'Ik dacht dat het een raket was'

Met de bomaanslag in Tel Aviv heeft het conflict met de Palestijnen het commerciële hart van Israël bereikt. Dat hakt erin. 'Ik was voor een bestand, nu weet ik het niet meer.'

TEL AVIV - 'Vanaf nu lift ik weer, ik ga niet langer met de bus.' De Israëlische vrouw is heel stellig. Anderhalf uur eerder is tweehonderd meter verderop in bus 142 een bom ontploft. Zeker 21 gewonden zijn er, van wie twee ernstig. Het was zes jaar geleden dat er voor het laatst een grote aanslag werd gepleegd in het commerciële en artistieke hart van Israël. 'We hebben lang in een luchtbel geleefd, maar dat is voorbij', zegt een jonge dienstplichtig soldaat.


Woensdag even voor het middaguur ontplofte de bom in een bus in de Koning Shaulstraat in Tel Aviv. Volgens een politiewoordvoerder was het geen zelfmoordaanslag. Omstanders zagen 'een of twee mensen' een pakketje in de bus deponeren en vervolgens wegrennen. Een van de daders zou een vrouw zijn. Er zaten niet veel mensen in de bus, toch raakten ten minste 21 passagiers en passanten gewond.


De locatie is symbolisch: niet ver van de Kirya, de wijk waar de generale staf van het Israëlische leger (IDF) huist. Vandaaruit wordt al een week 'Operatie Verdedigingszuil' tegen militanten in Gaza gecoördineerd. Yael, een jonge vrouw, kijkt naar de zwartgeblakerde bus: 'Het is alsof Hamas een middelvinger naar ons opsteekt: jullie zijn nergens veilig. Een staakt-het-vuren kunnen we nu wel vergeten.'


Hoewel Hamas niet direct de verantwoordelijkheid voor de aanslag opeiste, werd het nieuws in Gaza met gejuich ontvangen. Militanten schoten hun wapens in de lucht leeg. Ook in sommige plaatsen op de Westbank, waar het steeds onrustiger wordt, klonken vreugdekreten. 'Hamas zegent de aanslag', aldus een woordvoerder. 'We zien het als een antwoord op het bloedbad dat Israël in Gaza aanricht.'


Bij de laatste grote aanslag in Tel Aviv, zes jaar geleden, doodde een Palestijnse zelfmoordterrorist elf mensen bij het centrale busstation. De aanslag kwam een jaar na het einde van de Tweede Intifada, de opstand die zeker duizend Israëliërs en 3.400 Palestijnen het leven kostte. In die tijd meden veel Israëliërs bussen en restaurants.


Daarna bleef Tel Aviv zo goed als gevrijwaard van politiek geweld. Daar waar in het zuiden en noorden geregeld raketten van Hamas of Hezbollah landden, leefden de inwoners van Tel Aviv in hun relatief veilige 'luchtbel'; ook al spookte het in andere delen van het land, het hedonistische leventje in de kustplaats kende geen sluitingstijden. Veel gehoord in Israël: 'Er zìjn al twee staten, Israël en Tel Aviv.'


Eind vorige week werden ze weer verenigd. Donderdag klonk voor het eerst in ruim twintig jaar de sirene vanwege de raketten uit de Gazastrook. Goed gericht waren ze niet; de raketten vielen in zee of op lege stukken land.


Toch reageerden veel inwoners geschokt. Zij herinneren zich de duistere tijden van de Eerste Golfoorlog, toen de Iraakse dictator Saddam Hoessein zijn scuds op de stad afstuurde.


Afgelopen zaterdag werd ten zuiden van de stad een Iron Dome-installatie geplaatst. Het antiraketsysteem is in het zuiden van Israël al succesvol: het plukt liefst 85 procent van de door Hamas afgeschoten langeafstandsraketten uit de lucht.


Maar het systeem is niet waterdicht, erkent een legerwoordvoerder. 'Als de sirene klinkt, moet de burger nog steeds snel naar trapportaal of schuilkelder.' De Iron Dome biedt een vals gevoel van veiligheid, zegt hij.


Israëliërs krijgen dezer dagen op straat een landkaartje uitgereikt met de mogelijke 'vluchttijden' van projectielen die vanuit de Gazastrook worden afgevuurd. Net over de grens, in Sderot, moet je net zo snel zijn als Usain Bolt als je 150 meter moet overbruggen wanneer de sirene klinkt: er resteren vijftien seconden voor de inslag.


In de verder gelegen steden Tel Aviv en Jeruzalem is er na het alarm anderhalve minuut tijd om een veilige plek te bereiken. Maar een voetganger in zo maar een straat heeft vaak geen idee waar schuilkelders zijn.


In Tel Aviv gaat het gesprek woensdag niet over langeafstandsraketten en onvindbare schuilkelders. 'Het is beangstigend', zegt Yael. 'Ik dacht eerst dat het een raket was en de sirenes niet hadden gewerkt.'


Naast haar ontstaat een felle discussie over de mogelijke gevolgen van deze aanslag. Een oudere man zegt: 'Bibi (premier Netanyahu) moet het karwei nu voor eens en altijd afmaken. Hij moet een grondoffensief in Gaza beginnen. Rook ze uit!'


Yael knikt: 'Het is ongehoord welke ellende de bevolking in het zuiden de laatste jaren heeft moeten doormaken. We gaven de Palestijnen Gaza, en wat kregen we terug: Hamas en duizenden raketten! Tot vandaag was ik voor een bestand, nu weet ik het niet meer.'


Een jonge dienstplichtige, het geweer achteloos over de schouder, verkiest vooralsnog een staakt-het-vuren. 'Praten is altijd beter dan vechten', zegt hij. 'Ik hoop dat Hillary Clinton succesvol is in Caïro.'


Hij kijkt er bedenkelijk bij.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.