen nog wel, zegt ze. Net als een man die haar leven zou kunnen verrijken. 'Ik wil eerst nog een hoop andere dingen ontdekken. Maar ontmoet ik niemand, dan is het óók goed. Er ligt geen druk op. Ik kom wel iemand tegen.'


Wat voor een man moet het zijn?

'Het moet iemand zijn met een goede babbel. Ik ben best wel een beetje dominant, kan ik gerust zeggen. Meestal denk ik al snel: je bent een leuke gast, maar ik ga erop en erover bij je. Dat gaat niks worden. Veel mannen houden niet van een sterke vrouw.'


Bedoel je lichamelijk of geestelijk?

'Tegenwoordig is het allebei bij mij. Ik moet wel kunnen stoeien met mijn lover. Ik ben zo enthousiast dat ze toch wel een keer zwichten voor dat fysieke van mij. Heel veel mannen zoeken een vrouw die hen op een voetstuk plaatst en ja en amen zegt. Ik ben wel een eigen individu. Maar ik ben ook onwijs verzorgend. Ik zie wel wat er op mijn pad komt.'


Eigenlijk ben je op zoek naar niets.

Stralend: 'Dat is wel een mooie zin. Zo is het, ja. Ik voel me goed, ik voel me gelukkig.'


CV EDITH BOSCH

31 mei 1980 Geboren in Den Helder


1996 Wereldkampioen junioren


2000 Zevende op de Olympische Spelen in Sydney


2004 Europees kampioen (daarna nog drie keer, voor het laatst in 2012)


2004 Zilver op de Olympische Spelen in Athene


2005 Wereldkampioen


2008 Brons op de Olympische Spelen in Peking


2012 Brons op de Olympische Spelen in Londen


Bosch judoot in de klasse tot 70 kilo


WERELDNIEUWS

Was ze toch nog even wereldnieuws bij de Olympische Spelen. De beuk die Edith Bosch uitdeelde aan een man die een flesje op de baan gooide voor de door Usain Bolt gewonnen 100 meterfinale, ging de hele wereld over. Grote kranten en tv-stations als CNN berichtten over haar actie, die al snel als een olympische heldendaad werd bestempeld. Het twitterbericht dat Bosch plaatste net na het voorval werd meer dan drieduizend keer geretweet.


Bosch verbaasde zich er maandagochtend, tijdens dit interview, over. Later die middag moest ze zelfs de nationale en internationale pers te woord staan, voor het olympisch dorp. Dat was wel iets te veel van het goede, vond ze. 'Ieder ander had toch hetzelfde gedaan als ik?' En nog het ergste van alles: de judoka heeft niets gezien van Bolts overwinning. Want tijdens die 9,63 seconden schoot de beveiliging te hulp en wees Bosch de man aan, waarna die hardhandig werd afgevoerd. Bosch: 'Dat heb ik weer.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden