Ik ga een uiterst vermoeiende opa zijn straks

Thomas van LuynBeeld Robin de Puy

Kaarten schudden heb ik nooit gekund. Ik zeg dan: 'Zal ik de kaarten even schudden?' en pak het stapeltje, schud het als een cocktailshaker heen en weer en leg het terug op de tafel. Meewarige blikken van iedereen die deze grap al honderd keer heeft moeten ondergaan. Hij is het neefje van 'wie het hoogste gooit', en dan de dobbelstenen tegen het plafond smijten.

Ik ga een uiterst vermoeiende opa zijn straks.

Maar nu speel ik Uno met mijn zoon. Uno is hetzelfde kaartspel als pesten, maar dan uitgegeven door een gehaaide spellenfabrikant. Waarschijnlijk dezelfde boef die Zeeslag en Galgje in plastic vorm heeft uitgebracht. Hoe dan ook: we spelen kaart en ik ben een papa, en papa's kunnen alles, nietwaar, dus ook kaarten schudden. Hoe deed mijn oma dat toch? Zij was een verdienstelijk bridgespeler en kon schudden als een professionele casinodealer: Frrrt, frrrt. Tiktiktik. Klaar. En met een sigaret tussen de vingers hè? kingsize Dunhills, als ik het wel heb. Aangestoken met een grote chromen tafelaansteker. Deens ontwerp, want dat was zij zelf ook.

Ik pak de kaarten, verdeel ze nauwkeurig in twee gelijke stapeltjes, hou ze tegenover elkaar en duw ze langs mijn duimen. Frrrrrrrrrt. Alle 52 schieten ze een andere kant op en de tafel ziet eruit alsof er een explosie in de kaartenfabriek heeft plaatsgevonden. 'Kut', zeg ik, en daarna: 'Ik bedoel shit.' Want ik ben een verantwoordelijke vader.

Ik raap de boel van heinde en verre weer bij elkaar en opteer ditmaal voor de veiligere schudmethode: het stapeltje een beetje van de ene hand naar de andere hakken. Een volkomen futiele actie, daar een wiskundige mij ooit vertelde dat je zo de hele stapel tienduizend keer zou moeten schudden om tot een egale spreiding te komen. Dat blijkt ook als ik de kaarten deel. Omdat je in Uno meestal een kleur op dezelfde kleur moet leggen, klitten de kleuren in de stapel nogal bij elkaar. Na het delen blijken we beiden uitsluitend rode kaarten te hebben. Het schudden heeft nul effect gesorteerd. Mijn zoon begint achterdochtig te kijken.

Dan maar 'wassen'. Dit is de meest infantiele vorm van schudden. Je legt ze op tafel, wrijft er wat over en veegt de boel weer bij elkaar. Het ziet eruit alsof je een kleuter met dyspraxie bent, maar dezelfde wiskundige vertelde me dat dit de effectiefste manier van schudden is. Wie het een minuut lang doet, heeft een volkomen random stapel. Alleen staat het dus zo ongelofelijk amateuristisch dat casino's het niet doen.

Even later zijn de kinderen naar bed en tik ik op YouTube 'shuffle cards' in. Magisch. De ene na de andere tovenaar tart de natuurwetten door kaarten keurig in het gelid elke willekeurige richting op te sturen. Het ziet eruit als valsspelen: ofwel hun handen zijn magnetisch, of de kaarten zitten aan elkaar vast, een normaal mens kan dit toch niet. Niet aanstellen Van Luyn, oefenen. Ik begin maar weer met de Riffle Shuffle, de methode van mijn oma die bij mij een kaartenexplosie opleverde. Twee gelijke stapeltjes. Duimen langs de ene rand, ring- en middelvinger langs de andere, het midden naar binnen drukken met de wijsvinger, en dan... Frrrrrt. Terwijl ik ze uit mijn overhemd vis, denk ik: alweer iets waarmee ik op mijn 6de had moeten beginnen.

Reageren? t.vanluyn@volkskrant.nl, @thomasvanluyn

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden