'Ik geloof te hard in de liefde'

Op zijn sterfbed komt het toch nog goed tussen Griet Op de Beeck en haar vader. Niet dat ze veel praten, maar hij luistert in uiterste concentratie als ze hem voorleest uit haar voor hem confronterende roman.

Vier maanden had ze nodig, toen was haar debuutroman af. Maar het duurde 39 jaar om er te komen. Op de Beeck: 'Ik heb heel lang niet willen geloven dat ik een schrijver was. Als kind dacht ik al dat ik later een boek zou schrijven; dat was een zekerheid zoals dat ik groot zou worden en borsten zou krijgen. Maar ik was zo onzeker, dat ik het plan keurig heb opgeborgen.'


Het kwam toch: de Vlaamse Griet op de Beeck (39) schreef Vele hemels boven de zevende - en het is een succes. Vorige week gaf de Volkskrant het debuut vijf sterren, binnen drie weken stond het boek in de toptien van de Vlaamse boekwinkels (op vier, na de Vijftig tinten-trilogie), Tom Lanoye, Peter Verhelst en Jan Leyers hebben zich fan verklaard.


'Het moment dat ik begon met schrijven, kreeg ik zo'n weldadig gevoel', zegt ze. 'Alles moest wijken. Twee dagen nadat ik het af had, lag het bij twee uitgevers, die allebei binnen een dag hebben laten weten dat ze het wilden hebben. Een Speedy Gonzalez-verhaal.'


Op de Beeck, die komt aanrijden in een knalgele VW Kever, praat even snel als ze kan schrijven. Dat deze krant haar vorige week verwarde met Greet Op de Beeck, een Vlaamse tv-persoonlijkheid met een liefdesschandaal op haar kerfstok, heeft ze al vergeven. 'Ik ben een positief mens', zegt ze. 'Ik ben daarom gestopt met recenseren - ik wil niemand afzeiken.' Op de Beeck heeft een wekelijkse column over kunst in De Morgen en werkte tien jaar als dramaturg.


In Vele hemels boven de zevende spreken vijf personages om beurten: de oude Jos, zijn dochters Eva en Elsie, Elsies dochtertje Lou, en haar buitenechtelijke minnaar Casper. Alle vijf hebben ze hun eigen worstelingen met het leven, alle vijf zoeken naar geluk. Terwijl de lelijke Eva vooral anderen ter wille wil zijn, ziet de alcoholische Jos het leven gelaten aan, en gaat Casper vol voor zijn grote liefde Elsie.


Geen autobiografisch boek, zegt ze, 'maar wel een walgelijk persoonlijk boek. De thematiek herken ik in mezelf. Vroeger dacht ik: in het leven loop je kwetsuren op. Laat ik dat maar aanvaarden en er zo hard mogelijk om lachen. Maar die houding is gekanteld de laatste jaren. Ik geloof intussen dat je voorbij die beschadigingen kunt komen, in plaats van het wegstoppen. Het schrijven van dit boek was geen therapie, eerder het bewijs dat ik de verwerking daarvan achter de rug heb.'


Wil je daar iets over kwijt, over die beschadigingen?

Aarzelt even, formuleert zorgvuldig: 'Ik kom uit een gezin waar onvoorwaardelijke liefde en waardering niet vanzelfsprekend was. Het was geven en nemen, er werd manipulatief met me omgegaan. Al op heel jonge leeftijd moest ik de verantwoordelijke volwassene zijn. Dat heeft mij enorm geremd in mijn verdere leven. Omdat ik in de grond geloofde dat ik niets waard was. Mensen zien mij als een assertief wijf dat het allemaal op een rijtje heeft, maar ik weet dat daaronder een meisje met een bibberlip zit.'


Wanneer besloot je daar wat aan te doen?

'Ik kreeg anorexia toen ik 26 was. Ik woog nog 38 kilo, op het laatst. Toen dacht ik: dingdong, er is hier iets niet helemaal goed, misschien moet je toch eens goed naar jezelf kijken. Dat zit ook in het boek, dat je zelf de keuze hebt. Iedereen sleept miserie mee. Sommige mensen geven het op, zoals Jos, die het probeert van zich af te duwen. Maar Elsie durft te kiezen voor zichzelf.'


Toen Op de Beeck hoorde dat haar boek uitgegeven zou worden, lag haar vader net een week met kanker in het ziekenhuis. Zes weken later stierf hij. 'Mijn vader vond het moeilijk zijn gevoelens te tonen. Hij was van het wegstoppen, net als Jos. Toen ik vermoedde dat de tijd nog maar kort zou zijn, ben ik toch gesprekken met hem aangegaan over het verleden. Maar al gauw werd spreken fysiek te vermoeiend voor hem. Op een dapper moment heb ik voorgesteld: zal ik anders uit mijn boek voorlezen? Tot mijn verbazing - hij wist dat dat confronterend kon worden - heeft hij daar enthousiast op gereageerd. Zonder inhoudelijk commentaar te geven, liet hij zich wekenlang voorlezen, in uiterste concentratie, terwijl hij zo zwak was.'


Haar laatste bezoek voor zijn dood was op zijn verzoek een extra lange sessie, zodat hij tussendoor kon slapen. 'Ik draai mij om om mijn laptop op te bergen, en hij zegt: 'Wat een ongelooflijk goed idee is dat geweest zeg, om u te maken.' Dat was voor mij een enorme erkenning. Mijn boek heeft een cruciale rol gespeeld in mijn relatie met mijn vader, op een onverwachte manier.'


In het boek zegt Lou: er zijn geen slechte mensen, alleen ongelukkige.

'Ik geloof in essentie in de wezenlijke goedheid van de mens. Iedereen is het resultaat van zijn achtergrond. Het boek gaat ook over hoe moeilijk het is daaraan te ontsnappen.'


Toch twijfel ik of het boek een pleidooi is voor de maakbaarheid van geluk, of juist tegen.

'Ik geloof in de maakbaarheid van het leven. Je moet wel geloven dat je iets aan je geluk kunt doen. Veel mensen schroeven zichzelf vast in een rol: 'Ik ben de perfecte vader, die nooit het gezin in de steek zal laten', of: 'Ik ben het meisje dat voor iedereen goed doet, anders mag ik niet bestaan'. Die rol laat je moeilijk los. Maar voor mij laat mijn boek zien hoe juist het kan zijn dat wel te doen.'


'Tristesse is niet sexy', schrijf je.

'Mensen vinden je alleen leuk als je lacht om je miserie, dacht ik jarenlang. Al van jongs af aan vertelde ik woeste verhalen over wat ik thuis weer had meegemaakt. Iedereen lag plat van het lachen, maar eigenlijk was het om te janken. Ik durfde lang geen hulp te vragen, omdat ik bang was dat mensen me zouden afwijzen, omdat ik niet de eeuwige lollige ben.'


Je laat van alle personages in het boek hun droefheid zien.

'Hoe daarmee om te gaan, dat is de zoektocht van het leven. Voor iemand die nooit onvoorwaardelijke liefde heeft gekend, is het moeilijk dat aan iemand te tonen.'


Heb je zo iemand bij wie dat kan?

'Ik ken de grote liefde. Maar ik heb wel geleerd dat een mens vooral zichzelf moet redden.'


De structuur en thematiek van Vele hemels doet met zijn meervoudig vertelperspectief denken aan De Metsiers van Hugo Claus. Op een literaire avond werd Op de Beeck gevraagd een passage over de liefde voor te lezen die verwant is aan de grote schrijver. Ze lacht: 'Maar de meeste van mijn fragmenten over de liefde lijken totaal niet op Claus. Ik geloof te hard in de liefde.'


Het boek eindigt niet alleen triest, maar ook hoopvol. Ze beseft heus wel, zegt ze, dat 'ellendige eindes' voor sommige lezers interessanter zijn. 'Maar het laatste hoofdstuk klopt met wie ik nu ben. There's always a way out, wilde ik zeggen.'


CV GRIET OP DE BEECK

1973 Geboren in Turnhout, België


1996 - 2006 Dramaturg voor onder meer het Toneelhuis


2006 Schrijft voor Humo


2010 Begint bij De Morgen, columns en interviews


2013 Debuut Vele hemels boven de zevende


DIRECT EN ONGEVEINSD

'Het is lichtvoetig, scherp en zacht. Het is alledaags banaal en het is poëzie. Het prozadebuut Vele hemels boven de zevende van de Vlaamse Griet Op de Beeck is een complete verrassing. (...) Op de Beecks verteltoon is direct en ongeveinsd, wat goed zichtbaar is in de gemoedsbewegingen van haar personages. Hard cynische dialogen als er ruzie heerst, innige tweespraak in geval van verbroedering.'


Uit de Volkskrant van 23 februari 2013


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden