Column

Ik had al lang geleden afscheid genomen van Willibrord Frequin

Achteraf op zoek naar vooruitwijzing: het 'laatste interview' als obscure hobby.

Willibrord Frequin.Beeld anp

Daar was het weer: het laatste interview. Nu met Willibrord Frequin - 'de brutaalste oud-verslaggever van Nederland' - in een intrigerend gesprek met de Volkskrant. Altijd op je tellen passen wanneer het onderwerp zijn Laatste Woorden aankondigt. Op tv hebben al vaak vertrouwde gezichten hun afscheid van het medium aangekondigd, om later doodleuk terug te keren.

Sinds een 'operatietje' (aan zijn hart) en een 'tumortje' (aan zijn been) geeft Frequin 'afscheidsetentjes'. Elk kwartaal opnieuw - daar had je het al.

Het 'laatste interview' is een wat obscure hobby van de media. Het is zelden (soms wel) het beste gesprek met de aspirant-betreurde, maar altijd goed voor vermelding in het necro'tje, het ietwat pejoratieve jargon voor het postuum in de media.

Niet het gezegde, maar het feit dat HP/De Tijd stomtoevallig vrij kort voor zijn zelfmoord met Joost Zwagerman had gesproken, was de waarde van het fluks gepubliceerde stuk, dat op Blendle het meest gelezen van 2015 zou blijken. Lezers achteraf op zoek naar vooruitwijzing.

Gelukkig rechtvaardigde de fijnzinnige pen van Steffie Kouters de vier pagina's die de krant had uitgetrokken voor de ontmoeting met Frequin. Die was besprenkeld in café Moeke Spijkstra, zijn 'tweede huiskamer'. Dat hij dagelijks zes Irish coffee nuttigt, was overdreven: 'Twee, en als ik echt uithaal drie.' Ik turfde een inleidend biertje, een rode wijn, een Irish coffee en 'een drankje' met een beller, mits die op tijd kwam. De oude dag gedrenkt in matigheid.

Groenten blieft hij niet, zijn gebakken tong bestelt hij 'zonder gras'. Desondanks viel er veel te kauwen aan de ontbijttafel, zo niet weg te slikken. Over de beruchte 'hoofdenaffaire', waarin hem uiteraard geen enkele blaam trof. Over zijn reportages langs het wereldleed: 'Als je kindjes ziet sterven, met van die ribbetjes, hè, dat is gewoon zo verschrikkelijk.'

'Met van die ribbetjes.'

Mij trof het zinnetje over zijn (vierde) vrouw Gesina: 'Felrode lippen - Willibrord ziet vrouwen graag verzorgd, in rok en op hak.'

Ik heb die vrouwen gezien. In het Spaanse restaurant Centra, zijn derde huiskamer op de Amsterdamse Wallen. Ik zat er met iemand die Bekend is, wat een magneetwerking had op Frequin. 'Ken ik u niet van televisie?', riep hij mijn disgenoot nadrukkelijk halfhard toe. Hij richtte zijn imposante rode neus mijn kant op: 'Ik weet wel wie jíj bent, hoor.' Die toon dankte ik aan de krant: in zijn Misschien Wel Laatste Interview klaagde hij dat die nooit een goed woord voor hem over had. (Mij trof uiteraard geen enkele blaam.)

Frequin had twee vrouwen aan zijn zijde: een ex en zijn Gesina. Rok, hak, rode lippen. Zij hadden nog iets gemeen: hun donkerblauwe mantels. Hij doet al zijn vrouwen dezelfde cadeau, zei hij.

Ik en mijn tafelgenoot zagen hem met vrolijke meewarigheid gaan. Daar realiseerde ik me dat ik al lang geleden afscheid van hem had genomen. Voorlopig dan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden