‘Ik ben nu eenmaal gek op klassieke soul’

James Hunter..

baarn ‘Zeggen dat ik er de tijd voor genomen heb, lijkt me het understatement van het jaar. Al 22 jaar word ik als veelbelovend gezien, maar die belofte invullen, dat bleek niet mijn sterkste kant.’

James Hunter schiet er van in de lach zoals hij dat in de lobby van kasteel Hooge Vuursche in Baarn, voortdurend doet. De 45-jarige Brit is in Nederland voor een paar radio-optredens ter promotie van zijn nieuwe plaat The Hard Way, stilistisch een vervolg op het twee jaar geleden verschenen en zeer goed ontvangen People Gonna Talk.

‘Ja, en net zo ouderwets, zoals dat heet. Maar ik ben nu eenmaal verslingerd aan het klassieke soul en r & b-geluid. Sam Cooke, Jackie Wilson en Ray Charles. Na hen zijn er veel andere zangers gekomen, maar geen betere.’

Hunter spreekt liever over tijdloos dan ouderwets, en beseft dat hij eindelijk het tij mee heeft. ‘Neem Duffy of Amy Winehouse, die neigen ook veel meer naar oude soul dan naar Mary J. Blige, en niemand noemt hun muziek ouderwets.’

Hunters loopbaan in de muziek begon zo midden jaren tachtig. ‘Ook in een periode dat klassieke soul en blues in de mode raakte, omdat Britse labels als Charly en Ace lang onverkrijgbare soulplaten gingen heruitbrengen.’

Hunter, in het dagelijks leven werkzaam bij de spoorwegen, begon in de band Howlin’ Wilf And The Vee-Jays. ‘Meer blues en rock ’n’ roll, alleen niet erg goed. Die drie platen mogen van mij nog lang vergeten blijven.’

In 1996 bracht hij Believe What I Say uit, waar alle ingrediënten van zijn huidige werk al aanwezig zijn. Soulvolle zang, spetterend koperwerk, en gedreven rhythm & blues composities. ‘Wat ik toen al deed, was werken met twee blazers: een tenor- en een bariton-saxofonist. Het geluid van die twee instrumenten zegt me meer dan twaalf blazers bij elkaar. Ik ben er aan vast blijven houden.’

Hoewel de plaat indertijd goed werd opgepikt, mede door de bijdragen in twee liedjes van Van Morrison, raakte Hunter weer snel uit zicht. ‘Eigen schuld, niet dat het me aan ambitie ontbrak, maar ik ben nu eenmaal heel slecht in netwerken of mezelf promoten. Ik speelde veel, vooral op straat in Camden waar ik best wat ophaalde, en vond het prima zo. Ik kom blijkbaar pas in actie als iemand daar om vraagt. Zoals begin jaren negentig Van Morrison. Die had me een keer horen zingen en vroeg me als achtergrondzanger. Ik ben toen een paar jaar met hem op tour geweest. Maar pas echt iets geleerd heb ik van hem in de studio. Hij kwam in tien minuten zijn bijdragen inzingen, en zijn techniek, vooral in het omgaan met de microfoon, was zeer leerzaam.’

Een ander belangrijk duwtje in de rug kwam in 2003 – ‘toen ik niet meer rekende op een fulltime-muzikanten bestaan’. Een fan, Steve Erdman Hunter, benaderde hem met het verzoek een plaat op te nemen. ‘Dat werd People Gonna Talk, die een paar jaar op de plank bleef liggen omdat Steve en ik geen distributeur konden vinden. Of ik was te oud voor een marketingconcept, of de muziek paste niet in deze tijd. Dat soort argumenten. Gelukkig hapte Rounder uiteindelijk toe.’ Lachend: ‘Daar werken ze alleen maar met blues- en countryartiesten die nog veel ouder zijn.’

People Gonna Talk verkocht behoorlijk en leverde Hunter een Grammy nominatie op. ‘In de categorie bejaarde artiesten. Tussen Ike Turner die won en Dion. Ik voelde me ineens weer echt jong.’

Er kwam interesse van grote platenmaatschappijen en met een behoorlijk budget van Universal, kon Hunter uiteindelijk zijn nieuwe plaat The Hard Way opnemen. ‘In de Londense Toe Rag studio, beroemd om de analoge apparatuur, en sinds de White Stripes er opnamen twee keer zo duur.’ Vijf instrumenten op een spoor, dat geeft pas een mooi geluid. Bovendien dwingt het de muzikanten goed samen te spelen want je kunt niet een instrument wegfilteren.’

Een volle live-sound, dat is wat je volgens Hunter vandaag de dag op veel te weinig platen hoort. ‘Dat plakken en knippen met de computer is niks voor mij. Daar zit geen soul in. En weet je wat volgens mij mijn muziek ook zo anders maakt, is dat ik niet als Stevie Wonder maar als Sam Cooke wil zingen. Iedere r & b of nu-soul zanger wil vooral als Stevie Wonder klinken, terwijl zingen van al zijn enorme talenten net het minst ontwikkeld was. Iemand die zoals ik meer houd van rauwere stemmen, klinkt ineens weer heel oorspronkelijk. Ha, ik ben niet meer ouderwets maar juist vernieuwend.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden